Theater in romans: Echoes of Grace

Grace Molloy was geliefd in het theater. Ze had een prachtige carrière in het vooruitzicht toen ze zich terugtrok en trouwde met de toneelschrijver Henry Sinclair, een man die dertig jaar ouder was dan zij. Ze overleed bij de geboorte van haar dochter Aurora. Het kleine meisje wordt opgevoed door haar vader en haar nanny Maggie. Ze wonen in een groot huis in Cornwall. Haar vader heeft twee volwassen zoons uit een eerder huwelijk. Haar leven verandert als haar vader hertrouwt met Gloria die uit een eerder huwelijk zoons James en William en dochter Laura heeft. James werpt zich op als beschermer van Aurora. Ze verhuizen naar Londen, waar Aurora naar school gaat en later naar de toneelschool. Ze treedt in de voetsporen van haar moeder. Niet alleen ontpopt ze zich als een geweldige actrice, ze heeft ook een geweldige stem.

Echoes of Grace, Caragh Bell

Caragh Bell, Echoes of Grace. – Baldoyle: Poolbeg Press, 2019.
ISBN 978-1-78199-8045

Wat vond ik ervan?

Ik vond het een aardig boek. De eerste tien hoofdstukken heb ik wel zitten bedenken wat ik nou zo typisch vond aan de schrijfstijl. En dat was uiteindelijk het ontzettend Engelse karakter van het boek. “Blimey” is een woord dat veel gebezigd wordt. Ook gebruikt Bell veel, heel veel dialogen en weinig karakterbeschrijvingen. Wat ik minder vond met dit boek: de vele, vele, vele verwikkelingen. Het is een boek over de dochter van Grace, Aurora, maar ondertussen worden ook de relaties van de andere stiefkinderen erbij betrokken, en niet alleen die, maar ook die van vrienden. Dat maakt het boek niet duidelijker, en trekt voor mij de beoordeling op Goodreads naar 3 in plaats van 4 sterren.
Aurora wordt als kind door James in bescherming genomen en ziet hem als volwassene nog steeds als lievelingsbroer. Maar ook als volwassene vind ik haar kinderlijk en naìef. De romance tussen haar en James zie je natuurlijk van ver aankomen. Het eind zag ik niet aankomen, maar daar mag je het boek zelf voor lezen. Ik verklap er wel over dat ik omstreeks hoofdstuk 20 erover dacht te stoppen met lezen, doorging naar het laatste 48ste hoofdstuk en toen toch besloot door te lezen.

De theaterconnectie

De theaterconnectie loopt over twee generaties actrices. Grace Molloy, de moeder van Aurora, die een prachtige carrière als actrice en zangeres tegemoet gaat en trouwt met de beroemde toneelschrijver Henry Sinclair. Hun dochter Aurora die naar de toneelschool gaat en op jonge leeftijd al een bloeiende toneelcarrière heeft en doorgaat naar de film. Eén van de rollen die haar aangeboden wordt: Scarlet O’Hara in de remake van Gone with the Wind.

Over Caragh Bell

Deze schrijfster van vier boeken heeft geen website en is daarmee een uitzondering in de boekenwereld. De drie boeken die ze voor Echoes of Grace heeft gepubliceerd vormen de trilogie Follow your heart en hebben Lydia en Luca in de hoofdrol. Deze twee vieren hun bruiloft in Echoes of Grace. Een interview met Caragh Bell over haar vierde boek is hier gepubliceerd.

Dit boek heb ik gekregen via de Librarything Early Reviewers.
Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.

De paradox van geluk van Aminatta Forna

Maanden geleden had ik al de intentie om dit boek te lezen en te bespreken samen met andere boekenbloggers. Het kwam er niet van. Ik wilde het boek niet aanschaffen en in de bibliotheek was het boek, de Engelse en de Nederlandse editie, voortdurend uitgeleend. Tot ik het een paar weken geleden eindelijk in handen kreeg. Deze week zag ik dat ik het eindelijk moest gaan lezen, omdat het alweer gereserveerd was. En daar heb ik geen spijt van.

De inhoud

Jean, een Amerikaanse van middelbare leeftijd is in Londen om stadsvossen te bestuderen. Omdat ze haar budget niet helemaal goed heeft ingeschat is ze genoodzaakt naast haar onderzoek tuinen in te richten. Ze loopt op de Waterloo Bridge letterlijk tegen Attila op. Attila is een Ghanese psychiater die gespecialiseerd is in PTSD. Ze leren elkaar beter kennen. Attila is in Londen voor een conferentie en om zijn oude vriendin Rosie op te zoeken. Zij heeft Alzheimer en heeft dat op relatief jonge leeftijd gekregen. Ze is van slag omdat haar vaste verzorger is ontslagen. Ook krijgt Attila een telefoontje van zijn nicht Ama die in het ziekenhuis ligt. Haar zoon Tano was tijdelijk in een pleeggezin geplaatst en is daaruit weggelopen. Jean helpt hem om Tano te vinden. Zij gebruikt haar kennis van vossen en hun leefgebieden om het gedrag van Tano te analyseren. Haar uitgebreide netwerk van straatvegers, portiers en andere mensen die haar helpen met het onderzoek naar de vossen helpt hen bij de zoektocht.

