Schrijfprompt februari: confrontatie

Elke eerste vrijdag van de maand geeft Martha een schrijfopdracht waarmee je aan de gang kunt gaan.

School

De bel ging. “Jongens, ik zet het huiswerk in de app-groep, let daar dus even op. En alsjeblieft me er niet weer uitgooien!”
Gideon liet zijn leerlingen de klas uitgaan. De laatste les van een heel lange dag. Hij maakte het bord schoon. Ouderwets krijt in dit deel van de school. Hij vond het altijd weer fijn.
“Gideon, goed dat ik je nog zie.”
De directeur kwam de klas inlopen, met achter hem een rijzige vrouw en een meisje met een enorme bos donkere krullen.
“Dit zijn Mieke Robben en haar dochter Suus. Ze zijn net hierheen verhuisd. Suus is 15, ze komt in 4 Havo en in jouw mentorklas.”
Gideon schudde de hand van Mieke Robben. Suus stond achter haar en Mieke draaide zich om en trok haar dochter naar voren.
“Suus, je leraar Engels en tevens je nieuwe mentor.”
Ze lachte en zei “leuk met u kennis te maken meneer van Buren.”
Gideon keek haar aan en zag alleen haar bruine ogen met gouden vlekjes erin. Ze babbelde vrolijk.
“Ik houd van Engels, en ik houd van lezen, en meneer de Vries zei dat uw leeslijst heel vrij is, dus ik verheug me erop.”
Gideon kon alleen maar naar haar ogen kijken, de ogen van zijn overleden zus. Suus babbelde door.
“Het laatste boek dat ik op mijn vorige school heb gelezen was Jane Eyre, mijn Engelse leraar ging alleen maar voor de klassieken. Ik geloof dat ik de enige was die het heeft gelezen. De rest heeft het gedaan met uittreksels.”
De directeur stootte Gideon aan, die had in de gaten dat hij er helemaal niet bij was. Mieke Robben keek nadenkend naar Gideon en naar haar dochter. Gideon herstelde zich, “nou Suus, er mogen van mij wel wat klassieken op de lijst, maar ik ga ook voor vrije invulling. Als je zelf een goed boek weet, moet je het maar vragen of je het op je lijst mag zetten.”
Hij kon zich net genoeg concentreren voor dit gesprek. Mieke Robben sprak, “ik heb begrepen dat ik een afspraak met u kan maken. Dat wil ik graag, dan kunnen we even rustig praten over mijn dochter. We hebben een wat enerverend jaar achter de rug. De vader van Suus is vrij plotseling overleden en dat moeten we allebei nog verwerken.”
Gideon knikte en zei, “natuurlijk kunnen we een afspraak maken. Hebt u komende week tijd? Op vrijdag heb ik in de ochtend vaak een paar uur vrij voor afspraken en dergelijke.”
Ze maakten een afspraak en moeder en dochter vertrokken. De directeur bleef nog even staan. “Gaat het goed met je Gideon? Je was ineens heel ver weg.”
Gideon haalde diep adem. “Ja, er is niets aan de hand. Drukke dag.”
De directeur knikte en liep ook weg. Gideon bleef staan en sloot zijn ogen. Hij kon zo het gezicht van Hannah voor zich trekken, de bruine ogen met gouden vlekjes, de bos krullen, de kleine neus. Hij opende zijn ogen en zag Suus weer voor zich, met het gezicht dat er zo op leek.

Avond

Die avond haalde Gideon de fotoboeken uit zijn jeugd tevoorschijn. In het derde boek vond hij de foto’s die hij zocht. De foto van toen Hannah 10 was en hij 18 en ze op zijn rug zat, beiden lachend. De schoolfoto: Hannah 14 jaar oud, in een hevige poging ernstig te kijken, wat mislukte. De brede lach was kenmerkend voor haar. En de laatste foto die hij van haar had. Toen was ze 17 jaar oud, ernstig vermagerd, de drugs in haar gezicht afgetekend en geen lach te bekennen. Het was ook de laatste foto die hij van haar had. Ze was verdwenen en nooit meer teruggekomen. Hij had in jaren niet naar de foto gekeken en miste zijn zus pijnlijk. Zijn ouders waren beiden overleden zonder dat ze wisten wat met hun dochter gebeurd was. En nu was er Suus die als twee druppels water op zijn zus leek, alleen haar huid was wat getinter dan die van Hannah. Hij zat nog lang naar de foto te kijken voor hij zich herinnerde dat hij nog proefwerken moest nakijken voor de volgende dag.

confrontatie

Het gesprek

Mieke Robben was stipt op tijd. Ze gingen zitten en ze keek hem aan. Het leek of ze even niets wilde zeggen maar opende toch het gesprek.
“Het is geen eenvoudig jaar geweest, het afgelopen jaar, de vader van Suus is plotseling overleden. Hij ging joggen en kwam niet terug, een hartaanval.”
Gideon keek haar ernstig aan, “dat is niet makkelijk voor Suus, maar ook niet voor u.”
“Nee”, vervolgde Mieke Robben, “en het was al een gecompliceerd jaar. We hadden Suus twee maanden daarvoor verteld dat we haar hadden geadopteerd. Daar was ze nog mee bezig. Het lijkt altijd wel zonneschijn bij haar, maar er was toch even een mist overheen getrokken. Die adoptie vond ze niet eenvoudig, zelfs al vermoedde ze het.”
Mieke voorzag de vragende blik van Gideon.
“Kijk naar haar krullen, haar bruine ogen, dat kuiltje in haar kin, met twee ouders met glad blond haar en grijze ogen. Dat kuiltje is erfelijk, dat heeft u vast ook wel gehoord. Ze is een slimme meid.”
Gideon voelde onwillekeurig aan het kuiltje in zijn kin en Mieke vervolgde haar verhaal.
“We hebben jaren in Duitsland gewoond, in Berlijn, voor het werk van mijn man. Met mijn werk als vertaler kan ik overal wonen. En daar hebben we Suus geadopteerd. Haar moeder is overleden door complicaties na de geboorte, ze heeft Suus twee weken meegemaakt, haar naam gegeven. Susannah heet ze voluit, dat wilde haar moeder. Wij hebben er Suus van gemaakt, de moeder van mijn man heette Suze.”
Ze kreeg het even te kwaad. Gideon stond op en haalde water voor Mieke. Mieke ging door, “we kregen haar toen we allebei 40 waren. Een cadeautje vonden we. En ze is nog steeds een cadeautje. Die mist bij haar is weggetrokken. We waren het er beiden over eens dat we naar Nederland terug wilden.”
Gideon kon niets zeggen. Ze zaten stil tegenover elkaar. Mieke Robben herstelde zich en de rest van de tijd konden ze over het schoolwerk van Suus praten. Maar het hart van Gideon was zwaar. Duitsland. Daar was ze dus heen gegaan, waarschijnlijk met dat vriendje van haar, die dealer. En daar was ze dus uit hun gezichtsveld verdwenen en was ze alleen geweest, had ze een zwangerschap meegemaakt en was ze overleden.

