Hoe schrijf je? Lessen van Anne Tyler

Van schrijfster Anne Tyler heb ik Vinegar Girl gelezen, een Shakespeare hertelling. Zaterdag stond er in de Volkskrant een interview** met haar, over haar manier van werken. De samenvatting van haar interview? Ze bedenkt het liefst wat er door het hoofd gaat van iemand die heel normaal lijkt. Micah, de hoofdpersoon in haar nieuwste boek Redhead by the side of the road is de gewoonste man die je maar kan voorstellen.

De blauwe doos

Maar wat me meer fascineerde was haar manier van werken. Ze blijkt een blauwe doos te hebben, een doos die nu een andere kleur heeft.

Als ik een vreemd zinnetje hoorde of op straat een glimp opving van iets dat een verhaal kon worden, schreef ik het op een indexkaart die ik in dat doosje stopte. Het werden er wel een paar honderd, zodat ik later een lange, zwart-witte archiefdoos moest aanschaffen.

Ze neemt die doos en die kaartjes als ze een nieuw boek probeert te bedenken en neemt ze allemaal door. Sommigen zijn van veertig jaar geleden en zijn nu pas bruikbaar. Met een stapel van één tot twee centimeter dik gaat ze zitten plotten, ze maakt een overzicht van één pagina. De kaarten horen vervolgens bij bepaalde hoofdstukken. Ze vergelijkt het met een recept, je krijgt zes ingrediënten, zie er maar een samenhangend gerecht van te maken. Hoe krijg je al deze dingen bij elkaar? Met dat proces is ze een maand bezig. Vervolgens gaat ze schrijven, en daar heeft ze een hekel aan. En dat vond ik zo vreemd, een schrijfster die haar eerste boek publiceerde in het jaar dat ik geboren werd, twintig romans heeft gepubliceerd en de Pulitzer Prize heeft gewonnen voor Breathing Lessons. Maar ze heeft een hekel aan schrijven. Dialogen schrijven daarentegen vindt ze geweldig.

Als ik bij de dialogen kom, vind ik dat gewoon geweldig, want… ja, ik weet waar het gesprek over zou moeten gaan, ik schrijf de eerste zin, en wanneer iemand zou moeten antwoorden, weet ik wat er moet komen, en daarna, en daarna. Het gebeurt gewoon. En zo komt het dat ik soms helemaal alleen in mijn schrijfkamer zit en hardop moet lachen omdat iemand iets grappigs zegt. Het is niet dat ik dan lach om mijn eigen grappen. Ik weet dat het gek klinkt, maar ik wed dat je andere schrijvers ook wel hebt horen zeggen dat personages tegen ze praten.

Afsluiten

Ze blijkt een nieuwsgierige en betrokken vrouw te zijn. De journalist wordt aan het eind van dit interview de hemd van het lijf gevraagd over de situatie in Nederland. Hoe hebben Nederlanders het tijdens corona? Lijden mensen onder de maatregelen? Het lijkt voor Tyler de reden te zijn geweest om in te gaan op het interviewverzoek. Maar daarna sluit ze echt af, want ze moet gaan demonstreren.

Liever geen held: interview met Anne Tyler / Sander Pleij. – De Volkskrant 4 juli 2020

Minibiebs in Den Haag deel 6: Hoogkarspelstraat

Op deze extreem winderige zondag prijs ik me gelukkig dat ik vorige week twee minibiebs heb gefotografeerd. Het Laaktheater was vorige week aan de beurt, deze week komt de Hoogkarspelstraat aan bod.

Hoogkarspelstraat

De minibieb in deze straat staat voor het wijkcentrum Leyenburg. Een goede plek, centraal, bij een ontmoetingsplek in de wijk, zelfs al is dit beperkt geopend door de coronamaatregelen. De beschildering valt op, dezelfde schilder is aan het werk geweest bij de minibieb op het Monnickendamplein. Die tekst op de zijkant (kijk vooral in mijn Flickr photostream) komt uit een sprookje, namelijk Vrouw Holle. Het is een goed gevulde minibieb met van alles erin. Konsalik, waarvan ik vreselijk veel heb gelezen jaren geleden, A.M. de Jong, een Shell stratenboek, totaal overbodig met Google maps. Jacob van Lennep, met Ferdinand Huijck, en Margreet van Hoorn, een oude bekende van me, staat er ook in met een trilogie. Ik heb niet gekeken welke boeken het zijn en dat had ik toch even moeten doen, want Goodreads voorziet niet in de informatie. En dan zit er één fascinerende titel in waarvan ik op het eerste gezicht niet eens weet welke taal het is. Molitva Moje Majke door Nafisa Hadzi blijkt een Kroatische editie van een oorspronkelijk Amerikaans boek te zijn, is vertaald als De hand van mijn moeder en gaat over de rebelse dochter van een Pakistaans moslim migrantengezin in Amerika en haar traditionele moeder. Een interessante vondst in een minibieb, maar ik ben wel benieuwd wie het eruit gaat halen.