Aminatta Forna

Aminatta Forna, De paradox van geluk. Amsterdam: Nieuw Amsterdam, 2018.
Vert. van Happiness. – London: Bloomsbury, 2018.
Vert. door Aleid van Eekelen-Benders en Mariella Duindam

Wat was mooi?

Attila en Jean hebben allebei een verleden waar over wordt geschreven in terugblikken, die in het boek in vermoeiend cursief schrift worden weergegeven. En dat was ook het enige nadeel, want er zaten heel mooie dingen in dit boek.
Het netwerk van Jean bestaat uit mensen van verschillende afkomst, vaak Afrikaans. Ik vind het hartverwarmend zoals deze mensen zich inspannen om een in feite wildvreemde man te helpen met zijn zoektocht.
De natuur speelt een grote rol in dit boek. Het vossenonderzoek van Jean wordt hier beschreven en ook het coyote-onderzoek dat ze in Amerika heeft gedaan. De strekking van beide onderzoeken is duidelijk. Vossen, coyotes, ze komen in bewoonde gebieden door de mens zelf die vervolgens deze dieren aanduidt als gevaarlijk en ze weg wil hebben. Jean probeert aan te tonen dat het niet gaat werken maar wordt als maf vossenvrouwtje weggezet. Jean zelf, een vrouw die een daktuin heeft gemaakt en tuinen inricht als werk. Haar looprondje over een oude begraafplaats die vol staat met voorbeelden over de natuur die deze begraafplaats overneemt, een steen die door een boom de lucht is ingedrukt. De parkieten die hier hun nesten hebben.

Wat vond ik ervan?

Alles greep in elkaar. Er worden dingen uit het verleden weergegeven onder andere over het werk van Attila, waarvan je in eerste instantie de indruk hebt dat het niet belangrijk is. Dat is dus een vergissing want alles wat in dit boek wordt beschreven heeft een doel. Inclusief het werk van Attila. Ik geef toe, ik begreep het betoog over PTSD niet helemaal, maar vond het wel mooi beschreven. Het verhaal van de jonge vrouw die door boosheid en verdriet over de dood van haar man, een flat in brand steekt, vond ik ontroerend. De kern van het verhaal van Attila blijft staan. Trauma = lijden = beschadiging, maar niet altijd. Emotionele kwetsbaarheid na trauma wordt vaak omgezet in emotionele kracht (zie p. 405 voor het niet letterlijke citaat). Ik denk wel dat ik het nog een keer ga lezen, want er zaten vele randjes door het hele boek heen, en dat maakte het wat lastig om te lezen. Maar het is door die vele randjes wel een prachtig complex boek geworden dat ik in één adem heb uitgelezen.

Lalagé blogde over dit boek. Antoinette deed dat ook. Verder hebben Bettina en Jacqueline het boek ook gelezen en erover geschreven.

Lezen in maart: #ikleesNL

Maart is gewijd aan het lezen van boeken in het Nederlands, dankzij Sandra van ARDNAS. Ik heb besloten om geen uitgebreide aparte besprekingen te maken. Ik houd het bij korte besprekingen in deze blogpost die ik ga aanvullen deze maand.

De falende god

Het eerste boek dat ik heb gelezen is De falende god van Mike Jansen. Ik had hier best wel verwachtingen van, maar het is uiteindelijk tegengevallen. De korte inhoud: de drie huurlingen, Grim, Grijs en Thoreld zijn op de vlucht voor een eeuwenoud kwaad en in hun kielzog sneuvelen profetieën en escaleren lang sluimerende conflicten. Waarom viel het tegen? Vooral het eerste gedeelte vond ik rommelig. Na ongeveer honderd pagina’s begon het eindelijk te lopen. En toen kwam ik er ook achter waarom ik het niet zo leuk vond. Juist omdat er veel personages waren, kreeg ik geen band met ze. Aan het eind van dit 400 pagina’s tellende boek wist ik door de vel;e gebeurtenissen eigenlijk niet meer waar het over ging. De resterende twee delen ga ik niet lezen.

