Het is weer zover

Zaterdagavond. Ik heb de dag besteed aan voor de tweede keer boodschappen doen, want ik was dus duidelijk dingen vergeten. Vervolgens ben ik me gaan inschrijven bij Mulder Sport, heel voortvarend meteen voor een jaar. Daarna ben ik nog even het winkelcentrum bij de Leyweg ingelopen. Conclusie: vrijwel onmogelijk anderhalve meter afstand te houden, want het was gewoon druk en er waren weinig mensen die er erg in hielden. Daarna was het krantentijd en heb ik de Volkskrant, het Financieele Dagblad en Den Haag Centraal gelezen. Het is een stukje ontspanning. Helaas deed ik geen spetter inspiratie op. En dus zit ik nu weer als altijd met de goede voornemens er voor te gaan zitten, een lijst van mogelijke onderwerpen te maken en een voorraad te schrijven. Oh ja, mijn #twentydaystory staat nog steeds op twee afleveringen, arme Maaike.

Elke dag inspiratie

Meerdere malen heb ik over gebrek aan inspiratie geblogd. En meerdere malen kwam ik erachter, ga zitten typen en je komt ergens op uit, zelfs op diepgaande inzichten. De routine, de gewoonte is er. Ik heb er ruim vijf maanden over gedaan, maar er is een gewoonte ontstaan. Nu de volgende gewoonte: actief nadenken over onderwerpen, meer in concepten gaan denken, meer in de ontwikkelfase gaan zitten. Het is net een baan. Mijn twijfels over elke dag bloggen zijn een stuk kleiner geworden, maar ik wil wel wat meer met ideeën gaan doen. Voor theater in romans heb ik wel plannen, namelijk meer besprekingen gaan schrijven, maar dan moet ik die boeken ook wel lezen. De laatste weken heb ik eindeloos veel jeugdboeken gelezen, namelijk over de Euro 5 en vervolgens Helen Dore Boylston met haar verpleegsterromans. Het wat serieuzere werk wil ik weer oppakken.

Moeten of willen?

Een tijd geleden heb ik het er een keer over gehad, ik moet niet zoveel moeten. Dus ik heb in dit blog elke keer als ik ‘moet’ tikte, het veranderd naar iets anders. Ik moet niks, ik mag van alles en het hoeft allemaal niet persé. Moeten mag de deur uit.

Bonnefooi: #WOT deel 35, 2020

Ik had een lekke band deze week. Op zondag prijsde ik mezelf nog gelukkig dat ik een pechverzekering heb, maar de monteur waarschuwde me al. Het gaatje zat op een lastige plek, was moeilijk te plakken en het kon zomaar weer misgaan. Hij had helemaal gelijk. Toen ik thuis kwam was het ding weer lek. Dinsdag kon ik hem pas bij de fietsenmaker brengen. Dat is één van de weinige mensen die het ondanks de coronacrisis nog steeds druk heeft en eigenlijk moet je dus een afspraak maken. Ik ben er op de bonnefooi heen gegaan. Hij herkende me nog, want ik was een week daarvoor geweest met mijn beide fietsen en zou die lekke band wel even tussendoor doen.

Bonnefooi = 1) Zonder voorbereiding, 2) op goed geluk, 3) in goed vertrouwen

Bonnefooi

Ik ben best wel van de planning. Mij zie je niet zonder voorbereiding iets doen. Zo’n wandeling van vijf minuten met fiets aan de hand wil ik nog wel riskeren. Maar voor de rest is het voor mij afspraken maken. Zo’n los vakantietripje waarbij je ergens heen gaat en wel ziet waar je uitkomt? Niets voor mij. Ik wil wel weten waar ik me op moet voorbereiden. Nee, ik ben nooit een backpacker geweest. Ten eerste, dat bonnefooi gedoe, alsjeblieft niet en ten tweede ben ik best wel een luxe vakantiebeestje. Na die ene keer, jaren terug dat ik twee dagen in een tentje heb gezeten omdat het regende, wist ik dat kamperen niets voor mij was. Maak dus een afspraak met me, dan weet je zeker dat je me ziet.