P6280012

Tips voor leuke minibiebs in Den Haag zijn welkom. Ik heb meerdere foto’s gemaakt die in mijn Flickr photostream staan. Ik heb ze gemaakt op zondag 28 juni 2020. Deel 1 van de serie kan je hier vinden. Deel 2 kan je hier vinden. Het derde deel kan je hier vinden. Hier is het vierde deel. Deel vijf is hier.

Boekenupdate voor de zomer

Ja, mijn leeslijst is lang. En mijn lijst van te lezen boeken is nog langer, maar er verschijnen zoveel leuke boeken. Maar ik ga niets kopen, want ik heb mezelf weer op een verbod van kopen gezet. Wel zie ik leuke titels, bijvoorbeeld in het weekend magazine van FD, want die lees ik tegenwoordig.

Wat is interessant?

FD heeft een zomerleeslijst, waarvan ik niet alle titels interessant vind. Ik heb bijvoorbeeld helemaal niets met Arnon Grunberg, wiens Bezette gebieden wordt genoemd. Wat ik wel interessant vind, en dat is helemaal eigen voorkeur, is Olga Tokarczuk. Deze Poolse schrijfster heeft in 2018 de Nobelprijs voor literatuur gewonnen. De FD noemt haar met Jaag je ploeg over de botten van de doden, het is volgens FD een moordmysterie met een sterke plot en het heeft een verdraaid goede beschrijving die het enorm interessant maakt. Dan Richard Russo, met Er is een kans, een vreemd vertaalde titel naar mijn idee, maar de oorspronkelijke titel is Chances are… Letterlijk dus. En het heeft een fantastische cover.

Nog meer?

Oh ja, Elizabeth Jane Howard, wiens boek The Long View vertaald is als Welbeschouwd. Het boek is een verslag van de dood en geboorte van een relatie. In die volgorde. Ik ben gefascineerd en geïnteresseerd. Howard is blijkbaar bekend geworden met de Cazalet chronicles die ik niet ken, maar die ook interessant lijken.

Genoeg

Er verschijnt zoveel moois en ik heb hier alleen beschreven wat mij mooi lijkt. En dan heb ik hier alleen de zomerleeslijst van het Financieele Dagblad bekeken. Lieve lezers, lees wat u aanspreekt. Smaak is subjectief, dat is maar goed ook, want anders zouden we niet met zijn allen zoveel verschillende boeken lezen en mooi en leuk en interessant en spannend en romantisch vinden. Verzin nog wat superlatieven. Maak wat van die zomerleeslijst. Lees met plezier en geniet er van en laat vooral horen in de reacties wat jullie deze zomer lezen.

Gezapig: #WOT deel 27, 2020

Ik schrijf verhalen. Niets hoogstaands dat een literatuurprijs kan krijgen, maar gewone verhalen waar ik zelf veel plezier uit haal. Mensen die mijn verhalen lezen weten dat Dineke en Joris vaak de hoofdrol spelen en dat de actualiteit in mijn verhalen doorwerkt. Zo ook in het laatste verhaal dat ik heb geschreven en waarin Dineke en Joris plotseling een gezapig stel waren geworden.

Gezapig = 1) al te gemoedelijk, 2) bedaard, 3) bezadigd, 4) kalm, 5) saai, 6) sloom, 7) zacht en stil, 8) zonder inspanning.

Gezapig

Het woord heeft een beetje negatieve klank. Dineke en Joris hebben niet zoveel nodig om gezapig te worden en dat betekent in dit geval saai. Spannende dingen doen ze niet op een heel warme dag in coronatijd. Aan de andere kant kan je ook zeggen, wie overkomt dat nou niet? De dagen lijken in deze tijd allemaal op elkaar nu we niet met zijn allen heen en weer reizen tussen huis en kantoor en er verder nauwelijks uit kunnen. Het leven wordt weer wat spannender nu alle regels wat worden verlicht, maar eigenlijk was het voor mij wel een periode van tot rust komen. Mijn agenda was in één keer compleet leeg gevaagd en dat voor iemand die minstens drie keer in de week in de sportschool zat en voor de rest van de avonden ook nog wel een leuke besteding had. Is het gezapig? Misschien wel, maar eigenlijk is er niets mis mee.

