Doelgroep, doelgroep, doelgroep

De week begint goed, namelijk met het lezen van een blog van Elja over Instagram en je doelgroep. Mooi, dacht deze hobbyist, hoe ver kom ik daarmee? Als je, zoals ik, je Instagram puur voor de lol gebruikt en af en toe je blog wil promoten, kan dat aardig wat moeite kosten.

Wat is mijn doel?

Wat wil ik met Instagram? Foto’s bekijken. Mensen volgen die ik interessant vind en dat kan heel breed zijn. Ik volg vrienden, maar ook fotografen zoals William Rutten, sportmensen zoals Arie Boomsma, maar ook trainers die ik ken van Sky Health, dat ik ook weer volg. Ik volg acteurs en actrices, (Haagse) politici, maar ook minibiebs. En natuurlijk ook boekbloggers want die zijn vaak ook boekstagrammers. Maar ik maak zelf ook foto’s, en dat kan ook heel breed zijn, planten, boeken, straatschilderingen, haakwerkjes, sportfoto’s, uitzichten, #cloudporn, minibiebs, noem het maar op. Het is bij mij vooral leuk, vind ik zelf. Als ik een bedrijf zou zijn, had ik een probleem. Het algoritme van Instagram probeert te bepalen wat voor mij belangrijk is, en dat is met zo’n brede belangstelling knap lastig in een veld met miljoenen Instagramgebruikers.

social media

Doelgroep

Vandaar de nadruk die Elja legt op de doelgroep. Bepaal wat je doelgroep is. Dus bijvoorbeeld als ik mijn blog wil promoten. Dat heb ik onder andere gedaan met mijn 500ste blog en met de laatste aflevering uit de serie minibiebs. Dankzij een eerdere tip van Elja kan ik statistieken bekijken op Instagram en zie je ook hoeveel profielbezoeken er volgen op die hoopvolle kreet link in bio. Dat zijn er niet veel en het wisselt heel erg. Want bij sommige denk ik, waarom is er geen profielbezoek en bij andere juist wel. Maar dan zie je dus ook dat bij mijn blog hetzelfde aan de hand is. Heel brede belangstelling, waarbij sommige blogs, zoals die bespreking van Lampje heel veel worden gelezen, en andere juist niet.

Promotie

Daar heb ik het wel eens eerder over gehad, en het komt erop neer dat ik daar tijd voor moet nemen en dat niet doe. Door mijn werkbezigheden die totaal niets met social media te maken hebben en mijn privé bezigheden vergeet ik het vaak gewoon. Instagram is gekoppeld aan Twitter en foto’s komen dus op beide kanalen terecht. Mijn blogs zet ik ook op Facebook. Wat ik zou kunnen uitzoeken is of het helpt als ik bijvoorbeeld alleen mijn boekenblogs ook op Instagram plaats. De feestblogs mogen dan uitzondering zijn. Nummer 300 op mijn andere blog komt er namelijk ook aan. Kijk! Er is een plan!

Zomerleeslijst, oftewel keuzestress

Ik heb het wel meer gedaan, zo’n zomerleeslijst, maar zelden heb ik er zo’n keuzestress bij gehad. Deze eerste dag van de zomer is een prima dag om zo’n lijst te maken en te grasduinen door mijn vele stapels.

20200621s_zomerboeken

Fictie

Het moet gevarieerd blijven, dus Conn Iggulden, Stormbird, het eerste deel van de Wars of the Roses, staat op het lijstje. Ik ben halverwege, en het is interessant genoeg, dus die komt wel uit. Tolstoj, Oorlog en Vrede, vorig jaar in begonnen, ik ben blijven steken bij deel 3, terwijl ik het eerste en tweede deel al besproken had. Eigenlijk wil ik dus daar mee door gaan. En dan Mark Lawrence, wiens Red Sister ik met plezier gelezen heb. Grey Sister ligt op deze stapel, het vervolgdeel van de serie. En er zit een toneelstuk in deze lijst, namelijk Tantalus. Dat is op de stapel terecht gekomen toen ik me voornam toneelstukken te gaan lezen en daar gebleven. Misschien kwam dat ook wel omdat ik toen had voorgesteld het met meerdere mensen te gaan lezen en niemand dat blijkbaar een goed idee vond. Ik ga het dus maar alleen lezen. Dat is het fictiegedeelte van mijn zomerleeslijst.