Schrijf je mee?

En jij? Ga je overal op de bonnefooi naar toe? Bereid je je voor tot op de laatste letter of werk je gewoon op de bonnefooi? Ik ben er wel benieuwd naar. Schrijf mee en laat een reactie achter onder dit bericht.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Over de Nieuwe Euro 5 boeken

Bert Benson heeft twee series geschreven over de Euro 5. De Euro 5 serie bestaande uit 21 boeken waar ik al eerder over heb geschreven. De tweede serie is de Nieuwe Euro 5, bestaande uit zes boeken. En over die tweede serie wilde ik een apart artikel schrijven. Hou je niet van spoilers? Niet verder lezen dan, want ik denk dat ik echt wel wat uit de inhoud vertel.

De Nieuwe Euro 5: NE-5

Er is een nieuw schip gebouwd, de nieuwe Euro 5 die al snel de NE-5 wordt genoemd. Het schip is in de ruimte gebouwd en bestaat uit een moedergedeelte met vooraan een commandocentrum dat zich kan losmaken van het hoofdschip. Onder aan het hoofdschip hangen twee hangars met elk twee jagers die ook gebruikt kunnen worden voor verkenningsvluchten. Het merkwaardige is dat in de vijf jaar dat de bouw heeft geduurd, zelfs de bemanning het schip nooit heeft gezien. Technisch gezien is dit schip fantastisch en dan komen we bij iets waar ik niets van begrijp, want het schip heeft een atomaire motor en een fotonenmotor. Met de searchers, speciale navigatie-apparatuur, al in de Euro 5 uitgeprobeerd kan het schip zich over duizenden miljarden kilometers verplaatsen. Ik neem het maar zoals het er staat. Want daarmee verplaatsen ze zich inderdaad over een enorme afstand en daar raken ze door sabotage de searchers kwijt. Rings a bell? Ik ging de vergelijking met Star Trek Voyager wel trekken.

NE-5-1

Star Trek Voyager en de prime directive

Ik heb alle 170 afleveringen van deze serie, tussen 1995 en 2001 gemaakt, gebinged. Ik blijf het een geweldige serie vinden. De Voyager komt door omstandigheden op een enorme afstand van de aarde terecht. Vanaf dat moment is de koers op aarde gericht, maar dat levert dan 170 afleveringen verwikkelingen op. Daar zie je de basis van de serie, en ook die van de NE-5 boeken. Eén van de leidende principes van Star Trek is de Prime Directive. Dit principe schrijft voor dat bemanningsleden zich niet mogen bemoeien met de natuurlijke ontwikkeling van andere beschavingen. Dat is dus iets waar de bemanning van de Nieuwe Euro 5 nog nooit van heeft gehoord, want wat gebeurt er in Het volk van Arban? Ze komen bij twee onbekende planeten die ze Cleopatra en Arban noemen. Cleopatra is een planeet die vooral groen is. Arban is onherbergzaam en heeft een aantal steden die bevolkt zijn door voertuigen. Wel ontdekken ze mensachtige wezens en komen erachter dat deze wezens waarschijnlijk vergaande automatisering hebben ontwikkeld en er in feite door zijn opgeslokt. De oplossing van De Vos en zijn mannen? Het restant van het volkje in de NE-5 laden en ze naar Cleopatra brengen. Nee, De Vos heeft Star Trek niet gezien.

NE-5-2

De verdere avonturen van de NE-5

Ze komen wonderlijk veel planeten tegen met een atmosfeer en zuurstof en komen ook wonderlijk veel vijanden tegen. Ook horen ze Amerikaanse radio-uitzendingen. In het derde boek – Onder vuur – is het een volk van dwergen, de kleine Vega’s, dat de NE-5 aanvalt. Die Vega’s hebben Engels geleerd door de radio-uitzendingen. Het blijkt dat zij weer aangevallen worden door de Dunka’s en dat de NE-5 hier ongewild tussen zat. Die Dunka’s komen terug in het volgende boek, Het teken van Tamo. Het schip heeft aardig wat averij opgelopen in het vorige boek en De Vos wil dat herstellen. Ze komen op een planeet waar ze fabrieken vinden met arbeiders, de Gorli’s. Die worden vastgehouden door de Dunka’s waar we pas in dit boek een beeld van krijgen. Kleine wezens, anderhalve meter, met een bek die op die van een krokodil lijkt en een staart.

