De paradox van geluk van Aminatta Forna

Maanden geleden had ik al de intentie om dit boek te lezen en te bespreken samen met andere boekenbloggers. Het kwam er niet van. Ik wilde het boek niet aanschaffen en in de bibliotheek was het boek, de Engelse en de Nederlandse editie, voortdurend uitgeleend. Tot ik het een paar weken geleden eindelijk in handen kreeg. Deze week zag ik dat ik het eindelijk moest gaan lezen, omdat het alweer gereserveerd was. En daar heb ik geen spijt van.

De inhoud

Jean, een Amerikaanse van middelbare leeftijd is in Londen om stadsvossen te bestuderen. Omdat ze haar budget niet helemaal goed heeft ingeschat is ze genoodzaakt naast haar onderzoek tuinen in te richten. Ze loopt op de Waterloo Bridge letterlijk tegen Attila op. Attila is een Ghanese psychiater die gespecialiseerd is in PTSD. Ze leren elkaar beter kennen. Attila is in Londen voor een conferentie en om zijn oude vriendin Rosie op te zoeken. Zij heeft Alzheimer en heeft dat op relatief jonge leeftijd gekregen. Ze is van slag omdat haar vaste verzorger is ontslagen. Ook krijgt Attila een telefoontje van zijn nicht Ama die in het ziekenhuis ligt. Haar zoon Tano was tijdelijk in een pleeggezin geplaatst en is daaruit weggelopen. Jean helpt hem om Tano te vinden. Zij gebruikt haar kennis van vossen en hun leefgebieden om het gedrag van Tano te analyseren. Haar uitgebreide netwerk van straatvegers, portiers en andere mensen die haar helpen met het onderzoek naar de vossen helpt hen bij de zoektocht.

Aminatta Forna

Aminatta Forna, De paradox van geluk. Amsterdam: Nieuw Amsterdam, 2018.
Vert. van Happiness. – London: Bloomsbury, 2018.
Vert. door Aleid van Eekelen-Benders en Mariella Duindam

Wat was mooi?

Attila en Jean hebben allebei een verleden waar over wordt geschreven in terugblikken, die in het boek in vermoeiend cursief schrift worden weergegeven. En dat was ook het enige nadeel, want er zaten heel mooie dingen in dit boek.
Het netwerk van Jean bestaat uit mensen van verschillende afkomst, vaak Afrikaans. Ik vind het hartverwarmend zoals deze mensen zich inspannen om een in feite wildvreemde man te helpen met zijn zoektocht.
De natuur speelt een grote rol in dit boek. Het vossenonderzoek van Jean wordt hier beschreven en ook het coyote-onderzoek dat ze in Amerika heeft gedaan. De strekking van beide onderzoeken is duidelijk. Vossen, coyotes, ze komen in bewoonde gebieden door de mens zelf die vervolgens deze dieren aanduidt als gevaarlijk en ze weg wil hebben. Jean probeert aan te tonen dat het niet gaat werken maar wordt als maf vossenvrouwtje weggezet. Jean zelf, een vrouw die een daktuin heeft gemaakt en tuinen inricht als werk. Haar looprondje over een oude begraafplaats die vol staat met voorbeelden over de natuur die deze begraafplaats overneemt, een steen die door een boom de lucht is ingedrukt. De parkieten die hier hun nesten hebben.

Wat vond ik ervan?

Alles greep in elkaar. Er worden dingen uit het verleden weergegeven onder andere over het werk van Attila, waarvan je in eerste instantie de indruk hebt dat het niet belangrijk is. Dat is dus een vergissing want alles wat in dit boek wordt beschreven heeft een doel. Inclusief het werk van Attila. Ik geef toe, ik begreep het betoog over PTSD niet helemaal, maar vond het wel mooi beschreven. Het verhaal van de jonge vrouw die door boosheid en verdriet over de dood van haar man, een flat in brand steekt, vond ik ontroerend. De kern van het verhaal van Attila blijft staan. Trauma = lijden = beschadiging, maar niet altijd. Emotionele kwetsbaarheid na trauma wordt vaak omgezet in emotionele kracht (zie p. 405 voor het niet letterlijke citaat). Ik denk wel dat ik het nog een keer ga lezen, want er zaten vele randjes door het hele boek heen, en dat maakte het wat lastig om te lezen. Maar het is door die vele randjes wel een prachtig complex boek geworden dat ik in één adem heb uitgelezen.

Lalagé blogde over dit boek. Antoinette deed dat ook. Verder hebben Bettina en Jacqueline het boek ook gelezen en erover geschreven.

Theater in romans: Stray Magic

Een luchtig tussendoortje waar het theater een grote rol in speelt, wat wil je nog meer. Jacques Bellamy-Ives is toneelschrijver. Hij is een bastaard in een adellijk geslacht. Zijn halfbroers zijn onderwerp geweest in de voorgaande zes delen uit deze serie. In de serie speelt magie een grote rol. De dames in de voorgaande boeken hebben allemaal een vorm van magie.

Stray Magic

Patricia Rice, Stray Magic. – [s.l.] : Rice Enterprises, 2017. – (Unexpected Magic; 6.5)

De inhoud

Jacques heeft als toneelschrijver een jaar samengewerkt met Thelonious Simmons aan zijn stuk Seraphim and Sirens. Simmons is overleden en heeft zijn theater, de Orpheum nagelaten aan zijn dochter Seraphina. Zij is de manager van het theater. Het boek start met het theater dat afbrandt. De enige kopie van het stuk wordt daarbij vernietigd, het is de negentiende eeuw, we hebben geen computers, USB drives en dergelijke. Het stuk is met de hand geschreven en veranderingen zijn met de hand doorgevoerd. Jacques moet zijn best gaan doen om het te herschrijven met behulp van Seraphina. Dan blijkt ook dat Seraphina een geweldige zangeres is, haar vader wist dat, maar heeft het nooit benadrukt. De moeder van Seraphina was actrice en dat kwam haar status als dame niet ten goede. Typisch voor de negentiende eeuw is dat Seraphina zich hier ook druk over maakt. Mag het totaal niet verrassend heten dat de twee elkaar vinden? Tenslotte is het een romance.

Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.

Lezen in maart: #ikleesNL

Maart is gewijd aan het lezen van boeken in het Nederlands, dankzij Sandra van ARDNAS. Ik heb besloten om geen uitgebreide aparte besprekingen te maken. Ik houd het bij korte besprekingen in deze blogpost die ik ga aanvullen deze maand.

De falende god

Het eerste boek dat ik heb gelezen is De falende god van Mike Jansen. Ik had hier best wel verwachtingen van, maar het is uiteindelijk tegengevallen. De korte inhoud: de drie huurlingen, Grim, Grijs en Thoreld zijn op de vlucht voor een eeuwenoud kwaad en in hun kielzog sneuvelen profetieën en escaleren lang sluimerende conflicten. Waarom viel het tegen? Vooral het eerste gedeelte vond ik rommelig. Na ongeveer honderd pagina’s begon het eindelijk te lopen. En toen kwam ik er ook achter waarom ik het niet zo leuk vond. Juist omdat er veel personages waren, kreeg ik geen band met ze. Aan het eind van dit 400 pagina’s tellende boek wist ik door de vel;e gebeurtenissen eigenlijk niet meer waar het over ging. De resterende twee delen ga ik niet lezen.

De falende god

Mike Jansen, De falende god. – Mechelen: Verschijnsel, 2012.
(Eerste kroniek van Cranborn)
ISBN 978-90-78720-29-4

Drakenkoningin

Het tweede Nederlandse fantasyboek dat ik lees, namelijk Drakenkoningin, het debuut van de Vlaamse An Janssens. Al zevenhonderd jaar lang wordt de mensenwereld geregeerd met ijzeren hand door één persoon. De koningin kan met magie gedachten planten – zo kan ze iedereen laten denken of zien wat zij wil. Er is een gebeurtenis waarnaar elke bewoner van haar koninkrijk reikhalzend naar uitziet: de wedstrijd waarmee iedereen – jong of oud, arm of rijk – kans maakt om zich de kroon toe te eigenen. Er zijn geen regels, slechts vijf proeven en één kans om het koninkrijk te winnen. Niemand verwacht dat de koningin, die tenslotte elke keer haar tegenstanders genadeloos wist uit te schakelen, zal worden verslagen. Totdat Thala, haar dochter, zich opgeeft voor de wedstrijd. Het levert een spannend verhaal op, dat goed is opgebouwd en dat ik in één ruk heb uitgelezen. Het is het eerste deel van een trilogie. De rest van de boeken gaan op mijn te lezen lijst.

Drakenkoningin

An Janssens, Drakenkoningin. – Amsterdam: Luitingh Fantasy, 2013. (Draken Trilogie; 1)
ISBN 978-90-245-6254-1

Een dag om nooit te vergeten

Op de kroningsdag in 1980 was ik op een haar na 16, het scheelde 12 dagen. Ik heb hoogstwaarschijnlijk tv zitten kijken en me zitten vergapen aan onze nieuwe koningin. Maar wat uit mijn geheugen was gezakt, was het feit dat er die dag hevige rellen in de hoofdstad waren geweest. Niet bij Annejet van der Zijl, die deze gebeurtenissen tien jaar na die dag als stagiaire bij de Haagse Post moest verslaan. Daar is dit boekje uit voortgekomen. Van der Zijl verslaat de rellen die op 30 april 1980 in de hoofdstad ontstonden. En ze gaat de humor niet uit de weg. Ik heb zitten schateren om sommige passages. Wat vooral opvalt? De chaos. In dit mobielloze tijdperk was de communicatie via radio uiterst moeilijk en letterlijk te volgen door de krakers. Ook de vele gevechten vallen op. Er wordt wat afgeknokt tussen de 6000 agenten uit het hele land en de krakers, relschoppers en toevallige passanten die wel zin hebben in een relletje.
Ik heb het met plezier zitten lezen. Een erg leuk boekje dat een duidelijk beeld geeft van de gebeurtenissen buiten de kroningszaal.

Annejet van der Zijl

Annejet van der Zijl, Een dag om nooit te vergeten: 30 april 1980 – de stad, de krakers en de koningin. – Amsterdam: Querido, 2013.
ISBN 978-90-214-4801-5

De leeuw en zijn hemd

De minibieb in mijn buurt is vaak rijk voorzien. Dit Boekenweekessay van Nelleke Noordervliet heb ik er ook uitgevist. Ze gaat uitgebreid in op onze collectieve houding ten opzichte van het verleden. De behoefte om de gouden tijden van ons land in één adem te noemen met de zwarte bladzijden heeft een geschiedenis. Waar zijn we trots op geweest en waarvoor hebben we ons geschaamd? Noordervliet gaat op reportage door het verleden. En dat maakt het een leuk essay. Nelleke als een soort embedded journalist in gesprek met personen uit de Nederlandse geschiedenis. Niet alleen notabelen als de heren XVII van de VOC, maar ook haar eigen familie. Ik wil even iets citeren uit dit essay: Wat misschien meer verbaast dan de gemoedsrust waarmee zeventiende-eeuwers (en lateren) de status quo van menselijke relaties in hun tijd aanvaarden, is het feit dat verandering mogelijk is. Dat die ergens begint. De oude gewoonten worden uitgedaagd door nieuwe denkers. Het valt Van Dam en Meester Fock niet te verwijten dat ze mannen waren van hun tijd. Het valt hun niet te verwijten dat ze niet voorop liepen als herauten van de Verlichting. Ik constateer alleen het verschil tussen toen en nu. Ons oordeel over goed en fout was het hunne niet. Dat is een kolossale gemeenplaats. Met welke maatstaf moeten we de vorige generaties meten? (p. 22) Wat mij betreft de kern van het essay.