Nonfictie

Stephen King, On Writing, staat al tijden in mijn Goodreads lijst en ik wil hem uitlezen. Niet alleen om die Goodreads lijst een stuk korter te krijgen, maar ook omdat ik hem interessant vond. Rutger Bregman schreef in 2019 De meeste mensen deugen, ik heb toen een recensie gelezen waardoor ik nieuwsgierig werd en ik heb het boek gekocht. Afgelopen weken kwam het boek weer in het nieuws omdat er een Engelse vertaling uitkwam. Dat is dus ook de reden dat ik het eigenlijk deze zomer wil lezen, ik ben er nog steeds nieuwsgierig naar. Charlotte Meindersma, haar #contentrecht heb ik vorig jaar al gekocht en nog steeds niet gelezen, wel is het nog steeds een actueel onderwerp. En dan mag ik haar Wetboek voor bloggers ook wel weer eens doornemen. Nog zo’n boek dat ik vorig jaar al heb gekocht en nog steeds niet heb gelezen: Super social van Elja Daae. Juist met mijn belangstelling voor social media is dit een must read, zoveel verschijnt er namelijk niet op dit gebied dat ook voor hobbyisten goed te gebruiken is. Rick Pastoor met zijn Grip heb ik erbij gezet omdat juist deze thuiswerkperiode een mooie periode voor studie en organisatie is. Onfeilbaar is het boek trouwens niet, want ik las dat Rick bekende het ook even niet meer te redden met thuiswerken en een pas geboren kind erbij. De laatste heb ik deze week op de stapel gelegd. Harvard Sitkoff, The struggle for black equality, 1954-1980. Juist met de Black Lives Matter discussie die gaande is in de VS, wilde ik dit boek herlezen. Ik heb het tijdens mijn studie geschiedenis gelezen, maar dat is ondertussen ook al bijna 25 jaar geleden. Ik mag mijn kennis wel weer oppoetsen.

Mooie voornemens

Ik zie het gebeuren met alle lijstjes die ik maak, van de helft komt niets terecht. Het is de keuzestress denk ik, want oh help, wat heb ik nog veel boeken liggen. Het verbod op boeken kopen overtreed ik regelmatig, want er komen zoveel leuke en interessante boeken uit. En jij, heb je ook een zomerleeslijst?

Tierelier: #WOT deel 25, 2020

Het liep als een tierelier gisteren met mijn werk. Ik schoot lekker op, ik kreeg wat vragen tussendoor, maar had dat allemaal vrij snel opgelost. Zelfs met mijn grote tegenstander Teams kon ik overweg vandaag. Ik moet echt aan gaan wennen aan dat prachtige programma, want Skype gaat er bij ons op het werk uit, maar voor mij loopt het nog niet bepaald als een zonnetje.

Het #WOT woord van deze week is:

Tierelier = 1) lopen als een tierelier (heel goed lopen), 2) werken als een tierelier (heel goed werken), 3) dronken, 4) nabootsing van een eenvoudig, opgewekt muzikaal geluid.

Het is een vrolijk woord vind ik. Persoonlijk zeg ik eigenlijk altijd tierelierelier, aangezien dat net wat leuker is. Het heeft wat ouderwets ook. Mensen van mijn generatie, jaren zestig geboren, kennen het, ik hoor het de jeugd niet zeggen. Maar toch komt het wel vaak voor deze dagen, want zelfs met de corona-crisis kunnen bedrijven goed lopen. Want naast alle economische neergang zijn er bedrijven die als een tierelier lopen. En dat komt vooral omdat mensen massaal thuis gaan werken en daar ook met hun zaken uit de voeten moeten kunnen. Koeriersdiensten die hun zaken uitbreiden, een bedrijf voor podcasts dat goede zaken doet. Studocu, een site waar studenten college-aantekeningen, oude tentamens e.d. kunnen delen. Het loopt enorm goed. En daarmee wordt de crisis vanzelf wat positiever, en dat is maar goed ook, want die associatie krijg ik bij dit vrolijke woord.

Schrijf je mee?

Loopt het bij jou als een tierelier, of heeft het allemaal nog een zwengeltje nodig? Of heb je heel andere associaties bij het woord? Mag ook. Schrijf je mee? Je kan je reactie achterlaten onder dit bericht.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Blog nummer 500

Ik vier vandaag een jubileum. Dit is namelijk blog nummer 500 op dit stukje van mijn site. Cijfernerd die ik ben heb ik het in een excelsheet volledig uitgesplitst naar maanden en categorieën. De afgelopen weken heb ik in mijn agenda bijgehouden wanneer ik welk blog publiceerde.