Tijdsbepaling

In De vermiste patrouille meldt De Vos hoe lang ze al onderweg zijn: twee jaar, één maand en zes dagen. Die tijdsbepaling is wel een dingetje, want elders (kan even niet terugvinden waar) wordt weer uitgelegd dat op aarde de tijd anders loopt. Maar in de voortdurende zoektocht naar de aarde komen ze de Dunka’s weer tegen. Ze komen op een planeet waar een soort Middeleeuwse samenleving is en waar die Dunka’s weer Gorps worden genoemd. Twee bemanningsleden raken verdwaald op de planeet, terwijl ze proberen uit handen van de planeetbewoners te blijven. Want die proberen de mannen te pakken voor de Gorps. De Vos probeert zijn mannen terug te vinden en wordt daarbij geholpen door pijlvormige schepen, de demonen. Het is weer een aaneenschakeling van gevechten in dit boek.

Het laatste boek

Terug naar Aarde? is het laatste boek uit de serie. Het vraagteken is denk ik in de titel gezet om het spannend te maken, want had iemand eraan getwijfeld? De NE-5 wordt nog steeds achtervolgd door de Dunka’s, maar nu neemt het volk van de pijlschepen contact met het schip op en verplaatst het hele schip door de ruimte naar hun planeet Argonda. De bewoners van deze planeet lijken weer op mensen, maar zijn volledig kaal, ook de vrouwen. Deze mensen vinden dat de vijanden van hun vijanden, vrienden zijn en willen de NE-5 helpen terug naar aarde te komen. En dat gebeurt door verplaatsingen. Dat ze bij de aarde aankomen is eigenlijk een beetje een anti-climax. Ze komen op 8 juni 2025 aan bij de planeet Pluto.

Karakters en hun omgeving

De bemanning wordt uitgebreid, van twaalf naar wel veertien man. De Star Trek schepen zijn drukker bevolkt. Overigens is één van de twee een oude bekende: Barbara Bright, een dame die in de eerste serie ook al een paar keer voorkwam en een kei in ruimtenavigatie is. En nummer veertien blijkt een ruimtewezen te zijn.
Krijgen we nou wat te horen van de persoonlijke omstandigheden van de karakters? Nou, niet veel eigenlijk. Peter de Vos heeft een verloofde die ergens in de eerste serie wordt genoemd, maar het arme kind heeft geen naam. Hans Weiss heeft een vrouw en twee dochters. Prosper is weduwnaar, Marc heeft een vrouw en zoon die in één van de boeken uit de eerste serie (Stralen uit het verleden) voorkomen. En voor de rest, zijn het eigenlijk bordkartonnen figuren. Wonderlijk te verklaren dus waarom het zo leuk is, maar deze tweede serie was ook uitermate amusant, zelfs in een vergelijking met Star Trek Voyager. En die vergelijking ga ik nogmaals trekken: een schip dat in de ruimte kan, waarmee je onnoemelijk ver kan reizen. Met een bemanning van dertien mensen. En zoveel eten dat je jarenlang uitgebreid kan koken. Aan de praktische invulling kan je een beetje twijfelen.

De serie bestaat uit de volgende boeken: De rampplaneet (1987); Het volk van Arban (1988); Onder vuur (1989); Het teken van Tamo (1989), De vermiste patrouille (1990?); Terug naar Aarde? (1991).

146 dagen bloggen

Ik keek het vanavond even na, want ik had een getal in mijn hoofd dat rond de 180 lag. Maar het viel nog mee, of tegen, hoe je het maar wilt noemen. Het zijn dus 146 dagen dat ik aan het bloggen ben. Elke dag geblogd en ik had nooit gedacht dat ik het zo lang zou volhouden.