De leeuw en zijn hemd

Nelleke Noordervliet, De leeuw en zijn hemd. – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 2013.
ISBN 978-90-596-5195-1

Jas van belofte

Mijn laatste bijdrage aan #ikleesnl en dat is het boekenweekgeschenk van Jan Siebelink, Jas van belofte. Arthur Siebrandi wordt in een ambulance afgevoerd naar het ziekenhuis. Hij is er zeker van dat hij bezig is het leven te verlaten.
Bijna vanaf de andere zijde overziet hij wat hij achterlaat, en vraagt zich af of het genoeg is. Ik moet zeggen, ik ben er niet echt van gecharmeerd. Ik zat me tot halverwege het boek af te vragen wat ik nou eigenlijk zat te lezen en het werd me niet duidelijk. De personages hielpen ook niet echt, want ik vond Arthur een beetje vervelend pretentieus mannetje. Ik heb nooit iets van Siebelink gelezen en dat zal denk ik ook niet helpen. Nee, deze hoeft voor mij niet.

Jas van belofte

Jan Siebelink, Jas van belofte. Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 2019.
ISBN 978-90-5965-467-9

Een maand Nederlands lezen

Het heeft wel wat, een maand volgens een thema lezen. Ik lees weinig Nederlands, dat komt ook omdat ik dol ben op fantasy, en daarin ben ik al lang geleden overgestapt naar Engels. Ik heb deze maand vijf Nederlandse boeken gelezen en besproken in dit artikel. Dat beviel me eigenlijk wel. Geen grote blogs, geen enorme verhalen, gewoon even kort melden wat ik ervan vond. Volgend jaar doe ik weer mee.

Theater in romans: De Lessen

De lessen

De 38-jarige Eleonora is actrice. En ze is lerares in levenskunst. Ze leert jonge mensen hoe ze zich moeten kleden, hoe ze een gesprek voeren, hoe ze naar kunst moeten kijken, hoe ze muziek, elegantie, goed eten moeten waarderen. Ze heeft drie jonge jongens als leerling gehad en dat contact werd nooit al te persoonlijk. De 18-jarige Chirù is een talentvolle conservatoriumstudent viool. Hij zuigt alles op wat Eleonora aan ervaring en kennis heeft, alles is nieuw voor hem. Chirù is ouder dan haar andere leerlingen waren. Hij lijkt op haar, dat is voor haar een reden om hem als leerling aan te nemen. Haar goede vriend Fabrizio vindt dat hij te oud is. Ze houdt van hem. “Ik had kunnen zeggen dat ik Chirù had gekozen omdat ik van hem hield, en dan was dat waar geweest: ik hield van hem vanaf het eerste moment dat ik hem had gezien op het balkonterras van het bastion; maar ik hield ook van het almachtige gevoel dat ik kreeg door het besef dat ik zo’n absolute invloed op hem uitoefende dat die geen enkele dwang nodig had.” (p. 110) De theaterconnectie is wel duidelijk in dit boek. Eleonora is actrice. In het boek wordt onder andere verteld over het stuk waarin ze speelt en de tournee die ze maakt. Ze verkeert in artistieke kringen waarover ook wordt verteld in het boek.

De lessen

Wat vond ik ervan?

Het boek is een mengeling van Chirú, de lessen die Eleonora hem geeft en haar verleden. Het boek speelt zich grotendeels af op Sardinië waar ze ook haar jeugd heeft doorgebracht en die jeugd is niet bepaald gemakkelijk geweest. Murgia schakelt heel makkelijk tussen de lessen en het verleden, het heeft allemaal verband. Maar dat maakt het af en toe ook moeilijk om te volgen. Wat heeft verband en wat niet? Ik zit niet voor niets tegen het schrijven van dit blog aan te hikken. Ik heb met tussenpozen behoorlijk lang over dit boek gedaan en het was me onduidelijk waar het heen zou gaan. Dat helpt ook niet. Het wordt me wel duidelijk aan het eind dat er een reden is waarom Chirú door Fabrizio te oud wordt geacht. Het is in een situatie als die van beide hoofdpersonen heel makkelijk om de gevoelens en emoties te ver te laten gaan. Het was een mooi boek, vooral interessant vanwege het verleden van Eleonora en de lessen die ze daaruit haalt.

De lessen, Michela Murgia ; vert. uit het Italiaans door Manon Smits. – Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2018.
Vert. van: Chirú. Turijn: Einaudi Editore s.p.a., 2015.
ISBN 978-90-284-2694-8

Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.

Oorlog en vrede van Leo Tolstoj, deel 2 #wijlezenoorlogenvrede

Dit tweede deel van Oorlog en vrede heeft wat meer tijd gekost omdat ik eigenlijk teveel ernaast aan het doen was. De deadline, 29 december heb ik niet gehaald en ruim overschreden. Dit tweede deel wordt nu gepubliceerd op de deadline van het derde deel. Shame on me, want ik heb zelf die data vastgesteld.

Het verhaal

Het eerste wat opvalt is dat dit tweede deel heel wat meer tijd beslaat dan het eerste. Dat eerste deel besloeg zes maanden, dit tweede deel begint in 1806 en eindigt in 1811. Het is het deel van de mensen, de families. Ik hoorde al van Sue dat het derde deel voornamelijk over de oorlog gaat. Er gebeurt veel, zeker bij de families. De familie Bolkonski denkt dat Andrej gesneuveld is. Pierre is somber vanwege de vermeende verhouding van zijn vrouw met Dolochov. Andrej keert terug bij zijn familie net op tijd om de bevalling van zijn vrouw mee te maken. Zij overleeft de geboorte van hun zoon niet. Ik wil in de rest van dit verhaal nog wat mensen uitlichten. Let op, als je het boek nog niet gelezen hebt: er volgen spoilers.