Had dat niet meer kunnen zijn?

Natuurlijk had dat meer kunnen zijn. Ik schrijf vanaf 2003 op dit blog, maar de productie was niet zo hoog. Dat eerste jaar waren het acht blogs, het tweede jaar één, in 2005 heb ik zelfs helemaal niets gepubliceerd. Dat schiet niet op natuurlijk. Pas vanaf 2015 begon het wat meer te worden. Al vanaf 2013 deed ik regelmatig mee met de toen nog wekelijkse, later maandelijkse Twitterchat #blogpraat, allemaal bloggers! En dat heeft wel wat gedaan voor mijn productiviteit. Ik ging meedoen aan #50books, waarbij je vragen over boeken voorgelegd krijgt. Elke zondag een vraag die je op je eigen manier kon beantwoorden. Ik heb veel van die vragen beantwoord. De #WOT, Write on Thursday, een schrijfoefening die ik tegenwoordig zelf maak.

Hoe ben ik begonnen?

In 2003 kwam ik erachter dat er zoiets bestond als een blog. Ik zag verschillende amateurtoneelgroepen ermee in de weer. Zij beschreven bijvoorbeeld hun productieproces in zo´n blog. Ik begon er zelf ook aan, gewoon om te experimenteren. In mei 2003 heb ik mijn eerste blog gepubliceerd. Toen zat ik nog op Blogger. Helemaal gratis van Google, en redelijk eenvoudig in elkaar te zetten. Eind 2015 ben ik overgegaan op WordPress. Toen had ik al twee sites op Blogger en die werden overgezet naar twee sites op mijn eigen website. Nu is dit stukje nummer 500 op Stukjes. Feestje!

Boeken, boeken, boeken

Aan die stukjes in de eerste jaren kan je echt zien dat ik mijn weg aan het vinden was, want het was leuk zo’n blog, maar wat moest ik ermee? Toneel? Daar begon ik mee, als amateurtoneelenthousiast. Ik schreef wat over voorstellingen die ik zag. Boeken dan? In 2006 begon ik aan een project, dat toneel en boeken combineerde. Wat voor voorstelling wordt er gemaakt van theater in romans? Een project dat ik ook gebruikte voor Haghespel, het blad waar ik jaren hoofdredacteur van ben geweest. Het is uitgemond in een wat uit de hand gelopen hobby en een pagina op mijn site, waarop alle besprekingen zijn verzameld. Vanaf 2006 tot 2013 waren het vooral besprekingen van boeken en het theater erin. Vanaf 2013 ging ik meedoen met #50books en toen werd mijn blog diverser. Ik ging ook andere dingen schrijven, jaaroverzichten bijvoorbeeld, een verslag van een netwerkcafé. Vanaf 2015 kwam de #WOT erbij. Ook boekbesprekingen waarin het theater geen rol speelde, de Deventer boekenmarkt, breien, de KNVI studiereis, bibliotheekblogs, boekhandelblogs, minibiebblogs, repetitieavonden, foto’s, eigen verhalen, bloggen en nog veel meer. Variatie genoeg, maar de hoofdmoot bestaat toch wel uit blogs over boeken. Zie de infographic die ik heb gemaakt voor een eerder blog. Die is van half mei. Meer dan de helft van de blogs gaan over boeken. Dat komt in mijn top vijf niet naar voren, want die levert juist een grote variatie op. Tien tegen één dat die top vijf nog wel een keer zal wisselen, maar hij is er nu wel.