Schrijf je mee?

En? Wat vind je ervan? Ben je ook gezapig, of vind je dat je precies goed bezig bent? Wie weet hecht je wel een heel andere betekenis aan dit woord. Zoals elke week kan je weer meeschrijven. Laat je reactie achter onder dit bericht.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Drie maanden elke dag bloggen

En ik ben er best trots op. Drie maanden lang elke dag bloggen, elke dag weer minstens een uur besteden aan een stuk schrijven over van alles en nog wat. Meestal op de dag zelf want blogplanning heb ik nog steeds geen kaas van gegeten. Een minimale planning zit erin, één keer per week de #WOT, en voor de rest kijk ik waar ik zin in heb.

Bevalt het nog Ali?

Het bevalt nog steeds, maar ik merk wel dat ik nog hetzelfde heb als na een maand bloggen en na twee maanden bloggen. Het komt af en toe wat moeizaam, dan zit ik andermans blogs te lezen voor inspiratie en vervolgens ga ik heel ergens over schrijven.
Lengte hoeft niet meer zo nodig. Ik heb een paar vrij korte blogs geproduceerd. Dat mag als mijn energieniveau niet zo hoog ligt. En ik hergebruik plaatjes. Mag wat lui zijn, maar het is vaak wel toepasselijk.

blog

Cijfers

Met een cijfernerd ontkom je daar niet aan, lieve lezer. Ik heb 92 berichten in totaal geproduceerd, met 91 dagen is er iets dubbel gegaan. En inderdaad. De eerste keer dat ik zelf de #WOT schreef, op 23 april, schreef ik ook iets over Instagram. April was sowieso een vruchtbare maand, want op 27 april heb ik ook twee blogs geproduceerd. Ook het verhaal waar ik me ongeveer over ga schamen, namelijk mijn #twentydaystory, heeft twee afleveringen. Dat ga ik afmaken, echt. En ik heb blog nummer 500 op Stukjes geschreven, hetgeen natuurlijk ook erg leuk is.

Blogplanning

Lamenielachen. Dat zeg ik al maanden en ik mag blij zijn als ik de #WOT een dag van tevoren klaar heb. Heel optimistisch dingen in concept hebben? Niet zoveel bij mij. Mijn notitieblok gebruik ik wel meer dan voorheen. Het loont de moeite dat ding bij me te hebben. Als ik wat bedenk kan ik het noteren.

Klusjes, klusjes, klusjes

Ik heb een to do lijst, soms heel nuttig, want ik zet er klusjes op die pas in de verre toekomst hoeven te gebeuren, dan onthoud ik ze tenminste. En soms komen er dingen niet op die eigenlijk wel zouden moeten aangezien ik ze regelmatig vergeet. Het helpt natuurlijk ook niet, als je op een kersverse maandag al met tegenzin en hoofdpijn begint.