Het helpt wel, thuiswerken

Vaanf half maart werk ik thuis en het scheelt uren per week die ik in mijn blog steek. Mijn reistijd is 0,0 en ik schuif van de ene naar de andere laptop en kan zo gaan schrijven. En het werkt ook tegen me. Schrijfopdracht: beschrijf je belevenissen van elke dag, want natuurlijk beleef je iets spannends elke dag… Dat bedoel ik dus. Hoezo spannende dingen? Soms zijn het dus niet de meest inspirerende blogs. Andere blogs blijf ik leuk vinden. Joehoe! Brief aan de koning! En afgelopen week had ik doorlopend weinig inspiratie en dan kom ik dus aan blogs die ik misschien in normale tijden niet had gepubliceerd.

Wat als er nou geen corona was geweest?

Dan had ik dus elke dag op de fiets gezeten, was ik ook nog gewoon in de sportschool geweest, had ik een sociaal leven gehad en was het dus niet gelukt. Die #WOT die ik nu elke week schrijf? Had ik echt niet overgenomen! In normale tijden had ik moeite die elke week in te vullen. En had ik dus mooi nu niet met mijn laptop op schoot gezeten. Mijn rug vertelt me trouwens dat het ergonomisch eigenlijk niet verantwoord is.

Ga zo door

Gisteren heb ik blog nummer 328 gepubliceerd op mijn andere blog. Dit wordt nummer 532 op dit blog. Ik heb ergens in januari in mijn agenda een aantekening staan dat dan blog nummer 1000 wordt gepubliceerd. Ja, en dat na zeventien jaar bloggen. Waar ik misschien een beetje meer mijn best voor moet doen, zijn de illustraties bij mijn stukken. Ik ben daar lui in, meestal zoek ik iets op Pixabay. Het zou natuurlijk beter zijn als ik zelf voor foto’s zorgde, maar mijn artisticiteit en grote liefde ligt meer in lettertjes dan in beeld. Foto’s vind ik leuk, maar blijkbaar niet leuk genoeg. En wat het ook brengt, en dat lees ik ook bij Elja en Raymond, die beiden een periode elke dag hebben geblogd: meer interactie. Het is leuk en je krijgt discussies. Ik slaag erin woorden voor de #WOT te verzinnen waar mensen wat mee kunnen. En mensen, het blijft leuk, dat bloggen. Het is gewoon de beste hobby die je maar kan hebben in coronatijd.

Warmhartigheid: #WOT deel 34, 2020

Samen met het Oranjefonds vroeg het Genootschap Onze Taal zich af: hoe noem je de band tussen mensen die niet echt kennissen zijn van elkaar, maar wel naar elkaar omkijken? Dankzij alle volgers van de beide instanties is er een passende term gevonden, namelijk warmhartigheid. En een nieuw woord kan ik natuurlijk niet laten liggen.

Warmhartigheid = 1) Ubuntu (Zuidelijk Afrika), 2) Mienskip (Friesland), 3) Naoberschap (Oost-Nederland)

Warmhartigheid

“Wanneer twee onbekenden naar elkaar omkijken, ontstaat er een voelbare band. Bijvoorbeeld wanneer je boodschappen te zwaar zijn en iemand aanbiedt om te helpen met tillen. Of wanneer iemand jou onverwacht een helpende hand toesteekt. Zeker in de huidige tijd is deze band heel aanwezig.” (Oranjefonds) Het is een mooi woord, maar ik begrijp niet goed waarom het in de omschrijving om twee onbekenden gaat. Doorlezend bij deze actie zie ik dat het bijvoorbeeld ook gaat om een pan soep naar iemand brengen. Doe je dat bij een wildvreemde? Het lijkt me dus dat je al iets als band moet hebben, buren bijvoorbeeld. En dan zie ik het wel in mijn omgeving. Ik meld bijvoorbeeld altijd bij mijn buren als ik op vakantie ben en krijg dan later te horen dat de buurman elke dag heeft gecheckt of alles goed is. Buurman – jawel, die van 80 – loopt rustig de buurvrouw te helpen met haar tuin. Het is omkijken naar elkaar, sociaal zijn, in een samenleving… samenleven.