jubileum
Eigen ontwerp

Elke dag bloggen

Vanaf 1 april blog ik elke dag, en dat heeft voor aardig wat productie gezorgd. Een rekensommetje leert me dat nummer 400 in december 2018 is gepubliceerd. Van die laatste 100 zijn er 56 (inclusief deze) in 2020 gepubliceerd. Ga ik door op deze route, namelijk elke dag bloggen, dan haal ik nummer 600 dit jaar wel. Zelfs als ik blijf wisselen tussen de secties Stukjes en Ali gaat dat wel lukken. Waarom begon ik ermee? Want ik ben er verschillende keren eerder mee begonnen en heb het vervolgens niet doorgezet. Ik kijk vaak naar Elja aangezien zij mijn grote voorbeeld is met elke dag bloggen, maar zelf doen, daar was wat meer voor nodig. In april begon ik ermee voor afleiding, concentratie-oefening en gewoon voor de lol. Die afleiding had ik hard nodig, aangezien ik toen al twee weken thuis zat te werken vanwege de coronacrisis en er echt nog niet aan gewend was. De concentratie-oefening bestond eruit dat ik minstens een uur per dag mezelf aan één ding moest wijden. Het heeft me geleerd dat perfect niet bestaat, dat je ook korte stukjes mag schrijven, dat je wel eens op minder zinnige stukken uitkomt en dat het een uitdaging is. Elke dag schrijven, elke dag weer nadenken over een stukje, beslissen of het op het ene of het andere blog terecht komt. Hetgeen voor mij echt uitmaakt. Op dit blog gaat het vaak over ietwat serieuzere zaken dan op Ali, waar ik echt wel losser ben. Het schrijven gaat makkelijker, zelfs als ik niet echt een idee heb van tevoren, komt er wel een stuk uit. Er komen meer reacties, mijn website wordt meer bezocht. Ben ik meer gericht? Nou nee, want de diversiteit van de stukken is alleen maar groter geworden, maar het voordeel daarvan vind ik wel dat het echt mijn plek is geworden. Ik ben nu twee en een halve maand bezig en het wordt alsmaar leuker, dat bloggen. Die volgende 500 stukken komen er ook nog wel.

Bloggen en geld verdienen

Vanochtend las ik in het Volkskrant Magazine** de column van Eva Hoeke, zzp-er net als haar man, Marcel van Roosmalen. En zij hebben het moeilijk in deze coronatijd omdat er weinig tot geen geld binnenkomt. Om met haar te spreken:

…noem mij één journalist die puur en alleen door het tikken van stukjes op rozen zit en ik kom je vandaag nog een klapzoen brengen, in coronatijd. Die zijn er namelijk niet, daarvoor zijn de verdiensten en de productie in de journalistiek simpelweg te laag. Een journalist kan maar één, hooguit twee goede stukken per dag tikken, tenzij je Nico Dijkshoorn heet.

Het verwondert me niets, in deze multimediale tijd mag je blij zijn als je met schrijven voor traditionele media een zakcentje verdient.

Bloggers en geld verdienen

Het viel me zomaar op, ook omdat ik deze week een blog had gelezen van iemand die vertelde hoe je boekblogger kon worden en daarmee ook gratis boeken kon binnenhalen en zelfs geld kon verdienen. Gefeliciteerd. Maar ik schat toch in dat de gemiddelde hobbyblogger geen inkomen bij elkaar blogt waarmee je de coronacrisis doorkomt. Zeker niet als je van tevoren al weet hoeveel werk er in zit. Boek lezen, aantekeningen maken, boek uitlezen (kan een opgave zijn), vaak studie doen naar de achtergrond en dan een recensie schrijven. Die uren worden slecht betaald. Het is ook wel jammer als je de gemiddelde recensie ziet op zo’n boekblog. Er zijn boekbloggers die ik hoog heb zitten omdat ze mooie beredeneerde recensies schrijven, beter dan ik zelf kan, maar vaak komt het niet verder dan een samenvatting en ‘het is mooi’. Ga dus niet boekbloggen voor de kost.

Afbeelding van Steve Buissinne via Pixabay

En verder?

Ik had eerst de indruk dat het allemaal wel meeviel met dat geld verdienen maar het kan wel. Door hard werken, doorzetten, veel te bloggen, voorzichtig beginnen met advertenties, part-time gaan werken naast je blog. Wat ik lees bij Frankwatching is het echt wel noodzakelijk ook in weekenden en vakanties bezig te zijn met je blog. Maar bloggers die op deze manier bezig zijn vinden dat het erbij hoort. En zeggen ook, ga niet bloggen voor het geld. Alle genoemde bloggers zijn hun blog begonnen als hobby. Wil je wat verdienen? Plaats banners, plaats gesponsorde artikelen, niet alleen op je blog, ook op je social media. Maak cursussen, doe aan affiliate marketing, plaats advertenties, geef lezingen. Ik heb hier alleen voorbeelden van Schrijfvis gebruikt, maar Google op bloggen en geld verdienen en je krijgt enorm veel voorbeelden.