Natasja Rostov

Natasja is lief, schattig en naïef, anders kan je het niet omschrijven. Ze begint in dit deel als een meisje dat danseres wil worden en nooit wil trouwen. Na wat kalverliefdes verlooft dit zestienjarige gravinnetje zich met vorst Andrej die op dat moment bijna twee keer haar leeftijd is. Het lijkt allemaal goed te gaan, behalve met de vader van Andrej die woedend is over de verloving en vindt dat de bruiloft een jaar uitgesteld moet worden. De familie vertrekt aan het einde van dat jaar naar Moskou ter voorbereiding van het huwelijk en daar gebeurt het. Ze wordt opgemerkt door Anatole Koeragin en wordt tot zijn nieuwste speeltje verheven. Hij brengt het arme kind het hoofd op hol, en ze raakt volslagen in verwarring en denkt dat ze van hem houdt. Het komt tot een chaotisch hoogtepunt als Anatole het plan opvat haar te schaken en haar te trouwen, hetgeen helemaal niet kan omdat hij in het geheim al is getrouwd. Zij gelooft hem volledig en gaat ervoor. In een brief aan Marja, de zus van Andrej zegt ze de verloving met Andrej eenzijdig op. De hele schaakpoging wordt verijdeld en ze staat alleen, in schande. Anatole kan gewoon weglopen en ondervindt totaal geen gevolgen van zijn volstrekt gedachteloos handelen.

De jonge mannen: Anatole

Anatole Koeragin is gedachteloos, rijk, verwend en totaal gewend alles te doen waar hij zin in heeft. “Hij gaf alleen om vrolijkheid en vrouwen, en aangezien hij die voorkeuren niet oneervol vond, en hij niet in staat was te bedenken hoe de bevrediging van deze voorkeuren op anderen overkwam, hield hij zichzelf in alle eerlijkheid voor een onberispelijk mens, had hij een oprechte afkeer van schurken en slechte mensen en ging hij met een gerust geweten en met opgeheven hoofd door het leven.” (p. 729)
Op de één of andere manier is hij in een huwelijk met de dochter van een Poolse landeigenaar verzeild geraakt. Dat huwelijk is geheim maar bekend bij Dolochov die met hem mee feest, maar ook bij Pierre. En Pierre is woedend over wat Anatole Natasja heeft aangedaan en zorgt ervoor dat Anatole uit Moskou verdwijnt.

Pierre

Pierre gaat wat verdwaasd door het leven, is steenrijk en weet niet goed wat er mee te doen. Zijn huwelijk is slecht. Vanwege de vermeende verhouding van Dolochov met zijn vrouw Hélène gaat hij een duel aan dat hij met meer geluk dan wijsheid wint. Hij ontmoet een vrijmetselaar en stort zich op de vrijmetselarij. Hij probeert goed te doen voor zijn mensen, maar slaagt daar niet in. Achter zijn rug om wordt hij bedot. Maar “iets zeggen wat een ander onaangenaam vond, iets anders zeggen dan wat iemand verwachtte, wie hij ook was” (p. 463) dat was voor hem het allerzwaarste.

Dolochov

Dolochov is van eenvoudige komaf. Het is een meeloper die profiteert van zijn rijke vrienden. Hij wordt verliefd op Sonja, het nichtje van Natasja, maar die liefde wordt niet beantwoord. Het is een manipulator. Uit wraak gaat hij kaarten met Nikolaj Rostov en maakt hem 43.000 roebel afhandig met kaarten en vals spelen.

Nikolaj Rostov

Nikolaj is kapot van het verlies van het geld en bekent het aan zijn ouders. Het is een aardig bedrag voor een jonge officier die 10.000 roebel per jaar verdient (p. 509). Hij wil het terug betalen aan zijn ouders, maar echt serieus is hij daar niet mee. Ook wil hij meehelpen met de zaken van de familie want ze zijn in geldnood. Hij geeft het al snel op, maar krijgt ook geen goed voorbeeld van zijn totaal niet zakelijke vader. Een huwelijk met een rijke erfgename gaat niet door, hij is verliefd op Sonja en wil met haar trouwen.

De eindindruk

Dit deel laat verwende jonge mannen zien die doen waar ze zin in hebben. Daar kan een lezer zich over verbazen, maar teveel geld doet dat met mensen. En het draait om geld in de Russische adel. Aan de ene kant heb je steenrijke families die alles kunnen doen, aan de andere kant heb je verarmde families zoals de Rostovs die nog steeds alles doen waar ze zin in hebben. En het blijft interessant. Wat ik dan minder interessant vond waren de verhandelingen over de vrijmetselarij, maar dat is ook iets waar ik nooit veel van begrepen heb. Enige historische kennis over de oorlog is wel nuttig.

Het eerste deel van mijn bespreking van Oorlog en Vrede vind je hier.

Hans Boland en de kunst van het vertalen

In het afgelopen jaar heb ik Anna Karenina gelezen met een aantal andere mensen. Ik ben toen begonnen met de vertaling van Wils Huisman uit 1965, heb ook een Engelse vertaling van Richard Pevear en Larissa Volokhonsky gelezen en ben tenslotte overgestapt naar de vertaling van Hans Boland. En Hans Boland heeft over deze vertaling weer een boek geschreven.

Het vak van vertalen

Ik heb in mijn kennissenkring een vertaler zitten en weet dat het een vak is. Want vertalen heeft niet alleen te maken met woorden overzetten uit een andere taal, maar ook met interpretatie. Kan je met een vertaling uit bijvoorbeeld Engels zelf nog wel denken dat je het beter kan verzinnen, met een vertaling uit het Russisch heb ik echt wel die vertaling nodig. Ruim dertig jaar geleden heb ik tijdens mijn studie een jaar Russisch gehad. Ik ben nu nog in staat die vreemde letters te lezen, maar daar blijft het wel bij.

Waar gaat dit boek over?

Dit boek gaat over vertalen en ook over keuzes die je maakt terwijl je bezig bent met vertalen. En het gaat ook over Tolstoj, zijn boek Anna Karenina en de Russische samenleving van de negentiende eeuw. Dit werk maakt het allemaal veel duidelijker. Ik heb Anna behoorlijk aandachtig gelezen omdat ik ook bezig was met bloggen erover, maar ik heb toch dingen gemist als ik dit werkje lees. Wat me bijvoorbeeld nu hielp was de vergelijking tussen de karakters (pp. 44-49). Anna en Karenin: “Hoewel ze met elkaar getrouwd zijn en hun huwelijk alleszins leefbaar is, bruist Anna van leven en is Karenin niet meer dan een robot.” (p. 45) Anna en Dolly: “De vrouw als minnares tegenover de vrouw als moeder. Anna sprankelt en schittert. Dolly heeft iets muizigs en klaagt en tobt eeuwig.” (p. 46) Wat Boland over de plot vertelt, bewijst voor mij dat er erg veel pagina’s geschreven zijn over niets. “De verhaalstof van de roman is de facto gebaseerd op de geschiedenis van één ongelukkige en één gelukkige liefde, beschrijvingen van het plattelands- en van het stadsleven, uiteenzettingen en discussies over maatschappelijke en filosofische thema’s – het agrarische vraagstuk, het feminisme, de dood, de kunst – en een zee van socializing.” (p.50) En dat zijn overigens ook thema’s die ik terug zie keren bij Oorlog en Vrede.