Avond

Die avond haalde hij de foto weer tevoorschijn en keek naar het magere gezichtje. Hij vroeg zich af wat hij moest doen. Zijn gevoel vertelde hem dat Suus de dochter van zijn zus was, dat die vrouw die haar baby Susannah had genoemd zijn zus was. Hannah had de naam in een boek gevonden toen ze 12 was en had toen verklaard dat het een prachtige naam was voor een dochter van een Hannah. Maar hij wist niet hoe hij Mieke Robben of haar dochter daarmee moest confronteren en of hij dat sowieso moest doen.

School

Werd het nou makkelijker? Suus elke dag zien? Bij de Engelse les, bij de mentoruren, bij huiswerkbegeleiding? Haar zien gieren van het lachen met haar vriendinnen. De concentratie op haar gezicht als hij haar Duitse accent verbeterde. De verwoede discussies over boeken. Hoe langer hij haar les gaf en haar zag, hoe meer de twijfel toesloeg. Wel, niet, wel, niet. Het hielp niet dat hij er met niemand over kon praten. Hij had geen broers of zussen en zijn relatie was een jaar daarvoor uitgegaan. Zijn ex-vriendin wist ook niets van zijn zus.
Op vrijdagochtend was hij bezig met een achterstand in werkstukken nakijken toen Mieke Robben zijn klas binnenkwam. Toen ze beiden zaten, begon ze. Dat ze de gelijkenis had gezien tussen Gideon en Suus en nu twijfelde. Want ze had ook de moeder van Suus gezien. Die was toen ziek en mager en haar haar was gekortwiekt, maar die ogen waren gebleven en het kuiltje en de gelijkenis. En nu twijfelde ze. Want het geboortebewijs van Suus, daar stond de naam van haar moeder op: Hannah Beuren. Iets dat was opgetekend uit haar mond aangezien ze totaal geen legitimatie bij zich had toen ze in het ziekenhuis kwam. En Beuren en Van Buren, hoeveel verschilde dat nou? Gideon zei niets, hij kon nauwelijks ademhalen. Hij stond op en pakte zijn tas. De foto van Hannah zat daarin, die had hij de laatste weken constant bij zich. Hij liet hem aan Mieke Robben zien. Hij vertelde haar dat dit zijn zus was. Ze snikte toen ze de foto zag. Gideon haalde zijn hand door zijn krullende haar en vertelde Mieke Robben dat hij de gelijkenis had gezien en er bijna zeker van was dat Suus de dochter van zijn zus was. Maar wat is wijsheid? Wat werd er gewonnen door haar te confronteren met iets wat net zo goed niet zo kon zijn? Ze nam een slok van haar water en knikte. Ze wisten het niet en wilden het niet weten.

Confrontatie

De volgende dag was hij na school in de zon op het muurtje bij het fietsenhok gaan zitten. Hij wilde nadenken. Toen ze hem op het muurtje zag zitten, nam ze naast hem plaats. Hij zat met zijn ogen dicht en merkte haar eerst niet op. Zij praatte tegen hem aan. “Ik wil een boek op mijn lijst zetten en wil zeker weten of het goed is, ziet u. Mijn moeder vond het boek geweldig, ik vind het ook geweldig. Zeker die verhouding tussen vader en dochter ziet u. Hij moet zijn dochter accepteren zoals ze is geworden, namelijk vampier. Of hij moet de confrontatie aangaan met haar, met haar praten over wat ze is, wat ze wordt.”
Hij liet haar praten.
“Dus er zit echt wel inhoud in, in die boeken, meneer van Buren.”
Hij keek haar aan en concentreerde zich op haar woorden. “Dan moet ik wel eerst weten over welke boeken je het hebt, Suus.”
Ze giechelde. “Oh, ik heb het over de Twilight boeken van Stephenie Meyer. Ik heb ze allemaal gelezen, en de films heb ik ook gezien. En ik wil Breaking Dawn op mijn lijst zetten. Het wordt op deze manier echt een leuke lijst. Daar komt mijn moeder.”
Ze stond op en keek hem aan met die bruine ogen met gouden vlekjes erin.
“Zie ik u morgen?”
Ze leek echt op een antwoord te wachten, op iets wat vanzelfsprekend was. Hij zweeg en keek haar aan.
“Meneer van Buren?”
Hij sloot zijn ogen en opende ze weer.
“Ja. Ik zie je morgen weer. Tot morgen Suus, en doe je moeder de groeten.”
Ze rende naar de auto van haar moeder, stapte in en zwaaide. Haar moeder zei iets tegen haar en ze lachte naar haar moeder. Haar moeder zwaaide. Hij zwaaide terug en bleef op het muurtje zitten. Pas tien minuten later stond hij op en liep naar het fietsenhok, naar zijn fiets.

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay.
Mijn vorige verhaal voor de schrijfprompts vind je hier. Al mijn verhalen hebben de tag Eigen verhalen gekregen.

Theater in romans: Stad van meisjes

New York, 1940. De negentienjarige Vivian Morris heeft het eerste jaar van de universiteit niet gehaald, omdat ze werkelijk niets heeft uitgevoerd. Haar ouders besluiten dat ze bij haar tante Peg in New York moet gaan wonen. Haar tante is de eigenaar van het Lily Playhouse, een roemrucht maar vervallen theater in Manhattan, en Vivian voelt zich meteen thuis in de extravagante en onconventionele wereld van acteurs en showgirls. Ze voelt zich thuis in het theaterleven. Ze mag achter de schermen werken en de kostuums ontwerpen, daar wordt ze heel goed in. Maar als ze een schandaal veroorzaakt staat haar wereld op zijn kop en zal ze pas jaren later alle gevolgen kunnen overzien.

Elizabeth Gilbert

Elizabeth Gilbert, Stad van meisjes. – Amsterdam: Cargo, 2019.
ISBN 978-94-031-5820-4
Vert. van City of Girls

Wat vond ik ervan?

Dat vind ik wat moeilijk te vertellen. Ik had moeite met de vorm waarin het boek is gegoten, namelijk een lange brief. De oude Vivian Morris vertelt in 2010 aan Angela wat ze voor de vader van Angela heeft betekend. Dan krijg je als lezer vervolgens een lang relaas over het leven van Vivian, het verwende kind dat naar New York wordt gestuurd door haar ouders en daar een leven opbouwt in het theater van haar tante. Is dat leven interessant, ja, absoluut wel. Het relaas over jonge mensen in het New York van 1940 is de moeite waard, zeker als je enigszins door het losbandige karakter heen prikt. Voor meisjes van 20 is alleen de lol belangrijk. En de seks wordt er los doorheen gegooid, want die meiden leven voor de seks, en niet alleen met mannen. Het schandaal waar we het over hebben, heeft ook alles met seks te maken. Het was interessant genoeg. Maar was dit allemaal nodig om vervolgens Frank Grecco, de vader van Angela ten tonele te voeren? Want dit hele relaas duurt dus bijna 450 pagina’s van de 525. Ja, in eerlijkheid, hij is een figurant met één zin ergens op pagina 327, maar dat heeft dan nog geen impact. Het lijken twee verschillende verhalen. En apart zijn die verhalen heel interessant, maar de verbinding tussen de verhalen was me niet helemaal duidelijk. Het evenwicht tussen de verhalen was zoek.