De lijst met klusjes wordt lang

  • Eentje die ik eeuwig vergeet. Ik heb een pagina op mijn website voor Instagram, hier zet ik handmatig de linkjes naar mijn blog op. Die pagina moet ik dus eigenlijk dagelijks verversen, aangezien ik nog steeds elke dag blog. Zojuist heb ik het gedaan hoor, vorige week maandag voor het laatst gebeurd.
  • Was opvouwen. Je zou zeggen, zo gedaan. Ja, klopt, als je eraan begint. Ik heb vanavond onder een webinar de schone handdoeken opgevouwen. De andere krat moet nog, daar zit schoon wasgoed in waar ik bij moet nadenken bij het opvouwen. Vorige week gewassen.
  • Oud papier. Dat ik eeuwig vergeet buiten te zetten en als ik het buiten zet wordt het niet opgehaald. Dus ik moet het meenemen als ik naar de winkel ga, want daar is een papierbak. Niet dus. Er staat veel, heel veel.
  • Plastic. Verzamelen, verzamelen en vergeten mee te nemen als ik boodschappen ga doen, die plasticbak staat naast de papierbak.
  • Boeken. Ik had al weken een stapel boeken liggen die van mij in een minibieb mochten. Gisteren ben ik een rondje wezen fietsen langs minibiebs en heb die meteen gevuld. Alle boeken weg, dat er nu al weer twee nieuwe liggen, komt omdat ik die gisteren had meegenomen.
  • Voorraad aan blogs. Ben ik eigenlijk al van plan sinds ik elke dag blog, al bijna drie maanden dus. Nou, het moet nog komen. Met als resultaat dat ik dus regelmatig achter mijn computer zit en eigenlijk niet weet wat ik moet schrijven. Wel is het me al een paar keer gelukt op woensdag een #WOT klaar te hebben voor donderdag. Voorwaar een grote prestatie. En ik heb foto’s voor nog een verhaal over minibiebs.
  • Een paar jaar geleden heb ik mijn rommelkamer opgeruimd omdat mijn badkamer zou worden verbouwd. Ik had de ruimte nodig. Nu kan ik het weer gaan doen. Het heeft wat vertraging opgelopen omdat er een hoop ligt dat gewoon weg moet en dat lukt even niet met beperkte bewegingsvrijheid door een coronacrisis. Het is een combinatieklusje want in die kamer ligt ook het oud papier, zie hierboven.
  • Ik herlas het blog over de rommelkamer en bedacht toen, gut, ja, die keuken wilde ik ook nog doen. Keuken dus, op bovenste planken kijken wat er nou eigenlijk ligt en wegdoen wat ik nooit gebruik.
  • To do lijstjes. Het leven zou eenvoudiger zijn als ik er maar eentje had. Het zijn er helaas veel. Voor mijn werk een Word document, maar de taken in Outlook gebruik ik ook. Voor thuis een Word document en losse briefjes. Dat Word document heb ik dus in mei voor het laatst gebruikt in een nieuwe poging mezelf te disciplineren. Werkt nooit lang.
to do list

Het resultaat van zo’n lijst

Waarschijnlijk kan ik over een paar maanden een nieuwe lijst maken en daar het grootste deel van deze klussen weer in opnemen. Ben ik goed in, dingen laten liggen. En beste lezer, ben je er ook goed in?

Minibiebs in Den Haag deel 5: Laaktheater

Een prachtige zondag in Den Haag, lekker zonnetje, lekkere temperatuur, prima weer om een rondje te gaan fietsen. Buiten gekomen blijkt het ook meer dan behoorlijk te waaien, maar dat houdt me niet tegen. Mijn doel is duidelijk deze middag: een voorraad foto’s van minibiebs maken. Dat blijkt aan het eind van de middag niet helemaal gelukt. Eén bieb was verdwenen door werkzaamheden, de andere kon ik niet vinden, maar ik heb er twee.

Laaktheater

In stadsdeel Laak ligt het Laaktheater, aan de Ferrandweg. Ik ken het theater al uit de tijd dat het Pierrottheater heette. Het is een cultuuranker, één van de acht in Den Haag die in het leven zijn geroepen om kunst en cultuur voor iedereen toegankelijk te maken. Ik vind het eigenlijk wel een heel geschikte plek voor een minibieb. Dit is toch een ontmoetingsplaats in de wijk. In de dagen dat ik naar mijn werk fietste, kwam ik er dagelijks langs. En deze minibieb had ik al gezien, wilde ik fotograferen en dat lukte steeds niet. Vandaag wel.

P6280001

Het eerste wat opvalt: gaas, geen plastic, semi-glas, of glas, er zit gewoon gaas in het deurtje. Je kan in ieder geval goed zien wat er in zit. De beschildering valt ook op. Het is een kinderlijk tafereel, kijk vooral even in mijn photostream op Flickr, want ik heb ook een foto gemaakt van de zijkant. Ik plaats er zelf een paar boeken in die ik al weken had liggen en kijk even verder naar de inhoud. Het is oud en nieuw door elkaar. Jonas Jonasson stamt uit 2011, Judith McNaught, met haar Echo van de eenzaamheid is in 1989 gepubliceerd. Het is maar goed dat ik hem heb laten staan, want ik heb de Engelse editie. Hier haal ik trouwens wel een oude liefde uit de bieb, want Leni Saris laten liggen? Nee, dat kan niet. Rumoer rond het schuurtje gaat dus in mijn rugzak. De rest laat ik liggen, hoe verleidelijk de Spoedcursus verlichting ook mag zijn.