hans boland

Boland en zijn vertaling

Wat Boland zegt “De woorden van een literaire tekst zijn veel meer dan woorden alleen.” (p. 16) Zijn standpunt voor de vertaling van Anna Karenina gaat over vrij vertalen. Hij wil zijn eigen taal in volledige vrijheid los laten op het origineel. En dan die tekst zo kneden tot origineel en vertaling elkaar zo volledig mogelijk dekken. Hij is van mening dat een goed boek in een slechte vertaling een slecht boek wordt. Daarom is deze roman die als de beste van de negentiende eeuw wordt beschouwd in Nederland nooit zo’n daverend succes geworden. Daarvoor zijn volgens Boland de vertalingen te houterig. De stijl moet overtuigend zijn. “Wat de schrijver heeft te zeggen blijft onverstaanbaar zolang er iets wringt tussen taal en betekenis.” (p. 76) En wat eigenlijk wel grappig was om te lezen: het hoofdstuk over Slabberdewaski, en daarmee wordt Tolstoj bedoeld. Want hij was als redacteur van zijn eigen boek een sloddervos. Personen die twee keer opduiken en twee verschillende namen hebben, mensen die ineens van beroep veranderen, fouten in tijden, en ga zo maar door. Al met al is het een heel interessant boek om te lezen als je voor lief neemt dat Boland het af en toe wel heel goed weet. Zeker na het lezen van Anna Karenina in de vertaling van Boland. Of zoals ik gedaan heb, Huisman, Pevear/Volokhonsky, Boland, want daardoor heb ik de nodige vergelijkingen kunnen maken in de versies.

Hij kan me de bout hachelen met zijn vorstendommetje: over Anna Karenina en de kunst van het vertalen / Hans Boland. – Amsterdam: Pegasus, 2017. – 127 p.
ISBN 978-90-6143-430-6

The Librarian van Larry Beinhart

Ik ben aan The Librarian van Larry Beinhart begonnen in het kader van de maand van het vergeten boek. Lees een boek uit je eigen boekenkast dat ooit met veel enthousiasme daar in is beland en nu dus eruit komt. Met dit boek moet ik echt goed nadenken hoe dat in mijn kast is beland, maar dat ligt denk ik aan het beroep van hoofdpersoon David Goldberg die bibliothecaris is bij een universiteit.

Het verhaal

Universiteitsbibliothecaris David Goldberg gaat werken voor miljonair Alan Carston Stowe. De bedoeling is dat David het archief van Stowe gaat bewerken voor het nageslacht. Onbedoeld raakt David in de problemen doordat rechtse politici ongerust zijn over wat David zou kunnen vinden. Stowe financiert veel van hun activiteiten. Ze zijn bang dat hun vuile trucjes om ervoor te zorgen dat de Republikeinse president Augustus Winthrop Scott voor een tweede termijn wordt herkozen, naar boven komen. Scott, zoon uit een rijk Republikeins gezin heeft alles in zijn leven in zijn schoot geworpen gekregen. Hij is uit Vietnam weg gebleven door zich aan te melden voor de National Guard in tegenstelling tot zijn democratische tegenstander Anne Lynn Murphy die als verpleegkundige in Vietnam is geweest. Goldberg rolt hier per ongeluk in, weet iets, maar eigenlijk ook niets, gaat eigenlijk pas onderzoeken als hij wordt achtervolgd door de boeven en komt dan dingen te weten. En daarbij speelt de bibliotheek van Stowe een grote rol: “He [Hoagland] suddenly understood, that’s what this business about the library and a librarian was for. Who would care about the Stowe Library or even the Collected Papers of Alan Carston Stowe unless he was the Man Who Stole the Presidency? Otherwise he was nothing, just another man who’d made lots and lots of money, not even the most money, in a time when lots of men had made lots and lots of money. For all the people who sucked up to him on a daily basis, there was hardly anybody who’d remember hij a year after he died.” (p. 185) Uiteindelijk draait het rommelen met de verkiezingen allemaal om de staat Idaho, de staat waar Murphy vandaan komt. Een kleine staat met weinig stemgerechtigden waar de opkomst onwaarschijnlijk hoog is en waar de meerderheid voor Murphy stemt. Waarop het toch gunstig wordt voor Murphy, denkt de onschuldige lezer met nog zo’n honderd pagina’s te gaan.

Mijn leeservaring

Kort gezegd: het grappigste boek dat ik dit jaar heb gelezen. Het gebeurde me regelmatig dat ik in lachen uitbarstte over iets dat in het boek werd beschreven. Maar eigenlijk is het ook het meest droevige boek dat ik heb gelezen. Al in de eerste paar hoofdstukken kreeg ik de indruk dat ik dit boek op dit moment live beleef. De overeenkomsten tussen dit boek en de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 zijn wel heel groot. Ook hier een wat twijfelachtige Republikeinse kandidaat met het verschil dat Scott voor zijn tweede termijn bezig is. Zijn tegenstander is een vrouw, Anne Lynn Murphy is een voormalig verpleegster en voormalig arts die het tegen Scott opneemt. En dan ben ik ook bang dat, hoewel hier en daar overdreven, de niets ontziende moeite om de macht te veroveren redelijk waar wordt beschreven. Beinhart is goed in het beschrijven van personages met al hun merkwaardige karaktereigenschappen. Uiteindelijk is het een verhaal over helden, maar het kan ook over cynisme gaan, of over de heel kleine reden in een ver verleden waarom iemand iets zou doen. Het is een veel omvattend boek, met veel personages die ogenschijnlijk weinig met het verhaal te maken hebben, maar dat valt dan weer tegen. En waarom de ik-vorm in het boek? Het boek moet een schrijver hebben en David Goldberg geeft de reden waarom hij het boek ‘geschreven’ heeft: “And for myself. This time, this time, I was not just the keeper of the flame.” (p. 432)

Larry Beinhart

Larry Beinhart is het meest bekend als de schrijver van American Hero dat verfilmd is als Wag the Dog.