Enkele citaten

Vivian leeft een losbandig leven in New York. Maar ze schaamt zich diep over haar aandeel in het schandaal dat haar in eerste instantie weer thuis bij haar ouders brengt. “Als we jong zijn, Angela, kunnen we de dupe worden van de misvatting dat de tijd alle wonden heelt en dat alles uiteindelijk vanzelf op z’n pootjes terechtkomt. Maar als we ouder worden, leren we deze treurige waarheid: sommige dingen kunnen nooit rechtgezet worden. Sommige vergissingen kunnen nooit goed gemaakt worden, niet door het verstrijken van de tijd en ook niet door onze vurigste wensen.” (p. 383)
Een levensles die ze pas na jaren inziet: “En hoe dan ook komt er in een vrouwenleven een moment waarop ze het beu is zich voortdurend te schamen. Daarna is ze vrij om te worden wat ze echt is.” (p. 422)
En dat is ongeveer waar het boek over gaat.

De theaterconnectie

Niet te missen natuurlijk. Het Lily Playhouse, het theater van Vivians tante Peg, dat amusement levert voor arbeiders. Korte stukken die allemaal hetzelfde inhouden, en voor weinig geld opgevoerd worden. Dat verandert pas als Edna Parker Watson in het Lily Playhouse intrekt. Edna is een Engelse actrice die een vriendin is van Peg. Zij komt naar New York gedwongen door de oorlog. Haar huis in Londen is gebombardeerd. Edna is getrouwd met de veel jongere Arthur. Peg vindt dat Edna moet kunnen spelen en zorgt ervoor dat haar man Billy naar New York komt. Ze leven al jaren gescheiden van elkaar. Billy schrijft een toneelstuk voor Edna, Stad van Meisjes, waar Edna in gaat spelen. Het stuk wordt een enorm succes. Vivian is stapelverliefd op de mannelijke hoofdrolspeler Anthony Roccella. Het theaterleven is een belangrijk onderdeel van dit boek.

Over Elizabeth Gilbert

Het boek waarmee Elizabeth Gilbert doorbrak was Eat, Pray, Love, een boek dat is verfilmd met Julia Roberts in de hoofdrol. Het boek kwam uit in 2006, maar voor die tijd had ze al enkele boeken gepubliceerd. Ze heeft niet alleen romans gepubliceerd, maar ook verhalenbundels.

Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.

Schrijflessen 101

Vanochtend zat ik een interview te lezen met schrijver Jan Brokken. Zijn oeuvre telt 32 boeken, fictie en non-fictie. Het interview** was bijzonder interessant. Eén uitspraak van hem vond ik opvallend.

De laatste scène van een verhaal moet je in je hoofd hebben, want daar moet je naartoe werken. En de laatste zin moet je vrij nauwkeurig weten.

Voor de schrijfprompt van januari heb ik een verhaal geschreven waarvan ik het einde al vanaf het begin in mijn hoofd had. De meningen verschillen over wat werkt want twee andere schrijvers, Martha en Cindy werken zo nooit, zij werken met een idee dat zich ontwikkelt tijdens het schrijven. Ik ga toch voor die theorie van het einde in je hoofd hebben, want ook bij stukjes als dit geldt, waar gaat het heen? Het loont voor mij als ik een eind heb, waar ik naar toe wil.

schrijven

Het einde of het begin

Ik heb ook wel eens andersom gewerkt, namelijk met een opzet voor het begin en vervolgens ben ik naar het einde toe gaan werken. Dat was voor mijn #twentydaystory, twintig dagen achter elkaar schrijven en een verhaal produceren met alleen een aanzet. De eerlijkheid gebiedt me wel te zeggen dat ik verschillende keren in die periode met het zweet in de handen heb gezeten omdat ik geen idee had hoe ik verder moest. De gedachte aan een schema is me wel eens door het hoofd geschoten. Maar tot nu toe heb ik elk verhaal zonder schema geschreven. Ik heb hoogstens een enigszins omlijnd idee waar ik naar toe wil. En gelukkig, Brokken doet er ook niet aan.

En een schema?
‘Het is vreemd maar zo werk ik niet.’ Hij vertelt over Hella Haasse, die haar documentatie in twee plastic tassen bewaarde en zei: ik onthoud alleen wat ik kan gebruiken. Haar complexe historische romans ontstonden uit chaos. Jan Cremer daarentegen, van wie je zou verwachten dat hij de woorden er in een woeste bui in één keer uit ramt, maakt complexe schema’s vol kleurtjes en lijntjes. Maar voor Brokken geen schema. Hij schrijft zoals hij reist: zoekend.

De oorsprong

Het idee voor dit stuk begon met het interview met Jan Brokken, waarvan ik vond dat hij mooie dingen vertelde over het ambacht van schrijven. Door zoekende kwam ik tot de ontdekking dat hij meerdere boeken heeft geschreven over schrijven. Bijvoorbeeld Het hoe, gepubliceerd in 2011, en De wil en de weg, gepubliceerd in 2006. Boeken die ik zeker een keer wil lezen.
Ik ben overigens van plan meer te gaan publiceren over inspiratiebronnen voor het schrijven.

**Het interview: Elke dag vanaf pagina 1: interview met Jan Brokken / Sander Pleij, De Volkskrant, 8 februari 2020.
Afbeelding van cromaconceptovisual via Pixabay

Rebelleren: #WOT 2020, deel 6

Af en toe denk ik het wel eens, stilstaand bij het rode verkeerslicht, met links en rechts inhalende fietsers, ik ga er doorheen! Ik ga rebelleren! En dan blijf ik weer staan, hoofdzakelijk omdat er een file auto’s aankomt die van het groene licht gebruik maakt.

Rebelleren: dwarsliggen, herrieschoppen, in opstand komen, muiten, opstaan

Rebelleren

Bij sommige mensen zit het in het bloed. Rebelleren, tegendraads zijn. Bij mij niet. Je kan mij rustig de braafste van de klas noemen. Wie heeft al zijn boeken gelezen voor zijn examenlijst? Uw ondergetekende. Ik heb zelfs nog extra boeken gelezen. Wie deed altijd braaf het huiswerk? Ja, het is al bekend. Het zit er bij mij gewoon niet in. Leven en laten leven denk ik altijd. Doe niet zo moeilijk. Ik zit er niet mee. Ik doe ook niet mee aan Twitterfitties. Mensen moeten dat zelf maar weten, maar ik snap werkelijk niet waarom je een conflict met iemand uitknokt op zo’n publiek terrein.

verkeerslicht

Toch eentje

Eén ding kan mij wel op tilt laten slaan en dat zijn de software updates bij mij op het werk. Die cruciale, die volslagen noodzakelijke update waar je altijd een melding voor krijgt en die je haast niet durft uit te stellen. Behalve dan als je de ervaring hebt dat die updates meer mislukken dan lukken. Ik druk dus op “postpone”, daar ben ik dan even heel rebels in.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzint Irene een woord waar je over kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Afbeelding van WikimediaImages via Pixabay

Klussen: #WOT 2020, deel 5

De was opvouwen, dat is nou typisch zo’n klus waar ik een hekel aan heb. Wassen, was ophangen, geen probleem mee, maar opvouwen? Het is dat ik de krat nodig heb voor een nieuwe was. Boodschappen, vooral het sjouwen, hoeft voor mij niet. Leve de bezorgdienst van de AH.