Tips voor leuke minibiebs in Den Haag zijn welkom. Ik heb meerdere foto’s gemaakt die in mijn Flickr photostream staan. Ik heb ze gemaakt op zondag 28 juni 2020. Deel 1 van de serie kan je hier vinden. Deel 2 kan je hier vinden. Het derde deel kan je hier vinden. Hier is het vierde deel.

Hoe warm het was

Dineke tikte tegen de thermostaat, 29,5 graden, dat kon niet kloppen. De gordijnen waren dicht geweest, de ventilator stond constant te draaien, waar kwam dat vandaan?
‘Dat is warm’, zei Joris achter haar. Hij wilde haar omhelzen, maar kwam ervan terug toen hij aan haar bleef plakken. Ze keek pijnlijk, haar armen waren verbrand en voelden in het geheel niet lekker aan.
‘Zal ik nog maar een keer smeren?’ zei Joris. ‘Het moet vet blijven, dat is beter voor je huid.’
‘Ja, doe maar’, zei ze.
Ze had ‘s nachts nauwelijks geslapen vanwege die verbrande huid. En nu moest ze nog werken, wat ook niet alles was. Maar er waren een paar dingen die af moesten en tien minuten zat ze, ingesmeerd en wel achter haar laptop. Joris ging weg, zijn baas had vanmiddag uitgekozen voor een afspraak op het kantoor met airconditioning. Timing noemden ze dat. Ze legde de handdoek op het bureaublad en begon met haar werk.

zon

Avond

Tegen half zes was Joris weer terug en was zij net klaar. Hij stond bij de thermostaat met ongeloof op zijn gezicht, 31 graden was het inmiddels. Het zweet stond op haar rug, en ze kroop tegen hem aan in de hoop nog wat airconditioned lijf mee te kunnen pikken. Helaas, hij was al weer opgewarmd. Ze keken elkaar aan.
‘Wat doen we?, zei Joris, ‘naar het strand in de hoop dat het daar te harden is? Of blijven we hier en hopen we door heel stil te zitten, het te kunnen negeren?’
Ze geeuwde. ‘Gewoon hier blijven en iets koels te eten klaarmaken. We hebben nog watermeloen, iets van een salade is prima.’
Na het eten zaten ze met zijn tweeën op het balkon. Het werd wat koeler, er kwam een windje bij. Hij zat naar de vogels in de grote boom te kijken, zij zat met een boek op haar schoot. Ze gooide het met een klap op het krukje naast haar.
‘Boeit niet?, vroeg Joris.
‘Nee, boeit niet, gaat over een gezapig huisgezin en dat zie ik hier al, dus daar hoef ik niet over te lezen.’
Hij grinnikte. ‘Het is snel gegaan. Drie maanden samenwonen en we zijn al gezapig.’
‘Wil je dat?’ Hij grinnikte weer. ‘Vraag me dat morgen nog eens als het wat koeler is. Dan krijg ik wel energie om minder gezapig te zijn. Ze keek om zich heen, zoekend naar iets dat ze kon gooien. Joris was haar voor, hij had de wasmand naast zich en gooide een handdoek naar haar. ‘Opvouwen mens, gewoon doen wat een gezapig paar samen doet ter verstrooiing.’
Ze hoorden de buurman beneden lachen. Hij kwam onder het balkon vandaan. ‘Ik heb ook nog een was staan hoor, die kan je ook opvouwen.’
Dineke trok een gezicht, ‘zullen we dat maar niet doen?’ En ze stak haar tong naar hem uit. Hij lachte weer en ging zitten. Dineke keek Joris aan. ‘Kom maar op met die was, saaie man.’
Dollend vouwden ze de wasmand leeg. De gezapigheid trok de volgende dag weg, samen met het mooie weer.

Wil je nog meer verhalen lezen? Al mijn verhalen hebben de tag Eigen verhalen gekregen.

Mijmeren: #WOT deel 26, 2020

Het was op de middelbare school, wij scholieren werden verondersteld de betekenis van woorden op te zoeken en te noteren, maar dat was wel veel werk. En dat woord mijmeren ging ik dus niet eens opzoeken, maar noteerde ik als hardop denken. Het werd tot mijn verontwaardiging niet goedgekeurd. En dat na al mijn harde werk.

Het #WOT woord van deze week is:

Mijmeren = 1) Peinzen, 2) denken, 3) dromen, 4) dubben, 5) filosoferen, 6) in gedachten verzonken zijn, 7) nadenken, 8) piekeren.