The Librarian / Larry Beinhart. – New York : Nation Books, 2004. – 432 p.
ISBN 1-56025-636-2

Oorlog en vrede van Leo Tolstoj, deel 1 #wijlezenoorlogenvrede

Na het lezen van Anna Karenina ben ik begonnen aan een tweede megadik meesterwerk van Leo Tolstoj, namelijk Oorlog en vrede. Onder de tag #wijlezenoorlogenvrede ga ik hierover bloggen in vier delen. Ik ben nu bezig met de Nederlandse editie in de vertaling van Yolanda Bloemen en Marja Wiebes, maar lees ook af en toe in de Engelse editie in de vertaling van Richard Pevear en Larissa Volokhonsky. Die heb ik namelijk op mijn ereader staan en dat is in de trein wat makkelijker lezen dan die dikke pil. Ik ga de inhoud niet navertellen, maar ga het meer hebben over wat me opvalt.

Deel 1: de soiree

Dit eerste deel beslaat de periode juli tot december 1805. Vraagt u zich af waarom dit boek 1626 pagina’s beslaat? Nou, er gebeurt nogal veel. Veel familie’s zijn betrokken in dit epos en op de achtergrond speelt ook nog de oorlog tegen Frankrijk en Napoleon mee. Dit deel start met een soiree bij Anna Pavlovna Scherer, hofdame en vertrouwelinge van de tsarina. En op haar soiree komen veel van de hoofdpersonen, waaronder vorst Vasili Koeragin. Ook Pierre, de buitenechtelijke zoon van graaf Bezoechov komt op bezoek. Hij is in het buitenland opgevoed en is terug in Rusland omdat zijn vader op sterven ligt. We komen nog meer mensen tegen, waaronder vorst Hyppolyte, zoon van graaf Vasili. Ook vorst Andrej Bolkonski maakt zijn opwachting met zijn vrouw die in blijde verwachting is. De soiree is als een feestje bij je thuis, er wordt gepraat, er wordt gelachen, er wordt geroddeld en gearrangeerd. Want Anna probeert een huwelijk te arrangeren. Pierre valt op door zijn onhandigheid en minder diplomatieke woorden. Het is een ideale opening, zo’n soiree. Je maakt kennis met veel personages, die een belangrijke rol gaan spelen, je hoort wat van de roddels en vanuit deze situatie ontwikkelt het verhaal zich verder.

De korte inhoud

Het boek heeft een wisselend karakter, want aan de ene kant heb je familieverwikkelingen, verwende jongelingen, namelijk de broers Anatole en Hyppolite Koeragin, en slechte huwelijken. Want vorst Andrej en zijn vrouw zijn niet gelukkig. Het is me niet duidelijk hoe dit komt, door een gearrangeerd huwelijk wellicht? Daarnaast heb je het ook over jonge mensen, bijvoorbeeld Natasja Rostov, dertien jaar oud die wel wil wachten op Boris, de zoon van vorstin Anna Michajlovna Droebetskoj. Die familie is verarmd en Anna vecht voor wat geld en een goede militaire positie voor haar zoon. Aan de andere kant heb je de oorlog tegen Frankrijk, ruime discussies over Napoleon waar niet iedereen het over eens is. En in die oorlog worden blunders gemaakt, zoals met die generaal die zijn complete leger kwijtraakt in een veldslag.

Pierre

Pierre is naar Rusland gehaald omdat zijn vader op sterven ligt en geen erfgenaam heeft. Aan de nichten die onuitputtelijk voor hem zorgen wordt voorbij gegaan in deze erfeniskwestie. De graaf heeft een verzoek aan de tsaar gedaan deze bastaardzoon te erkennen. Dat gebeurt en vervolgens wordt alles aan hem nagelaten. Aan de sterfscène die twee hoofdstukjes beslaat (pp. 101-110) wordt veel aandacht besteed. En twee mensen spelen hier een grote rol. Vorstin Anna heeft zich hier tussen gewerkt omdat zij een kans ziet voor haar zoon. Vorst Vasili is hier ook aanwezig en pas later wordt echt duidelijk waarom hij hier is. Want de rijke Pierre, graaf Bezoechov is een uitstekende huwelijkskandidaat voor zijn dochter Hélène.
Vorst Vasili neemt hem onder zijn hoede. Aangezien Pierre bij de Koeragins logeert is het vrij makkelijk hem bloot te stellen aan Hélène. Pierre wil niet, want hij vindt haar dom, maar er is geen redden aan. Hij is er bang voor. Voordat Pierre kan ontkomen, verwelkomt vorst Vasili hem op de verjaardag van Hélène als haar echtgenoot. Want wat doet de vorst als de twee alleen maar praten: “Het gezicht van de vorst stond zo ongewoon plechtig dat Pierre bij het zien ervan geschrokken opstond. Goddank! zei hij. Mijn vrouw heeft me alles verteld. Hij sloeg zijn ene arm om Pierre heen en zijn andere om zijn dochter. Mijn lieve Heleentje. Ik ben heel, heel erg blij. Zijn stem begon te trillen. Ik was erg op je vader gesteld… en zij zal een goede vrouw voor je zijn… God zegene jullie!.. Hij omhelsde zijn dochter, daarna Pierre, en kuste hem met zijn oudemannenmond. Zijn wangen waren nat van de tranen.” (p. 275) Anderhalve maand later is het stel getrouwd. Ik heb het stuk met een brede grijns zitten lezen.