En voor mezelf?

Ik houd het fijn op een blog zonder advertenties, affiliate marketing en banners. Ik blog voor mijn plezier en heb bovendien een te divers blog om ergens mee te verdienen. Ongeveer alles heeft mijn belangstelling. Hoewel? Na mijn eerste stuk over thuiswerken kreeg ik wel mooi een aanbod van een bedrijf dat wel een gastblog over thuiswerken wilde plaatsen. Niet op ingegaan trouwens.

**Volkskrant Magazine, 979, 13 juni 2020

Geel: #WOT deel 24, 2020

In de stoel bij het raam heb ik uitzicht op de straat en op de tuin van de benedenbuurman. Daar heeft hij een boompje staan (conifeer???) en dat is wel erg geel nu. Niet heel verwonderlijk met de heersende droogte, maar het is wel zielig. Ik keek er dus wel even zorgelijk naar en ga er toch even naar vragen deze week.

Het #WOT woord van deze week is:

Geel = 1) kleur, 2) gemeente in de provincie Antwerpen, 3) infectieziekte bij duiven, 4) pauselijke kleur, 5) acteur Cees Geel, 6) theologe Jacobine Geel.

20200611s_geel

Geel is ook zo’n kleur die het bij bijna niemand goed doet. Bij deze boom niet. Bij mij ook niet, net als bij groen word ik een bleke bet met deze kleur. Wat dat betreft mogen we blij zijn dat het niet onze nationale kleur is. Moet je je voorstellen, hossende gele massa’s. Het enige geel dat ik nu in huis heb zijn twee gele handdoeken en theedoeken. Fleurig in de keuken en voor de rest niets. Want ik vind het wel een mooie kleur.

Schrijf je mee?

En jij? Zie je in geel er juist majesteitelijk schitterend uit? Heb je er heel andere associaties mee? Of denk je, die Ali verzint weer een woord waar ik niets mee kan? Dan is het misschien juist leuk schrijven. Je kan je reactie achterlaten onder dit bericht.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Mijn eigen top vijf aan blogs

Het is af en toe wel leuk om door mijn eigen webstek heen te gaan en te kijken wat nou populair en leuk is. Je bent cijfernerd of niet tenslotte. Dat kan ook voor verbazing zorgen. Berichten waar ik uitermate tevreden over ben, scoren slecht qua bezoekers en andere berichten zorgen voor een ongekend aantal bezoekers

Mijn top vijf

  • Lampje. Ik ben geen hype lezer, maar Lampje van Annet Schaap heb ik in een opwelling meegenomen uit de boekhandel en in één ruk uitgelezen, want oh, wat is het toch een schattig boek. En er zijn meer mensen die dat vinden, want hij staat helemaal bovenaan in mijn lijst.
  • UDC. Uw bibliotheeknerd heeft een stuk geschreven over het onderwerps- en plaatsingssysteem dat in de bibliotheek van niet alleen Clingendael, maar ook van Fugro wordt gebruikt. Dat stuk heb ik geschreven voor ik overging op WordPress, dus het is op Blogger idioot veel gelezen dankzij een aantal retweets en het wordt nu nog steeds gelezen. En ik vind het gewoon een leuk stuk. Nog steeds.
  • Koninklijke Schouwburg. Ik ben dol op toneel. Ik heb jarenlang gespeeld, en ik mag graag kijken naar een goed stuk. In de zomer van 2013 was de (toen nog) Koninklijke Schouwburg bezig met een verbouwing en tweette daar druk over. Ik stelde een vraag over iets wat een man aan het doen was met de vloerbedekking, kreeg keurig antwoord – luchtkokers – en dacht er verder niet over na. Tot ik een DM kreeg met het aanbod om de nieuwe stoelen live te komen bekijken tijdens de voorstelling Levenslang Theater, van Eric en Beau Schneider. Dat liet ik me geen twee keer vertellen.
  • Slagersmand. Het is een beetje een obsessie. Dat gedicht over die knecht die fijn rond fietst om de bestellingen rond te brengen, omver wordt gereden en zijn bestellingen worden gestolen. En niemand ziet de hand die van de slagersmand de deksel beurt. Het is ook een mooi woord, beurt. En die obsessie blijft. Het stuk is geschreven in 2013, ik heb een update gemaakt in 2019, en het antwoord is er nog steeds niet, want van wie is dit gedicht nou eigenlijk!?
  • Verhalen. Ik geef toe, het is een beetje vals spelen, want ik zeg dat ik aandacht wil vestigen op mijn eigen blogs in een top vijf en zet er vervolgens een link naar een tag in. Maar dat komt omdat ik ontzettend leuke verhalen schrijf [insert smiley]. Serieus, ga ze lezen. Ik amuseer me er kostelijk mee, dat is natuurlijk een ontzettend gekleurde mening omdat ik ze zelf heb geschreven, maar probeer het.