Klussen

In de tijd dat ik werkeloos was, inmiddels ook al bijna zes jaar geleden, had ik een Word-document met allerlei klussen die gedaan moesten worden. Je zou denken, werkeloos, tijd zat. Ik heb dat document nog, en er staan klussen op die er toen ook al op stonden. Wat zal ik zeggen? Uitstellen is mijn middle name. Schilderijen ophangen, lampje in de gang herstellen dat al minstens drie jaar op half zeven hangt, vriezer ontdooien waar wel heel weinig ruimte in zit door het ijs. Het zijn allemaal van die dingen waar ik geen enthousiasme voor kan opbrengen. Het beste is dat soort dingen meteen door een klusjesman te laten doen. Het huishouden heb ik geen moeite mee, want daar heb ik een werkster voor.

lijst

Werk

Op het werk ligt het wat anders. Tenslotte word ik er daar voor betaald. Dan komen er wel eens klussen langs waarvan je denkt, moet dat nou? Ja, dat moet en als je even je schouders eronder zet is het zo gedaan. Thuis werkt dat niet zo is mijn ervaring. Komt denk ik ook omdat ik thuis de enige ben die de schouders eronder zet. Op mijn werk kan ik nog wel eens collega’s inschakelen. Ook daar heb ik een to do lijst in Word. In Outlook gebruik ik een taak als ik een mail later moet afhandelen. Post-its willen ook nog wel eens op mijn bureau rondzwerven, maar dat is nooit lang, aangezien ik elke avond mijn bureau moet leegruimen. Het ideale systeem heb ik nog niet gevonden. Tips zijn welkom

Klussen : 1) doe-het-zelven 2) een karwei verrichten 3) karweien 4) karweitjes opknappen 5) kleine reparaties uitvoeren 6) snabbelen 7) werken.

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzint Irene een woord waar je over mee kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment instappen.

Afbeelding van Alexas_Fotos via Pixabay

Januari prompt: een slecht voornemen

Elke eerste vrijdag van de maand geeft Martha een schrijfopdracht waarmee je aan de gang kunt gaan. Het is typisch voor mij dat ik die opdracht op de eerste vrijdag lees en op de laatste vrijdag indien. Enger is dat ik ook feedback kan krijgen. Er moet overal een eerste keer voor zijn.

Januari

Het was donker in de slaapkamer. Heleen duwde de deur voorzichtig open. “Vincent? Van je moeder mocht ik naar boven.”
Ze duwde de deur helemaal open, liep door naar het raam en trok het gordijn open.
“Ga weg!“ klonk het uit het bed. Heleen legde wat boeken van de bureaustoel op het al volle bureau. “Ik ga niet weg voordat je uit je bed komt, luilak. Je zou mee gaan hardlopen en dit is al de derde keer dat je te lui bent om mee te gaan.”
Het bed verroerde zich niet. Heleen duwde met een sportschoen tegen de vorm onder het dekbed. “Kom op! Uit bed, aankleden, douchen mag na het rennen. Het is heerlijk weer voor januari. Prima voor hardlopen.”
“Ga weg!” klonk het nogmaals, “ik kom tot en met december niet uit bed!”
Ze schoof de stoel naar achter tegen het bureau. De laptop werd wakker en ze zag de mail over het voornemen op het scherm staan. Ze giechelde. “Dus daarom sluit je je op. Het voornemen! Oh, wat ben ik blij dat ik dat vorig jaar allemaal heb gehad.” Ze gierde nu helemaal van het lachen. “Oh, en dat krijg jij nu! Baal jij even dat je drie weken jonger bent dan ik. Net in januari geboren!”
Vincent vond het helemaal niet leuk. Hij zat recht overeind in bed.
“Weet je wel wat dit betekent? Precies in het examenjaar en volgend schooljaar op de universiteit heb ik er ook last van. Ik doe het niet!”
Heleen hikte na. “Je kan het niet ontlopen, lukte mij ook niet. Ik ga hardlopen. Blijf jij maar hier, kan je alvast nadenken over je goede voornemen.” Ze liep de deur uit.
Vincent haalde een hand door zijn haar en dacht na.

Februari

De eerste bijeenkomst voor het voornemen. Vincent zat in het midden van de zaal. Zijn beste vriend Mark zat naast hem en praatte onophoudelijk door. Dat hij al zo’n goed idee had en dat straks wilde bespreken met de mentor en dat hij dan vast in één keer klaar was. Zijn vader had hem geholpen en het was het beste idee ooit. Hij kon de rest van het jaar op zijn lauweren rusten. Vincent reageerde nergens op. Toen de bijeenkomst afgelopen was, schoot Mark meteen naar de mentor. De volgende ochtend kreeg Vincent een enthousiast appje van Mark. Dat hij zijn idee had besproken, het die middag meteen had ingevoerd in het systeem en deze ochtend al een goedkeuring had gekregen. Hoezee! Kreunend legde Vincent zijn telefoon weg. Zijn moeder trok haar wenkbrauwen op, maar Vincent reageerde niet, pakte zijn rugzak en ging naar school.

Maart

“Je zal toch een keer iets moeten ondernemen, het is verplicht weet je.” Heleen en Vincent stonden te rekken en te strekken aan het eind van hun hardlooproute.
“Ik heb er echt moeite mee gehad en heb tot in december zitten rekken, maar ik ben zo blij dat het klaar is. Weet je wel in wat voor programma je terecht komt als je last minute voorstel niet goedgekeurd wordt? De neef van Mark zit daar nu in, die mag elke week een les volgen. Waarom denk je dat Mark zo snel was?”
Vincent zei niets.
“Ja, het is leuk Vin, maar wil je op de universiteit je tijd verdoen met dat voornemen? Met die druk van tegenwoordig heb je wel wat beters te doen.”
Heleen stopte met strekken en vouwde zichzelf voorover, haar vlechten doken met een wijde boog mee. Vincent deed onwillekeurig een stap naar achter. Ze kwam weer overeind.
“Vin, wat wil je nou? Ik ken je wel een beetje. Hoe stiller je bent, hoe meer er in je omgaat. En alles wat moet, ga je met een wijde boog omheen.”
Met twee vingers pakte ze zijn gezicht en trok het naar haar toe. “Bedenk iets, Vincent. Soms moet je met de stroom mee, weet je.”
Ze liet hem los en keek hem peinzend aan. “Tot morgen, ik zie je bij wiskunde.” Ze stak de weg over naar haar huis.
Vincent keek haar na en liep naar zijn huis. Na zijn douche ging hij achter zijn computer zitten en knakte zijn vingers. Hij logde in op het forum van de school, onderwerp voornemen.
“Lieve klasgenoten. We weten het. Dit jaar is het eerste jaar van de rest van ons leven. In de voorbereiding op ons volwassen leven moeten we een goed voornemen hebben en daar naar gaan leven. Ik zal de enige niet zijn die daar totaal geen zin in heeft. Maar ik ga er wel naar handelen! Een goed voornemen? Ik ga op de zeepkist staan en ik gooi het de deur uit! Geen goed voornemen voor mij! Mijn voornemen is een slecht voornemen te verzinnen en daar naar te leven. De maatschappij moet in evenwicht blijven, we moeten ook slechteriken hebben! Viva La Revolución!”
Hij plakte er handmatig wat rode vlaggetjes bij, en drukte op Send.
De volgende ochtend moest hij bij de directeur op het matje komen.