De oorlog

Verbeeld je niets. Heldhaftige daden? Niet echt. De officieren willen wel, die zijn verrukt als het op vechten aankomt. Dit verhaal over de oorlog gaat over de echte beelden, de domme dingen die gebeuren. Soldaten die in paniek raken en bij bosjes omkomen. Bij de start van het tweede hoofdstuk bevindt het Russische leger zich in Oostenrijk. Vorst Andrej is adjudant van generaal Koetoezov en is daar ook. Het leven van soldaten dat blijkbaar bestaat uit veelvuldig dronken worden en oppoetsen als er moet worden gevochten, wordt beschreven. “Zo hoort het, er gaat gevochten worden! Ik heb me geschoren, mijn tanden gepoetst en parfum gebruikt.” (p. 181) En er is onderscheid, zoals Boris duidelijk wordt die ook hier in Oostenrijk is. “Op dat moment werd Boris iets duidelijk wat hij al eerder vermoedde, namelijk dat er in het leger, afgezien van de ondergeschiktheid en discipline, vastgelegd in het reglement en aan hem en alle anderen in zijn regiment bekend, een andere, veel wezenlijker subordinatie bestond, een die de ingeregen generaal met het purperrode gezicht dwong beleefd te blijven wachten, terwijl de kapitein, vorst Andrej, er meer aardigheid in had een praatje te maken met vaandrig Droebetskoj.” (p. 319) Tolstoj bewijst ook met cliffhangers te kunnen werken, want het eerste deel eindigt met het onduidelijke lot van vorst Andrej, die gewond raakt. Napoleon zelf ontdekt dat hij nog leeft en stuurt hem naar een verbandplaats.

Wat valt op na het lezen van het eerste deel?

Ik hoorde het al op Twitter toen ik het plan had opgevat om dit boek te gaan lezen. Vooral doen, want het is een mooi boek. Mensen die me vertelden dat dit hun lievelingsboek was, uitstekend geschikt om in de winter te gaan lezen. Nu ben ik door het eerste deel heen, dat qua pagina’s al genoeg telt om zelf een flinke roman te vormen. En ik moet zeggen, mede-lezers, jullie hebben gelijk. Het is tijdloos, deze combinatie van familie-aangelegenheden, verwende pubers, gearrangeerde huwelijken en dappere jongemannen die een zinloze oorlog inlopen om held te spelen. Deze 21ste eeuwer verheugt zich op de komende delen van deze negentiende-eeuwse roman.

Oorlog en vrede / Leo Tolstoj; vert. van Yolanda Bloemen en Marja Wiebes. – 6e dr. – Amsterdam: Van Oorschot, 2016. 1626 p.
ISBN 9789028241510

Anna Boom van Judith Koelemeijer #wijlezenannaboom

Een nieuwe leesactie en ditmaal met Anna Boom van Judith Koelemeijer. Van #wijlezenanna door naar #wijlezenannaboom. Een aantal andere boekenbloggers hebben dit boek ook gelezen en hebben erover geblogd, zie AntoinetteJannie, KarinLalagèSue en Sandra.

Anna Boom

In de zomer van 1942 stapt de tweeëntwintigjarige Anna Boom op de trein naar Boedapest. Ze wil weg, naar Géza, de veel oudere Hongaarse man op wie ze verliefd is. Tot dan toe leefde Anna met haar moeder in buitenlandse pensions, in een geïsoleerde wereld. Nu breekt ze eruit, ook al is het oorlog en is haar Hongaar al jaren getrouwd. De reis markeert het begin van een uitzonderlijk leven. In Boedapest komt Anna via een vriendin in aanraking met de Zweedse diplomaat Raoul Wallenberg en helpt hem met zijn activiteiten. Na de oorlog besluit Anna alles te vergeten. Ze reist een Franse ambassadeur achterna naar Praag, vertrekt met de boot naar Bombay om met een Zwitserse ingenieur te trouwen en komt op haar achtenveertigste uiteindelijk thuis bij een Hollandse KLM-baas in Estoril. Judith Koelemeijer reconstrueerde het levensverhaal van Anna Boom aan de hand van interviews, brieven, foto’s en historisch onderzoek.

De inhoud

Anna BoomOp 24 juni 1920 wordt Anna Boom geboren, haar moeder is dan 42. Haar ziekelijke vader overlijdt in november 1920. Anna en haar moeder leven in pensions en hotels in het buitenland. Het levensonderhoud wordt betaald van de erfenis. In 1941 verhuizen ze vanuit Boedapest naar Nederland, vanwege de Devisensperre. In 1942 gaat ze terug naar Boedapest, ze wil naar Géza, haar Hongaarse liefde. Haar moeder doet ook pogingen naar Hongarije te komen, maar dat mislukt. Hongarije heeft een grote Joodse gemeenschap die pas laat vervolgd wordt. Hongarije wordt pas in maart 1944 bezet door de Duitsers. Anna lijkt de oorlog niet bewust te beleven. Ze gaat werken voor Raoul Wallenberg en helpt joden met beschermingspassen en voedsel. Ze wordt gearresteerd en weet door brutaliteit haar leven te redden. “Wanneer Anna, toen ze al veel ouder was, terugdacht aan de laatste, chaotische oorlogsmaanden in Boedapest, leek het alsof er een acute mist opkwam in haar hoofd. Er doemden alleen flarden van verhalen op, zelden kreeg ze haar herinneringen scherp. Ze had na de oorlog een ‘rolgordijn’ neergelaten – alsof het mogelijk was met één enkel armgebaar alle herinneringen voorgoed in een donkere kamer weg te stoppen.” (p.84)