Ik heb er even over getwijfeld of ik een bericht in die top vijf zou zetten dat niet zulke fantastische bezoekcijfers had, maar heb het niet gedaan. Ga gewoon lekker rondkijken. Hierzo, in het archief, kan je doorklikken naar elk stukje dat ik in de loop van zeventien jaar heb geschreven. Ik besef dat de kwaliteit wisselend is, maar ik hoop wel dat je het met even veel plezier leest als ik.

Verdwalen in blogs

Het is zo’n zaterdag. Ik heb eigenlijk niet zo veel zin in wat dan ook. Er ligt een papieren Volkskrant op me te wachten. Ik heb de boodschappen opgeruimd die vanochtend zijn gebracht. Ik heb mijn regenjas en regenbroeken opgeruimd die ik gisteren met waterafstotend spul heb gewassen. Nu maar hopen dat ze echt weer waterafstotend zijn geworden. Vervolgens zat ik vaag te denken dat ik vanochtend een blog moest schrijven omdat ik vanmiddag naar vrienden ga. Dat was dus anderhalf uur geleden. Er moet nog een stukje bloginspiratie groeien

Bloginspiratie

Als ik niet meteen een onderwerp weet, lees ik de blogs in mijn Feedly om inspiratie op te doen. Lukt het daar niet dan ga ik naar Pocket, daar heb ik onder de tag inspiratie verschillende blogs opgeslagen. Daar ben ik vervolgens verdwaald. Blogs over bloggen, over iedere dag bloggen, kijk bijvoorbeeld naar deze van Elja, over blogstress. Nou vind ik sowieso dat zij goed kan schrijven, en ja, ik zie de tikfouten in haar blogs. Whatever, het zijn haar blogs. Maar die blogstress, ja, daar zit ik ook wel een beetje mee, maar dan meer in de zin van onderwerpen. Want elke dag bloggen is nog steeds leuk, zeker nu ik al ruim twee maanden bezig ben, maar het is af en toe wel lastig een onderwerp te kiezen. Een voorraad heb ik niet. Wel een aantal concepten waar ik misschien een keer wat mee moet doen. Maar dan kijk ik er naar en denk ik, welke dan? De bovenste ben ik nu mee bezig, Nummer 500 komt pas over een paar blogs aan de beurt. Toneel in 2020: ik ga nergens heen! Oorlog en vrede deel 3 betekent dat ik deel 3 eerst moet gaan lezen, hij ligt er al vanaf vorig jaar. Oh, en #MKA2019 (Maand van de klassieker) is niet doorgegaan. Die routebeschrijving kan ik nog wat mee doen en that’s it.

blogconcepten

Andere inspiratie

Heb ik een blogdip? Ja, zou kunnen, daar is ook bloginspiratie voor. En dit is een oudje van Laura, maar het gaat nog steeds op. Zij zoekt haar inspiratie op Bloglovin, waar je mij niet zult vinden, maar ik moest er wel om lachen. Nog eentje die kan verdwalen in blogs. Maar blijkbaar is ze gestopt met bloggen, want er is geen aanvulling sinds 2016. Jammer.
Blogschoonmaak! Ja, ook een goed idee. Hier heb je Reviews & Roses, die bezig is met schoonmaak van haar blog. Nee, ik heb geen tonnen aan concepten. Ik ben zelf ook bezig geweest met schoonmaak van mijn blog, waarbij ik wel zie dat het vier jaar geleden is geweest. Misschien moet ik weer eens grondig kijken.

Even lachen?

Ja, mag ook. Ik ben niet de enige die vele keren na #blogpraat meteen aan het bloggen sloeg. Martha deed dat ook, met dit humoristische blog over taalfouten. Ik krijg meteen de neiging dit stukje grondig na te kijken. Want eerlijk is eerlijk, ik ben best wel een taalnerd, maar slaag er nog regelmatig in iets te publiceren en pas een week later te zien dat er een knoeperd van een fout instaat.
Zo gaat het vaak bij mij. Ik zit te kniezen over gebrek aan inspiratie, begin te tikken met een vaag idee en een uur later heb ik een blog. Op naar de 500, na deze nog 4.