Schrijf je mee?

Ken je het uit je omgeving? Had je liever een ander woord gezien? Het Oranjefonds laat ook een aantal voorbeelden zien van woorden die de eindstreep niet hebben gehaald. Laat me horen wat je ervan vindt en laat je reactie achter.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Blogplannen, niet planning

Ik heb het vandaag maar eens over blogplannen en niet blogplanning. Blogplanning is niet mijn ding, daar kan ik kort over zijn. Of lang natuurlijk, want ik heb er al een paar keer over geschreven. Vandaag zat ik met een aantal ideeën in mijn hoofd, maar die gingen niet door. Want ik wilde over boeken bloggen en die heb ik niet uit.

Boeken

Ik ben bezig met Rutger Bregman, De meeste mensen deugen, een prachtig boek dat ook dik is, het telt ruim 500 pagina’s en ik ben op pagina 127. Het komt dus nog, dat verslag. Ik ga er geen recensie van maken, want die zijn er al genoeg. Impressies maak ik ervan, dat scheelt in aantekeningen maken, waar ik vervolgens de helft niet van gebruik. Dan de Euro 5 boeken. Ik heb al eerder iets geschreven over de boeken, maar nu ben ik bezig met de tweede serie, de Nieuwe Euro 5. Zes boeken die hoop ik een afgerond verhaal vormen, want ik moet de laatste nog lezen.

De meeste mensen deugen

Toneel

Haghespel bestaat niet meer en dat betekent qua schrijven een hoop rust, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Zeker in coronatijden kan het reuze interessant zijn om te zien hoe groepen het oplossen. Een amateurgroep in Den Haag wil hun voorstelling gaan livestreamen en dat kan een interessante ontwikkeling zijn. Maar zij spelen het eerste weekend van september, dus ook dat duurt wel even. Ik wil verder ook wel in de gaten houden wat de groepen gaan doen.

De #WOT

#WOT betekent Write on Thursday. Verzin een woord en schrijf erover. Jaren heb ik er aan meegedaan. In april heb ik in een opwelling deze wekelijkse uitdaging op me genomen en tot nu toe lukt het elke week weer om een woord te verzinnen. Deze week is mijn record. De #WOT van morgen was klaar op zondag. Die voorraad is nog altijd een droom van me, maar dat zal wel een droom blijven.

Minibiebs

Aan de ene kant vind ik het ontzettend leuk zo’n minibieb te laten zien, aan de andere kant ben ik bang dat ik mensen ga vervelen als er elke week zo’n bieb op mijn blog verschijnt. Want hee, hoeveel verschillen ze nou? Af en toe behoorlijk in het uiterlijk, maar de collectievorming in al die biebjes is volstrekt willekeurig. Wat vinden jullie?

Blogplannen

En dat waren een paar van mijn blogplannen. Daar kan wat af gaan, maar er kan ook nog wel wat bijkomen. Maar dat zie ik wel. Met het dagelijks bloggen ga ik voorlopig door, het lukt me nog steeds en ik blijf het leuk vinden.

Wat cijfers en plezier met elkaar te maken hebben

Elke dag bloggen betekent ook eigenlijk elke dag even kijken in het dashboard van WordPress of het ook gelezen wordt. Dat is soms veel, en soms weinig. ik ben er ook nooit fanatiek mee bezig geweest. Google Analytics? Geen kaas van gegeten, ben er nooit in geslaagd om dat ingesteld te krijgen. Op een gegeven moment vond ik dat de Jetpack cijfers maar voldoende moesten zijn.

Zijn ze belangrijk, die cijfers?