De mannen in haar leven

Tijdens de oorlog heeft ze een relatie met Géza, maar dat verwatert nadat ze zwanger wordt en een abortus ondergaat. Ook heeft ze iets met Otto Gratz, een aan opium verslaafde arts. In 1946, nog steeds in Boedapest, ontmoet ze Robert Faure, een Franse diplomaat. “Ze viel op zijn positie, zijn macht, zijn kennis; naast hem leek het of ze er zelf ineens ook meer toe deed.” (p. 129) Met zijn auto reist ze heel Europa door. “Toch was het vreemd. Hoewel ze steeds het avontuur zocht, had ze vaak het gevoel dat ze innerlijk niets meemaakte. Het was allemaal leuk en gezellig wat ze deed. Maar het drong niet echt tot haar door; het raakte haar niet.” (p. 147) In 1951 gaat ze skiën en tijdens die skitrip ontmoet ze Harry Keller, een Zwitserse ingenieur. Er waren al trouwplannen maar ze verbreekt de verloving met Faure. Ze vlucht in een huwelijk met Harry, of ze die werkelijk lief heeft weet ze niet. Ze woont met hem in een Zwitserse kolonie in Perambur, in India. Het is ronduit saai voor haar. In het voorjaar van 1957 gaan ze terug naar Europa en Anna ontmoet Jan van Oldenborgh, hij werkt bij de KLM. Ze krijgen een verhouding. Pas in 1967 heeft ze de moed Harry te verlaten. In 1968 trouwt ze met Jan. Ze gaan in Portugal wonen. Jan overlijdt in 1999, Anna is in 2017 overleden. Ik ben hier niet echt tevreden over het verhaal. Het is wat vaag allemaal. Er komt niet echt uit waarom ze met Faure wil trouwen en vervolgens vlucht in een huwelijk met Harry. En ze is gelukkig met Jan, maar waarom? Geen idee.

Haar verhaal

Ze vertelt Jan van haar oorlogsavonturen, ze heeft brieven en getuigenissen van mensen die ze heeft geholpen. Zelf is ze het eigenlijk grotendeels vergeten. En hij hoort de verklaring voor een terugkerende droom van haar, waarin ze om een revolver gilt. Ze blijkt een Russische soldaat te hebben gedood, die een meisje verkrachtte. Begin jaren negentig komt ze in het nieuws met haar verhaal, onder andere in een talkshow met Karel van de Graaf. In 1995 wordt ze geëerd voor haar werk tijdens de oorlog. In 1999 overlijdt Jan. Ze reist veel, en ontmoet de dochter van Géza die ze ook vertelt dat zij een verhouding had met haar vader. Het boek is in 2008 gepubliceerd.

Leeservaring

Ik had veel van dit boek verwacht gezien het levensverhaal van deze dame, want dat leek me echt wel de moeite waard. Haar verhaal tijdens de oorlog is zeker interessant om te lezen. Ze heeft zeker wel wat meegemaakt, maar haar leven na de oorlog is naar mijn idee niet echt interessant. Ook krijg ik niet echt een beeld van de vrouw Anna, ze blijft abstract. Het raakt me niet, het komt niet bij me binnen. De vrouw Anna blijft ver me van me af staan en komt niet dichterbij. Wellicht was een andere opzet beter geweest, want nu lees je het als een roman, in plaats van een biografie. De schrijfstijl van Judith Koelemeijer helpt voor mij ook niet echt. Het viel dus eigenlijk een beetje tegen en kreeg van mij drie sterren op Goodreads.

Over Judith Koelemeijer

Judith Koelemeijer debuteerde in 2001 met Het zwijgen van Maria Zachea, waarmee ze haar naam als schrijver van literaire non-fictie vestigde. In 2008 verscheen Anna Boom, dat boek is ook in het Duits vertaald.

Anna Boom / Judith Koelemeijer. – Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 2008.
ISBN 978-90-5807-321-1

Ik lees Oorlog en vrede, jij ook?

Na het lezen van Anna Karenina, was ik eigenlijk toch wel benieuwd naar het andere meesterwerk van Leo Tolstoj, namelijk Oorlog en Vrede. En ik was ook benieuwd of andere mensen nog zo’n Russische klassieker zouden willen lezen en dacht dus aan een leesactie.

De inhoud

oorlog en vredeHet verhaal draait om de adellijke families Bezoechov, Bolkonski en Rostov en beschrijft het leven van deze families tegen de achtergrond van de oorlogen tegen Frankrijk, eerst onder aanvoering van tsaar Alexander I, later onder aanvoering van maarschalk Michail Koetoezov en zijn generaals Michail Barclay de Tolly en Pjotr Bagration. Het gaat hier om oorlogen die in 1805 en 1812 zijn gevoerd. Het verhaal wisselt beschrijvingen van het leven bij de adellijke families thuis af met uitvoerige beschrijvingen van de veldslagen. De hoofdpersonen zijn graaf Andrej Bolkonski, een officier in het Russische leger. Pierre Bezoechov is een feestbeest en de bastaardzoon van een schatrijke graaf. Natasja Rostova is een jong meisje uit een verarmde familie. Zij verlooft zich met Bolkonski maar wordt verleid door Anatole Koeragin en beëindigt de verloving met Andrej.

Mijn versie

Ik heb nu een Nederlandse vertaling in huis die ik van de bibliotheek heb geleend, een vertaling van Yolanda Bloemen en Marja Wiebes die door Van Oorschot is uitgegeven in de Russische bibliotheek in 2006. Ondertussen heb ik ook de Engelse editie in de vertaling van Richard Pevear en Larissa Volokhonsky. Voor wie denkt, goh, die namen zijn bekend, dat klopt, want ze hebben ook Anna Karenina vertaald.

Leesschema

Het boek is verdeeld in vier delen en heeft twee epilogen. Bij Anna hielden we een schema aan van ongeveer 150 pagina’s per tien dagen. Oorlog en vrede is verdeeld in vier delen die elk rond de 400 pagina’s tellen, behalve het vierde deel, maar samen met de twee epilogen is dat ook ongeveer 400 pagina’s. Ik ben van plan erover te bloggen. Het lijkt me het handigste als er geblogd wordt per deel, maar dan is het ook handig om mensen wat meer tijd te geven. Ook gaf iemand aan wel mee te willen doen, maar niet meteen tijd te hebben. Daarom heb ik het volgende schema bedacht:
15 december: deel 1
29 december: deel 2
12 januari: deel 3
26 januari: deel 4 en epilogen
Voor mij werkt dit, Anna heb ik ook tussendoor gelezen. Als het te optimistisch is kunnen we het aanpassen. Maar de interactie over zo’n boek lijkt me heel leuk, en natuurlijk de onderlinge aanmoedigingen. Een hashtag is makkelijk, namelijk #wijlezenoorlogenvrede. Ik lees Oorlog en vrede, wie doet er mee?