Snateren: #WOT deel 23, 2020

Het scheelde maar weinig of ik had deze week een boek dwars door de kamer geslingerd. Na het eerste boek van Andy McDermott wilde ik dolgraag het eerste deel lezen, The Hunt for Atlantis, maar de Engelse editie was uitgeleend en verder alleen maar in Nederlandse vertaling aanwezig, De jacht op Atlantis. Dat mag geen probleem heten in een fatsoenlijke vertaling, tot ik het volgende tegenkwam:

‘Kloothommel!’ snauwde ze en ze mepte met haar vuist tegen de wand van het wc-hokje.
‘Doctor Wilde?’ zei een bekende stem vanuit het hokje ernaast. Professor Rothschild.
Fuck! ‘Eh… nee, Engels niet spreken!’ snaterde Nina.

Snaterde. Ze snaterde. Een eend snatert, een gans snatert, een peuter snatert, maar een vrouw die net een groot projectvoorstel afgewezen heeft gezien, snatert niet.

eenden snateren

Het #WOT woord van deze week is:

Snateren = 1) eendengeluid, 2) gakken, 3) geluid van een gans, 4) kakelen, 5) klabetteren, 6) geluid van een kalkoen, 7) klappen, 8) kletsen.

Dan komt daarbij dat ik een halve bladzijde verder een man tegenkom die volgens de beschrijving niet langer dan één meter zestig is en dan denk ik, klopt dat wel? Amerikaans boek, rekent in voeten, een man is in de regel toch een stukje langer dan 1.60. En zo zijn er wel meer dingen in dit boek, dat op deze manier niet fijn weg leest. Ik ben nog aan het twijfelen of ik doorlees, of wacht tot de Engelse editie weer beschikbaar is. Dat snateren zit me hoog. Nee meneer de vertaler, dat doet een vrouw niet.

Schrijf je mee?

Wat vind jij ervan? Praat je of snater je? Of heb je heel andere associaties met dit woord. Schrijf mee en laat een reactie achter bij dit bericht.

Update 1 juli 2020

De oorspronkelijke Engelstalige editie zegt: Nina gabbled. Mijn dikke Van Dale zegt bij gabble, kakelen, snateren, kwebbelen, kletsen. Dat lezend denk ik dat Andy McDermott een ander woord had moeten kiezen.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Het gras is groen

Dineke geeuwde.
‘Nee Dineke, je hebt niet de aandacht erbij. Zorg ervoor dat je aandacht op je innerlijk gericht is. Nu denk je aan andere dingen, daarom geeuw je.’ De stem van de mindfulness instructrice was wat nasaal, en Dineke kon er niet tegen. Ze kon ook niet tegen deze mindful sessies, maar helaas waren ze verplicht. Haar baas had bedacht dat in deze coronatijd ze wel wat extra aandacht voor het innerlijk verdienden. Het enige wat ze op het ogenblik deed was nadenken of mindful nou met één of twee l-len was. Dat moest ze later maar opzoeken. Nu dacht ze aan het gras dat kriebelde, want ze was natuurlijk vergeten haar yogamat of een badhanddoek mee te nemen zoals de instructrice had gevraagd. Ze keek voorzichtig door een kiertje van haar ogen naar de anderen. Die zaten allemaal keurig op anderhalve meter afstand in meditatiehouding. Haar rug deed pijn, als ze ergens niet tegen kon, was het wel een tijd rechtop zitten. Ze zakte in. Er stond een schaduw naast haar. De instructrice.
‘Dineke, het moet geen martelpartij worden hoor. Als je last van je rug hebt, ga dan liggen. Het gaat echt om je mindfulness. Dus als je het niet erg vindt om in het gras te liggen, doe dat vooral.’