voornemen

April

De directeur was kwaad. Het hele programma liep juist zo lekker met een record aantal leerlingen waarvan het voornemen al was ingevuld. En dan kreeg ze nu te maken met eigengereide Vincent die zijn hele schooltijd precies het tegenovergestelde had gedaan dan wat van hem verwacht werd en ze kon er niet tegen. Hij kreeg de wind van voren. De mentor zat er bij en hield zijn mond. Hij kwam er ook gewoon niet tussen. Het moment dat de directeur naar adem snakte, kwam Vincent ertussen. “Was dat Viva la Revolución teveel? Ik dacht nog, zal ik wel, zal ik niet…”
Het gezicht van de directeur werd rood. De mentor kwam er snel tussen. “Zal ik Vincent overnemen mevrouw Troost? U heeft het zo druk met het reilen en zeilen van de school. En ik ben hier tenslotte om het programma voor het voornemen te ondersteunen.”
Hij nam Vincent mee naar zijn eigen kamer. “Wil je iets te drinken, Vincent?”
Vincent lag onderuit op een stoel. “Een briefje om me te verontschuldigen bij wiskunde is handiger denk ik.”
Hij grijnsde. De mentor grijnsde terug.
“Vincent, ik denk dat je heel goed in de gaten hebt waar dit programma eigenlijk over gaat. Ik denk ook, gezien je schoolverslagen, dat je daar dwars tegenin gaat.”
Vincent grijnsde nog steeds.
“Ik zit hier niet om je te straffen. Het programma is er met een reden, het hoort bij je, het hoort bij iedere leerling. En ik ben hier om je te laten zien dat je zelfs met tegen de stroom in gaan, je met de stroom mee kunt. De komende maanden gaan we eraan werken. Ik kan je vertellen dat zelfs als je de school verlaat mij als mentor houdt, want anders schiet het ook niet op natuurlijk. Ik ga een programma voor je in elkaar zetten. We gaan elkaar vaak zien de komende maanden.”
Vincent grijnsde niet meer.

Mei

Heleen kon niet meer van het lachen. Vincent keek alleen maar boos.
“Hij is leuk, hij is leuk!” Ze kreunde bijna van de pijn in haar zij. Vincent gaf haar een duw. Hij had haar net het relaas gegeven van het eerste overleg met de mentor en dat was naar zijn idee niet zonnig.
“Weet je, je bent mijn beste vriendin en dan doe je zo. Ik vind het niet echt aardig.”
Heleen zat ineens overeind. “Ja, maar schat, wat wil je dan? We zijn vrienden, al vanaf de kleuterschool, maar jij bent af en toe ondoorgrondelijk voor mij. Dat dwarse van je, en toch ben je dan recht door zee. Ik begrijp het niet.”
Vincent keek stuurs. Aan de ene kant wilde hij het uitleggen, aan de andere kant niet. En hij werd boos en zei dat niet tegen Heleen, die zijn beste vriendin was. Het meisje waar hij gek op was, waar hij van hield, wat hij nooit had gezegd. Dat meisje stond nu tegenover hem, met haar handen in haar zij.
“Je moet echt beslissen wat je wilt, Vincent, en niet alleen voor dit moment.”
Ze draaide zich om en liep naar haar vriendinnen. Vincent stond zich te verbijten.

Juni

Juli

Augustus

September

Vincent las het bericht op zijn telefoon en zuchtte. Hij ontkwam echt niet aan de mentor, want die vertelde hem dat hij een wekelijks spreekuur had op de Universiteit Leiden. Heleen trok aan zijn arm. “Kom nou! Die hele El Cid week gaat nu pas echt van start. Even een week lol en dan moeten we hard gaan werken.” Ze stopte toen zijn ernstige gezicht op haar inwerkte. “De mentor heeft gemaild. Ik heb over twee weken een afspraak met hem.” De frons in zijn voorhoofd werd alsmaar dieper.
“Over twee weken, Vin, nu even lol, we hebben verschillende studies, hier zien we elkaar nog, later niet meer. Zet het even uit je hoofd.”
Ze greep zijn hand en trok hem mee.

Oktober

Vincent zei niets. De mentor ook niet, hij was zich er wel van bewust dat hij Vincent los moest trekken uit zijn gedachtenstroom.
“Bevalt politicologie je als studie, Vincent? Het is wel toepasselijk, politicologie, zeepkist.”
Vincent keek hem aan alsof hij net wakker werd.
“Helaas moeten we nog wel even iets doen aan het programma, ik kan me voorstellen dat je studie interessanter is. Zou ik ook vinden.”
Vincent keek hem nog steeds aan.
“Zullen we afspraken maken voor november en december?”
Vincent stond op en liep de deur uit. De mentor keek hem na.
“Ik ga denk ik die afspraken op de mail zetten.” In het luchtledige pratend liep hij naar zijn computer en opende de agenda. “En ik ga er denk ook aandachtspunten bijzetten, zeker voor november, dan kan je in december doorzetten met je voornemen.”
Een collega keek verbaasd de kamer in. De mentor grinnikte, “hij is al weg, bedenkt zelf al wat relevant is.” De collega knikte, niet helemaal overtuigd.

November

Vincent keek naar de vijftiende e-mail van de mentor op zijn telefoon, een herinnering om contact op te nemen. “Viva La Revolución”, dacht hij, en verwijderde de e-mail. Heleen kwam aanrennen. “Sorry, sorry, het college liep uit, ik wist niet dat je over de staatkundige geschiedenis van Nederland zo lang kon doorgaan.” Ze ging naast hem zitten. “Koffie?” Hij schudde zijn hoofd. “Lunch dan, het is wel vroeg, maar ik heb vanmiddag weer college.” Hij schudde zijn hoofd. Heleen keek geïrriteerd, dit was niet de eerste keer dat het zo ging. Ze snoof. “Revolutie?”
Hij keek haar aan.
“Ik ga lunchen met mijn studiegenoten. Jij bent namelijk niet te genieten. Voor iemand die niet bezig wilde zijn met dat voornemen ben je er verdomd veel mee bezig. En dat is nou niet bepaald interessant voor mij. Jij begreep vorig jaar niets van mij. Ik begrijp dit jaar niets van jou. Ik hoor wel van je als je eruit bent.”
Ze beende weg. Vincent zuchtte en zocht het telefoonnummer van de mentor op.