Ik mijmer elke week over wat voor woord het weer zal zijn, en of ik nog genoeg voorraad heb voor de komende weken. En als ik dan een woord heb, of het niet gebruikt is door Martha of Irene in hun #WOT periode, want ook daar wil ik rekening mee houden en zo mijmer ik wat af.

Het Hemels Gewelf

Vanmiddag was ik in het hemels gewelf, een kunstmatige krater in de duinen bij Kijkduin, een plek waar ik nog nooit van had gehoord, tot een blogster me erop wees. De Amerikaanse kunstenaar James Turrell heeft het gecreëerd. Het is geen beeldhouwwerk in het landschap, maar een hulpmiddel om naar licht en geluid te kijken. Het eerste was opviel was de koelte in de buis die naar het gewelf liep en vervolgens de rust. Dat vervolgens een vriendin belde en we aards zaten te kwetteren deed een beetje afbreuk aan het geheel. Maar toen begon de ervaring, want op de bank op mijn rug liggend kon ik volop mijmeren, over de afgelopen week en de komende week, en de afgelopen twee jaar. Het enige dat ik hoorde waren vogeltjes. In die krater viel het verkeer dat toch vrij dichtbij was nauwelijks op. Het mijmeren hield op. Het genieten duurde voort.

20200625 (5)

Schrijf je mee?

Mijmer je mee? Heb je zelf ideeën erover? Of wil je iets anders kwijt? Zoals elke week kan je weer meeschrijven. Je kan je reactie achterlaten onder dit bericht.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.
Kijk vooral in mijn photostream op Flickr voor de rest van de foto’s.

Doelgroep, doelgroep, doelgroep

De week begint goed, namelijk met het lezen van een blog van Elja over Instagram en je doelgroep. Mooi, dacht deze hobbyist, hoe ver kom ik daarmee? Als je, zoals ik, je Instagram puur voor de lol gebruikt en af en toe je blog wil promoten, kan dat aardig wat moeite kosten.

Wat is mijn doel?

Wat wil ik met Instagram? Foto’s bekijken. Mensen volgen die ik interessant vind en dat kan heel breed zijn. Ik volg vrienden, maar ook fotografen zoals William Rutten, sportmensen zoals Arie Boomsma, maar ook trainers die ik ken van Sky Health, dat ik ook weer volg. Ik volg acteurs en actrices, (Haagse) politici, maar ook minibiebs. En natuurlijk ook boekbloggers want die zijn vaak ook boekstagrammers. Maar ik maak zelf ook foto’s, en dat kan ook heel breed zijn, planten, boeken, straatschilderingen, haakwerkjes, sportfoto’s, uitzichten, #cloudporn, minibiebs, noem het maar op. Het is bij mij vooral leuk, vind ik zelf. Als ik een bedrijf zou zijn, had ik een probleem. Het algoritme van Instagram probeert te bepalen wat voor mij belangrijk is, en dat is met zo’n brede belangstelling knap lastig in een veld met miljoenen Instagramgebruikers.

social media

Doelgroep

Vandaar de nadruk die Elja legt op de doelgroep. Bepaal wat je doelgroep is. Dus bijvoorbeeld als ik mijn blog wil promoten. Dat heb ik onder andere gedaan met mijn 500ste blog en met de laatste aflevering uit de serie minibiebs. Dankzij een eerdere tip van Elja kan ik statistieken bekijken op Instagram en zie je ook hoeveel profielbezoeken er volgen op die hoopvolle kreet link in bio. Dat zijn er niet veel en het wisselt heel erg. Want bij sommige denk ik, waarom is er geen profielbezoek en bij andere juist wel. Maar dan zie je dus ook dat bij mijn blog hetzelfde aan de hand is. Heel brede belangstelling, waarbij sommige blogs, zoals die bespreking van Lampje heel veel worden gelezen, en andere juist niet.

Promotie

Daar heb ik het wel eens eerder over gehad, en het komt erop neer dat ik daar tijd voor moet nemen en dat niet doe. Door mijn werkbezigheden die totaal niets met social media te maken hebben en mijn privé bezigheden vergeet ik het vaak gewoon. Instagram is gekoppeld aan Twitter en foto’s komen dus op beide kanalen terecht. Mijn blogs zet ik ook op Facebook. Wat ik zou kunnen uitzoeken is of het helpt als ik bijvoorbeeld alleen mijn boekenblogs ook op Instagram plaats. De feestblogs mogen dan uitzondering zijn. Nummer 300 op mijn andere blog komt er namelijk ook aan. Kijk! Er is een plan!