Aan de ene kant wel, maar dan hangt het er ook van af. Waarom blog ik? Die cijfers? Of puur voor het plezier? Ga ik gewoon voor de lol van het schrijven? En dus ook voor de stress van het elke dag bloggen. Elke dag zo’n stukje produceren. Ik blijf het leuk vinden, elke dag bloggen, maar ook vol stress. Djeezzzzz, vanaf april heb ik nog niet geleerd iets in reserve te hebben. Het is deze week voor het eerst gelukt. Een #WOT! Al op zondag! Waarvan ik hoop dat de schrijvers het ook een leuk woord vinden.

Die andere kant

Ik ben nooit zo’n blogger geweest die mega bezig was met cijfers, anders was het me wel eens een keer gelukt Google Analytics in te stellen. Vind ik het leuk dat mensen mijn berichten lezen? Natuurlijk! Vind ik het leuk als veel mensen het lezen? Natuurlijk? Gaan duizenden mensen mijn berichten lezen? Ik geloof niet dat het uitmaakt. Ik geloof meer dat zolang ik er plezier in heb, het leuk blijft. En ik heb er nog steeds plezier in.
Volgt er dan een conclusie op die titel? Ja, eigenlijk wel: cijfers en plezier hebben dus eigenlijk niets met elkaar te maken. Me, cijfernerd, ik vind cijfers leuk, maar leuker is het plezier dat ik aan bloggen beleef. Elke dag, vanaf 1 april.

Zwoel: #WOT deel 33, 2020

Zwoel keek Dineke in de camera. Ze vond het wel leuk, model spelen voor de broer van Joris. Maarten deed een foto-opleiding en had af en toe een model nodig. Normaal deed zijn vriendin het, maar die zat in het buitenland. Een buitenkansje dus voor Dineke. Ze keek nog zwoeler. “Uh Dineke?” zei Maarten. “Niet kijken of je Marilyn Monroe bent boven dat metrorooster.” Dineke keek verbaasd. “Marilyn? Nee! Ik kijk zwoel Maarten, dat moet ik van jou.” Maarten keek bedenkelijk. “Was dat zwoel? Het leek meer alsof je Joris wil verleiden om de afwas te doen.” Hij grijnsde. “Ik denk dat hij dat doorziet.” Dineke zei niets, maar zwaaide nuffig haar omslagdoek om zich heen, en veegde bijna Maartens camera van de standaard. “Ho! Genoeg zwoeliteiten! Serieus modellenwerk nu!” En Maarten klikte door.

Zwoel = 1) Benauwd, 2) Broeiend, 3) Drukkend warm, 4) Laf, 5) Laks, 6) Lauw, 7) Los, 8) Sensueel, 9) Troebel, 10) Verstikkend, 11) Vochtig warm.

Zwoel

Het is het gesprek van de dag en van de week, de hittegolf, nu al verscheidene dagen achter elkaar. En het zorgt voor zwoele avonden, avonden die ik op het balkon heb doorgebracht. De temperatuur binnenshuis is niet te harden, en ik was blij met die ene dag die ik op kantoor heb doorgebracht. Airco! De andere dagen heb ik thuis gewerkt en gezucht en gezweten. Typisch Nederlands weer. Als het warm is vindt men het te warm, als het koud is, wordt het te koud gevonden.

zwoel
Afbeelding van Christian Dorn via Pixabay

Schrijf je mee?

En jij. Vind je dit weer heerlijk en kan het je niet zwoel genoeg zijn of mag de temperatuur minstens tien graden dalen van je? Ik hoor het graag van je. Laat je reactie hier achter.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Een kantoordag

Dat komt af en toe zo maar uit. Ik was aan het schuiven geweest met kantoordagen en was uiteindelijk op vandaag uitgekomen. Dat had verschillende redenen. Een deel ervan was gewoon afspraken combineren. Ik moest namelijk naar het ziekenhuis in Leidschendam voor een CT-scan en dan kon ik makkelijk door voor een kantoordag in Nootdorp.