December

Vincent zuchtte. Waar ging het nou eigenlijk om? Het voornemen? Zijn gevoel? Overtuiging? Zijn dwarse natuur? Zijn vingers aarzelden boven het toetsenbord. De Skype pingde en hij klikte het scherm omhoog. Hij zag Heleen, lachend.
“De laatste loodjes hé? Invullen die hap! Kerstdiner, kom naar beneden.”
Hij stak zijn tong uit, sloot de Skype af en opende het voornemenscherm:
“Laten we even duidelijk zijn, ik wil niet. Ik ben niet zo iemand die met de stroom meegaat. Maar ik wil ook niet automatisch tegen de stroom ingaan en dat is dit jaar wel gebeurd. Noem het opgroeien. Ik wil niet moeten, maar af en toe moet ik wel. Mijn voornemen goed of slecht: tegen de stroom ingaan, nadenken over die stroom en daar een hekje inzetten als het nodig mocht zijn. Viva La Revolución! En nu realiseer ik me dat ik toch met dat programma ben meegegaan. Potverdriedubbeltjes!!!!”
Hij hoorde Heleens vader lachen en drukte op Send. Het kerstdiner wachtte.

Afbeelding van motihada via Pixabay

Stiel: #WOT 2020, deel 1

Stiel ~ 1) Ambacht 2) Bedrijf 3) Beroep 4) Handwerk 5) Maatschappelijke werkkring 6) metier 7) Vak.

Volgens de definitie van Irene heb ik een stiel, namelijk informatiespecialist. Dat neemt niet weg dat mijn opleiding me oorspronkelijk heeft opgeleid tot functionaris in wetenschappelijke bibliotheken. Ik heb ook daadwerkelijk in een wetenschappelijke bibliotheek gewerkt. Nu zit ik al weer jaren in een bedrijfsbibliotheek éénvrouwstoko te spelen. Mijn carrière keuze viel zo ongeveer rond mijn veertiende toen ik er achter kwam dat je een opleiding had voor het werk op de plek waar ik elke week minstens één keer zat. Was een andere carrière leuk geweest? Vast wel, mijn belangstelling is breed. Ik was al lang aan het werk toen ik puur uit liefde voor het vak geschiedenis ging studeren in Leiden. Taal heeft ook mijn belangstelling. Nederlands was vast ook leuk geweest. En die taalliefde draaide op volle toeren deze week.

Schaatsschuld

Ik las een bericht over minister Wopke Hoekstra die zich bezorgd maakte over de zorgkosten. Terecht, die lopen de pan uit. Maar er waren ook lichtpuntjes. Hij hamerde er namelijk op dat de schaatsschuld met zo’n tien procentpunt was afgelost. Geen woord uit het bericht drong verder nog tot me door. Mijn hersens sloegen ogenblikkelijk op hol. Wat was dat dan? Sven Kramer die zijn salaris niet had gekregen? Thialf die een schaatsschuld had? Allerlei schaatsers in het wild die hun boetes niet hadden betaald en dus een schaatsschuld hadden? Allerlei scenario’s speelden door mijn hoofd.

Stiel

Het is dus een stiel, mijn vak. Een stiel die ik met veel liefde doe, en waar ik na 33 jaar nog steeds veel plezier in heb. En de Nederlandse taal? Een liefhebberij, iets nerderigs en neurotisch, want het kan af en toe wel zwaar irritant zijn als Ali vertelt dat iets fout is. Maar de schaatsschuld, ja, daar zou ik wel mijn stiel van willen maken. Wat voor oplossingen kunnen daarvoor zijn?

#WOT betekent Write on Thursday. Iedere donderdag verzint Irene een woord waar je over mee kunt schrijven (bloggen, vloggen of ploggen). Niets moet, alles mag. Je kunt op ieder moment dat je wil instappen.

Dit was 2019 en trouwens ook 2018

Ik was – weken geleden – dit blog gestart met een negatief verhaal van wat ik allemaal niet had gedaan in 2019. Eén van die dingen was een jaaroverzicht maken over 2018. Dat is dus de reden dat ik 2018 ook nog aanhaal in dit overzicht. Maar voor de rest stop ik met negatief doen. Wat heb ik allemaal gedaan? Veel gelezen en veel geschreven. Ik heb meegedaan aan leesacties, de Maand van de Klassieker in 2018, de Maand van de Surinaamse Literatuur in 2018 en 2019. In 2019 heb ik die zelf georganiseerd. In maart 2019 was het Nederlands wat ik las. Verder heb ik nog meegedaan aan leesacties voor boeken, bijvoorbeeld Anna Boom van Judith Koelemeijer en De paradox van geluk van Aminatta Forna.

20200101s_jaaroverzicht

De Russen

Het was ineens in de mode. Russische boeken. Dat kwam omdat de nieuwe vertaling van Anna Karenina door Hans Boland gepubliceerd werd. En daarvoor werd een leesactie georganiseerd. Leuk om mee te doen, en leuk om Anna Karenina te lezen, een verhaal dat ik wel globaal kende, maar nooit had gelezen. Hans Boland heeft ook een boek over zijn vertaling gepubliceerd.
Het maakte nieuwsgierig naar een ander Russisch meesterwerk, namelijk Oorlog en Vrede van Leo Tolstoj, een boek waar ik in mijn middelbare schooltijd ooit aan was begonnen, maar nooit had uitgelezen. Maar ik heb het nog niet uitgelezen, terwijl ik de besprekingen van deel één en twee wel heb gepubliceerd.
Fjodor Dostojevski, Misdaad en straf, was er ook zo’n Russische klassieker die door Hans Boland is vertaald. Ik was uitermate gecharmeerd van zijn vertaling van Anna Karenina, vandaar dat ik deze ook wilde lezen. Ik heb het in twee delen besproken, namelijk hier en hier. Het boek over de vertaling heb ik ook gelezen en die bespreking is hier te vinden.

Verhalen schrijven

Ik kreeg er zin in, in 2018 en 2019, verhalen schrijven. Stiekem was dat natuurlijk altijd de bedoeling geweest van dit blog. Nog stiekemer wil ik natuurlijk een boek schrijven, maar daar is nog even het probleem mee dat ik geen idee heb wat voor boek. Ik hou het even bij verhalen op dit blog. Ik heb de #WOT (Write on Thursday) er regelmatig voor gebruikt. In 2018 kreeg ik de smaak te pakken voor Dineke in mijn kerstverhaal bij Martha. Dineke kwam regelmatig terug, namelijk in mijn Een verhaal in twintig dagen #twentydaystory, in een #WOT over hitte, en in een #WOT over onderweg. Ze speelde een bijrol in mijn kerstverhaal van 2019.