gras

In het gras

Met een zucht zakte Dineke onderuit. Dat was beter. Ze rekte zich even helemaal uit. ‘Handen naast je lichaam, Dineke’, hoorde ze de instructrice zeggen. Zij liep door naar een collega. Dineke deed haar ogen dicht. Ze voelde het gras kriebelen. Het rook fijn, vers gemaaid gras. Het zag even groen voor haar ogen. Ze was moe, het was de afgelopen weken best wel druk geweest en ze had veel werk verzet. Daar kwam bij dat ze heel erg moest wennen aan het thuis werken, en aan het gezelschap. Joris zat voor de quarantaine al vaak bij haar en ze hadden meteen besloten samen te gaan wonen, anders zouden ze elkaar nooit zien. Ze hoorde de instructrice aanwijzingen geven, ergens luisterde ze nog wel. Ze geeuwde weer. Boven haar hoofd vloog een hommel, ze bewoog vaag. Verder wist ze het niet meer. Ze werd pas wakker toen iemand naast haar ging liggen.
‘Wij vormen een huishouden’, hoorde ze Joris zeggen. Ze zag iets blauws naast zich.
‘Het gras is blauw. En hoog!’ Ze klonk verbaasd. Ze was ook verbaasd. Gras? Blauw?
‘Nee, gekkie, het gras is groen, jij bent een beetje blauw, was je zo moe, dat je bij zo’n interessante les mindfulness in slaap bent gevallen?’ Hij glimlachte naar haar.
Ze had haar ogen nu helemaal open en zag het nu, dat blauwe was zijn shirt en er zaten strepen op, daarom dacht ze dat het gras was. Ze ging overeind zitten.
‘Gaat het Dineke?’ De instructrice stond voor haar.
‘Ja hoor, sorry, ik ben echt in slaap gevallen’, ze lachte en beet op haar lip.
‘Geeft niet hoor, dat is ook ontspannen. Ik hoop dat je er wat aan hebt.’ De instructrice liep weg. Joris zat grinnikend naast haar.
‘Was jij nieuwsgierig? vroeg ze.
‘Ja, inderdaad. Op mijn werk schijnen ze te denken dat we er gewoon doorheen rollen, dus ik wilde eigenlijk wel weten wat je deed. Het zag er… interessant uit.’ Hij lachte nu ronduit.
Ze probeerde op te staan, maar was een beetje duizelig. Joris sprong op en trok haar overeind aan haar handen. Ze duizelde nu helemaal en hij sloeg zijn arm om haar heen en trok haar naar een bankje.
‘Zo, zitten, ik heb water bij me en die kleine eierkoeken die je zo lekker vindt. Picknick!’
Toen ze eenmaal wat had gedronken ging het weer beter.
‘Het is raar, weet je’, zei ze tegen Joris, ‘ik lag daar en alles was groen. Ik deed mijn ogen dicht, groen. En toen dacht ik dat ik mijn ogen open deed en… groen. Nog steeds. Het was alsmaar groen. Tijdens die hele mindfulness. Het gras kriebelde, ik wilde dat woord opzoeken om te kijken hoeveel l-len erin zitten, het was allemaal gewoon groen en het gras groeide ook alsmaar door en werd steeds hoger.’
Joris keek haar peinzend aan en nam een grote hap van zijn eierkoek.
‘En toen zag ik jou en dacht ik echt dat het gras blauw was geworden.’
Hij nam nog een hap. ‘Mindfulness is niets voor jou, hé?’
Ze keek hem een beetje suf aan. ‘Nee, ik geloof het niet, yoga vind ik lekker, maar dit? En dan ook mediteren. Ik kreeg last van mijn rug, daar kon ik alleen maar aan denken. En dat gras dat alsmaar groeide, ik kreeg echt de indruk dat ik helemaal in het gras verdwenen was.’
‘Open’, zei hij. Ze opende gehoorzaam haar mond en hij duwde de eierkoek erin.
‘Zo, niet groen, en vanavond krijg je geen groene groente, want je hebt teveel groen gehad vandaag.’
Ze giechelde en hij kuste haar op haar voorhoofd en maakte van de gelegenheid gebruik een hap uit haar eierkoek te nemen. Ze duwde hem weg, ‘Nee, blijf er af, die is van mij, neem er zelf maar één!’
Hij hield het lege zakje omhoog. Ze keken er allebei naar en begonnen te lachen.
‘Op het boodschappenlijstje!’
Hij grijnsde, ‘deze? Of wil je groene?’
Ze stond op en liep naar haar fiets, die van Joris stond er naast. Ze keek om.
‘Groene. Gekkie. Gras is groen, eierkoeken niet.’

Wil je nog meer verhalen lezen? Al mijn verhalen hebben de tag Eigen verhalen gekregen.