Puin ruimen

Ik zag er een beetje tegen op, maar het moest wel gebeuren, want wat moest ik doen met de alsmaar groeiende stapel tijdschriften die in normale tijden verspreid werden? Daar gooide ik dus een mail voor de wereld in. Reactie: out of office, vakantie, dus dat kan wel even even duren. Andere tijdschriften kunnen online gevonden worden en kon ik downloaden. Sommige tijdschriften gaan resoluut het oud papier in. Niet belangrijk, iedereen is weg, en nogmaals, niet belangrijk.
Ik ben zo aan het schuiven geweest met ga ik wel – ga ik niet naar kantoor, dat er twee mails al een paar weken hangen. Papers die ik wel heb, maar in mooi ouderwetsch papier in de bibliotheek in Nootdorp staan. Ook die handel ik vandaag af. Dat soort mails gooi ik in de takenlijst van Outlook en het is een stukje voldoening dat die takenlijst korter wordt. Tien tegen één dat morgen weer iemand mailt en iets wil hebben dat in papier op kantoor is, maar dat zie ik dan wel weer.

Kantoor

Ik heb een afspraak dat ik elke week op woensdag op kantoor ben. Dat heb ik de afgelopen weken niet echt gehaald. En ik ga het de komende weken ook niet halen. Hoe lekker het ook is dat ik die twee schermen heb en de ruimte en koelte op kantoor, ik trek mijn eigen plan. Als het nodig is ga ik naar kantoor. Als het beleid verandert hoor ik het wel, en dan ga ik daar mijn plannen op aanpassen. Ik ben eindelijk gewend aan thuiswerken en red het wel. Ja, het gezelschap en de aanspraak van de collega’s mis ik wel, maar daar hoef ik niet voor naar kantoor te gaan, want daar zijn ze niet op dit moment.

Lijdzaamheid: #WOT deel 32, 2020

Zaterdagmiddag. Ik besluit mijn kranten en mijn koffie naar het balkon te verplaatsen. Kussens mee voor mijn stoel en het tafeltje waarop ik mijn benen uitstrek. Ik geeuw en neem snel koffie voor ik in slaap val. Maar in slaap vallen is niet zo’n groot risico met de buurman die iets langdurig en luidruchtig aan het schuren is. Maar gelukkig, na een uurtje is hij klaar. Ik ben ondertussen al een koffie en een krant verder en zucht verlicht. Maar ja, mijn balkon grenst aan de achtertuinen van twee blokken huizen, respectievelijk twee en drie hoog. Ik heb dus nog meer buren. Eén ervan zet zijn radio aan, op een zender waar ik nog nooit van heb gehoord, met muziek die ik nog nooit heb gehoord en ook niet meer wil horen. Ik zucht, bezit mijn ziel in lijdzaamheid, probeer alle geluiden uit te bannen en verder te lezen in mijn kranten.

Lijdzaamheid = 1) Berusting, 2) fatalisme, 3) geduld, 4) gelatenheid, 5) kalme gemoedstoestand, 6) onderwerping, 7) onderworpenheid.

huis op het platteland
Afbeelding van Stanly8853 via Pixabay

Lijdzaamheid

De meeste burenruzies ontstaan door geluidsoverlast. Dat kan ik me voorstellen. Hier in het grillige Nederlandse klimaat komt het niet zo vaak voor dat het mooi weer is. Het is moeilijk je ziel in lijdzaamheid te bezitten als je zelf in je tuin zit met een boek, en de buren hebben besloten een barbecue te organiseren. Voor zichzelf en de hele familie, tien broers en zussen van beide kanten. Dat kan wat geluid- en ook reukoverlast veroorzaken. Het ligt ook een beetje aan je karakter denk ik. Ik ben van de ‘lamawaaien’ groep en zal alleen in uiterste noodzaak overgaan tot klagen. Dat straaltje water dat een paar jaar geleden uit mijn plafond liep, daar heb ik wel even over geklaagd bij de bovenburen. Maar het is een bekend feit dat naarmate het warmer wordt, de lontjes korter en mensen niet echt de ziel in lijdzaamheid bezitten.

Schrijf je mee?

En jij? Ook van de ‘lamawaaien’ groep? Of ben je er juist uitermate slecht in en is dat huisje op de hei toch een goed idee voor je? Schrijf mee en laat je reactie onder dit bericht achter.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzin ik een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.