Mijn favorieten van 2018 en 2019

  • Martha had een leuk idee: ze wilde in 20 dagen een verhaal gaan schrijven. Zij schreef in het Engels, ik ging in het Nederlands schrijven. Het verhaal wist ik nog niet, wel de hoofdpersoon, Dineke die ook de hoofdpersoon in mijn eerste kerstverhaal was.. Ik begon aan Een verhaal in twintig dagen #twentydaystory op 5 juni 2019. Alles bij elkaar heb ik er 22 dagen aan besteed. Op twee dagen lukte het niet te schrijven. Een andere favoriet hoort hier bij, namelijk de bijlage over het schrijfproces.
  • Mijn kerstverhalen. Ook dat was een schrijfopdracht van Martha, en de beide verhalen zijn op haar blog gepubliceerd. Die van 2018 met Dineke staat hier, en het verhaal van 2019 met Heleen hier.
  • Op de site van Hoofdstuk12 werd ik als boekblogger in het zonnetje gezet.
  • De eerste keer dat ik dit heb gedaan, 21 gewetensvragen beantwoord.
  • Mijn serie over minibiebs. Een blog van Raymond Snijders over minibiebs in zijn woonplaats Deventer leidde tot de inspiratie en drie blogs over minibiebs in Den Haag en Rijswijk. Ik wil de serie voortzetten in 2020.

Haghespel

Het zat er eigenlijk al een tijdje aan te komen. We zijn in 2019 gestopt met Haghespel. Het kwam er eigenlijk op neer dat we geen energie meer over hadden om erin te pompen. Iedereen was aan het weifelen over het hoe en waarom van recensies. We zaten te twijfelen of mensen het nog wilden lezen. De beslissing viel in mei, we hebben het toneelseizoen afgemaakt en dat was dat. Ruw geteld heb ik sinds december 2000 aan 150 nummers meegewerkt als eindredacteur / hoofdredacteur / recensent. Het was in het najaar even wennen dat ik niets te verzamelen en te schrijven had, maar het is goed geweest.

Instagram

Ik heb al jaren een Instagram account, dat ik wisselend gebruik. Dan weer weken niet, dan weer een paar achter elkaar. Sinds een paar maanden plaats ik elke woensdag een foto, hetgeen me de waarde heeft laten inzien van een voorraad foto’s aanleggen. Het kost af en toe moeite. Hier hoop ik trouwens wel mee door te gaan in 2020.

Toekomstplannen

Verhalen schrijven, minibiebs bekijken, recensies van boeken, Oorlog en Vrede uitlezen, mee blijven doen aan de #WOT die in 2020 door Irene georganiseerd gaat worden. En verder ga ik gewoon zien. Ik wil proberen wat meer te schrijven dan afgelopen jaren, want het was niet veel. Ik geloof toch dat je bezoekers op je site binnenhaalt door regelmatig te publiceren. Voornemen dus. Maak een mooi jaar van 2020.

Mijn culturele jaaroverzicht voor 2019

Net als in 2018 heb ik dit jaar alles genoteerd wat ik heb gezien aan toneelstukken en musicals. Hier en daar heb ik toch een waardeoordeel erin gegooid, onvermijdelijk. Ik vind ook dat het mag aangezien Haghespel niet meer bestaat.. Voor dit jaaroverzicht heb ik stukken met regisseur en groep genoteerd en onderscheid gemaakt tussen beroeps en amateurtoneel. Een korte omschrijving staat erbij.

  • The Tragedy of King Richard the Second, National Theatre, in Pathé (15 januari). Het eerste culturele ding van het jaar en meteen raak. Met Simon Russell Beale die twee jaar geleden ook Prospero in The Tempest speelde. Het decor, een grote kamer met drie wanden, geen deuren, geen ramen. Drie actrices, vijf acteurs in eenvoudige kleding met werkhandschoenen. En daar werd driftig mee gegooid, want vijf eeuwen geleden werd er geduelleerd als er wat mis was. Mooi gespeeld, bij tijd en wijlen erg grappig en wat modderig. Er werd met bloed gegooid, met grond en met water.
  • I’m not running van David Hare, National Theatre, in Pathé (31 januari). Vriendin J en ik hadden de aankondiging vorige keer gezien en we waren allebei nieuwsgierig. Het bleek een interessant stuk te zijn, waarbij we beiden af en toe vreselijk moesten lachen. Het stuk gaat over Pauline Gibson, een arts die als onafhankelijk lid in het Britse parlement zit. Gaat ze voor de functie van leider van Labour of niet? Het knappe van het stuk ligt hem in het feit dat het over politiek gaat, maar ook over het leven van Pauline. Hoe komt het zover? Waarom wil ze leider van Labour worden of niet natuurlijk. Jack Gould, haar Labour tegenstander is ook in dit leven betrokken. Ik heb genoten van deze twee acteurs die ik nooit had zien spelen. Siân Brooke als Pauline Gibson en Alex Hassell als Jack Gould. Het was de laatste voorstelling van een serie en je kon het zien aan het spel. De chemie spatte eraf, het samenspel van die twee was geweldig. Het grappige van het politieke onderwerp: er is nooit een vrouw leider geweest van Labour. Ik zeg het wel vaker: ga naar Pathé. Voor een luttel bedrag kan je geweldige stukken zien.
  • All about Eve van Joseph Mankiewicz, in Pathé (11 april) Een prachtige versie onder regie van Ivo Van Hove. De eerste keer dat ik iets van zijn hand zag. Gillian Anderson (X-files) en Lily James speelden de hoofdrollen en deden dat fenomenaal. Leeftijd speelt een rol in dit verhaal bij actrice Margo Channing (Anderson) die 50 wordt en daar problemen mee heeft. Eve Harrington (James) bewondert Margo en laat dat duidelijk merken. Margo neemt Eve op in haar huis, maar Eve neemt Margo’s leven ongeveer over. Pas laat blijkt dat Eve alles, letterlijk alles zal doen voor een rol in het theater. Qua decor was het overweldigend. Alleen een kamer waar geschoven werd met meubels, maar daar boven een enorm scherm waar een verfilming werd vertoond van andere kamers, bijvoorbeeld de badkamer, de keuken, de woonkamer. Ook zien we daar beelden van Margo in de spiegel waarbij haar gezicht ouder wordt. Prachtige vertolkingen van Anderson en James waar ik met genoegen naar heb zitten kijken, maar de ster van de show was voor mij Monica Dolan die de rol van Karen Richards speelt. Zij is de vrouw van toneelschrijver Lloyd Richards, zij is de verteller.
  • Op hoop van zegen, Oude Luxor Theater in Rotterdam (1 juni) Mijn eerste musical in tijden met onder andere Bill van Dijk, Mariska van Kolck en Joke de Kruif. En voor de rest allemaal leuke jonge mensen die ik totaal niet kende. Leuke avond gehad. We hebben zitten discussiëren over de jongedame in witte jurk met heel hoge pruik, ik hield het erop dat zij de symbolisering van de Op Hoop van Zegen was en inderdaad. Het boegbeeld van het schip, dat was ze. De musical had van mij mogen eindigen met de beroemde uitspraak, “De vis wordt duur betaald”, want het liedje van Mariska daarna was verreweg het zwakste liedje van allemaal.
  • De wraak van Ifigeneia van Erik Snel, Toneelgroep Rood (13 juli) Een heel snelle voorstelling van Rood, op 1 juli begonnen met repeteren, 5 juli de eerste voorstelling en wij zitten bij de laatste. Het verhaal van Klytaimnestra, de vrouw van legerleider Agamemnon die hun dochter Ifigeneia offert. Hij vaart uit voor een tienjarige oorlog, zij zint op wraak. Erik Snel heeft er een bittere komedie van gemaakt en dat was het ook. Vier spelers, waarbij ik vooral heb genoten van Marten van der Meijden die al jaren bij Rood speelt en goed is. De locatie was een knipoog naar Erik Snel die jarenlang verbonden was aan de Appel. De theaterbroedplaats Bureau Dégradé is gevestigd in de voormalige repetitieruimte van de Appel.
  • Hoekstenen van Roemer Lievaert, door ODIA (21 september). De eerste voorstelling van het seizoen. Een indringend stuk over drie zussen die in één huis wonen. Gaandeweg wordt duidelijk dat ze alle drie door hun vader zijn misbruikt. Deze heeft al het geld nagelaten aan jongste zus Dee, ze is geestelijk gehandicapt. Het was boeiend en voor het grootste gedeelte erg mooi, maar ik verloor de aandacht op een gegeven moment. Mij moet maar vergeven worden dat ik ging tellen hoeveel krukjes er op het toneel stonden: 48.
  • Blind Date door de Theatertrein (13 oktober). Zo’n kwestie van: wanneer kom je kijken? Patrick Bruijstens regisseerde, Sheranie Rikkert speelde mee. Beiden Haghespelmaatjes. En het viel niet tegen. Het bleek een zeer komische musical te zijn, waar ik smakelijk om heb gelachen, met mensen die stuk voor stuk konden zingen en acteren. Het draait om Aaron die op een blind date wordt gestuurd met Casey. De zus van Casey is getrouwd met een collega van Aaron. Wat voor verwikkelingen kan je krijgen op een eerste afspraakje? Veel dus. De musical is gebaseerd op First Date van Austin Winsberg, met muziek van Alan Zachary en Michael Weiner.
  • A Midsummernight’s Dream, van het National Theatre in Pathé (17 oktober) Het verhaal van Oberon en Titania en een amateurtoneelgroep die in het bos wil repeteren voor de bruiloft van de hertog en hertogin. Titania betovert Oberon en hij wordt verliefd op één van de mannelijke toneelspelers die een ezelhoofddeksel heeft gekregen van Puck. Dat is een grote verandering in het stuk, want oorspronkelijk is het Titania die verliefd wordt op de ezel. Het decor kon op en neer, er werd veelvuldig gespeeld op bedden en het publiek stond er omheen. En daar maakten de spelers ook gebruik van. Ik heb zonder meer genoten, geweldige voorstelling.
  • De Iedereen door Durf (20 oktober) Een hedendaagse vertaling en bewerking van de 15e-eeuwse oer-Hollandse moraliteit Elckerlijc, Den Spyeghel der Salicheyt van Elckerlijc – Hoe dat elckerlijc mensche wert ghedaecht Gode rekeninghe te doen. Volledig naar de zin van vriendin J die genoot van een enigszins filosofisch stuk waarin we verbaasd stonden van de hoeveelheid tekst die de spelers mochten onthouden. Het was op rijm, dat scheelde. Het decor bestond uit een groot aantal linten die dwars door de Kunsthut waren gespannen. Ik was het met haar eens dat dit het leven was. Alles wat verkeerd was gegaan in het leven van de Iedereen, was zo’n lint en met elke boetedoening verdween zo’n lint.
  • Midzomerstrandkomedie van Haye van der Heijden, door Toneellab (9 november). Eén van mijn lievelingsstukken, jaren geleden al eens gezien bij ODIA, nu bij Toneellab, een groep die goede spelers bij elkaar haalt en die hun kunstje laat uithalen. Jeanet Schurman-Vredeveld, Jasper Stoppelenburg, Niek Fassaert en Miriam de Hoogh speelden het stuk ongeveer fluitend en met veel plezier. Weinig op aan te merken. Ontzettend leuke avond gehad.

Dat was 2019

Acht toneelstukken en twee musicals. Het was cultureel gezien een rustig jaar. Ik ga niet beloven dat het volgend jaar beter wordt. Maar toneel en musicals kijken blijft een leuke hobby en die moet ik in 2020 toch beter bijhouden.

Afscheid: #WOT 2019 deel 50

Martha neemt afscheid van de #WOT na zes jaar woorden verzinnen waar andere mensen over kunnen schrijven. Zelf doe ik pas sinds 2015 mee, mijn eerste #WOT ging over Pasen. Ik heb niet elke week meegedaan, vandaar dat ik dus blij ben dat Irene het overneemt. Zelf zou het me niet lukken.

Afscheid

Dit jaar was voor mij een belangrijk jaar. Ik ben negentien jaar lang hoofdredacteur van Haghespel geweest. Dat was een tijdschrift voor het Haagse amateurtoneel. Altijd met veel plezier gedaan. Veel schrijven, van redactionelen tot recensies en interviews en veel op bezoek bij amateurtoneelverenigingen. Maar het plezier ging een beetje weg en de goede zin. Dat was ongeveer letterlijk in meerdere betekenissen, want hoe zeg je na 200 recensies nog dat je iets goed vindt? Dus de taalkundig goede zin was weg, maar ook de zin om het te doen. We waren al terug gegaan van negen naar zes nummers per jaar, omdat het voor iedereen te veel werd. Dit jaar werd de knoop doorgehakt. We zijn gestopt. Pijnlijk? Nee, niet zozeer, wel wennen. Iets dat ik al zoveel jaar had gedaan, hoefde niet meer. De zomerstop werd complete stop. Het gaat nog een blog worden, die geschiedenis van Haghespel, maar zoals met veel plannen heeft dat wat oponthoud.

afscheid

Geen afscheid van Martha

Zij gaat namelijk door met een One stop schrijver shop. Het #WOT woord past niet meer op haar blog, het geschreven woord nog wel. En bij deze, een bedankje voor al die mooie woorden in die zes jaren.

Afscheid ~ 1) Adee 2) Adie 3) Adieu 4) Aju 5) Ajuus 6) Congé 7) Een laatste groet 8) Het uiteengaan 9) Scheiding 10) Smartelijke ervaring 11) Uitgeleide 12) Vaarwel 13) Vertrek

Iedere donderdag publiceert @itsMarthaP een woord waar je over mee kunt bloggen, vloggen, ploggen of op een andere manier kunt meedoen. WOT betekent Write on Thursday. Het woord van deze week staat hier.
De afbeelding is van Gerd Altmann via Pixabay.