De falende god

Mike Jansen, De falende god. – Mechelen: Verschijnsel, 2012.
(Eerste kroniek van Cranborn)
ISBN 978-90-78720-29-4

Drakenkoningin

Het tweede Nederlandse fantasyboek dat ik lees, namelijk Drakenkoningin, het debuut van de Vlaamse An Janssens. Al zevenhonderd jaar lang wordt de mensenwereld geregeerd met ijzeren hand door één persoon. De koningin kan met magie gedachten planten – zo kan ze iedereen laten denken of zien wat zij wil. Er is een gebeurtenis waarnaar elke bewoner van haar koninkrijk reikhalzend naar uitziet: de wedstrijd waarmee iedereen – jong of oud, arm of rijk – kans maakt om zich de kroon toe te eigenen. Er zijn geen regels, slechts vijf proeven en één kans om het koninkrijk te winnen. Niemand verwacht dat de koningin, die tenslotte elke keer haar tegenstanders genadeloos wist uit te schakelen, zal worden verslagen. Totdat Thala, haar dochter, zich opgeeft voor de wedstrijd. Het levert een spannend verhaal op, dat goed is opgebouwd en dat ik in één ruk heb uitgelezen. Het is het eerste deel van een trilogie. De rest van de boeken gaan op mijn te lezen lijst.

Drakenkoningin

An Janssens, Drakenkoningin. – Amsterdam: Luitingh Fantasy, 2013. (Draken Trilogie; 1)
ISBN 978-90-245-6254-1

Een dag om nooit te vergeten

Op de kroningsdag in 1980 was ik op een haar na 16, het scheelde 12 dagen. Ik heb hoogstwaarschijnlijk tv zitten kijken en me zitten vergapen aan onze nieuwe koningin. Maar wat uit mijn geheugen was gezakt, was het feit dat er die dag hevige rellen in de hoofdstad waren geweest. Niet bij Annejet van der Zijl, die deze gebeurtenissen tien jaar na die dag als stagiaire bij de Haagse Post moest verslaan. Daar is dit boekje uit voortgekomen. Van der Zijl verslaat de rellen die op 30 april 1980 in de hoofdstad ontstonden. En ze gaat de humor niet uit de weg. Ik heb zitten schateren om sommige passages. Wat vooral opvalt? De chaos. In dit mobielloze tijdperk was de communicatie via radio uiterst moeilijk en letterlijk te volgen door de krakers. Ook de vele gevechten vallen op. Er wordt wat afgeknokt tussen de 6000 agenten uit het hele land en de krakers, relschoppers en toevallige passanten die wel zin hebben in een relletje.
Ik heb het met plezier zitten lezen. Een erg leuk boekje dat een duidelijk beeld geeft van de gebeurtenissen buiten de kroningszaal.

Annejet van der Zijl

Annejet van der Zijl, Een dag om nooit te vergeten: 30 april 1980 – de stad, de krakers en de koningin. – Amsterdam: Querido, 2013.
ISBN 978-90-214-4801-5

De leeuw en zijn hemd

De minibieb in mijn buurt is vaak rijk voorzien. Dit Boekenweekessay van Nelleke Noordervliet heb ik er ook uitgevist. Ze gaat uitgebreid in op onze collectieve houding ten opzichte van het verleden. De behoefte om de gouden tijden van ons land in één adem te noemen met de zwarte bladzijden heeft een geschiedenis. Waar zijn we trots op geweest en waarvoor hebben we ons geschaamd? Noordervliet gaat op reportage door het verleden. En dat maakt het een leuk essay. Nelleke als een soort embedded journalist in gesprek met personen uit de Nederlandse geschiedenis. Niet alleen notabelen als de heren XVII van de VOC, maar ook haar eigen familie. Ik wil even iets citeren uit dit essay: Wat misschien meer verbaast dan de gemoedsrust waarmee zeventiende-eeuwers (en lateren) de status quo van menselijke relaties in hun tijd aanvaarden, is het feit dat verandering mogelijk is. Dat die ergens begint. De oude gewoonten worden uitgedaagd door nieuwe denkers. Het valt Van Dam en Meester Fock niet te verwijten dat ze mannen waren van hun tijd. Het valt hun niet te verwijten dat ze niet voorop liepen als herauten van de Verlichting. Ik constateer alleen het verschil tussen toen en nu. Ons oordeel over goed en fout was het hunne niet. Dat is een kolossale gemeenplaats. Met welke maatstaf moeten we de vorige generaties meten? (p. 22) Wat mij betreft de kern van het essay.

De leeuw en zijn hemd

Nelleke Noordervliet, De leeuw en zijn hemd. – Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 2013.
ISBN 978-90-596-5195-1

Jas van belofte

Mijn laatste bijdrage aan #ikleesnl en dat is het boekenweekgeschenk van Jan Siebelink, Jas van belofte. Arthur Siebrandi wordt in een ambulance afgevoerd naar het ziekenhuis. Hij is er zeker van dat hij bezig is het leven te verlaten.
Bijna vanaf de andere zijde overziet hij wat hij achterlaat, en vraagt zich af of het genoeg is. Ik moet zeggen, ik ben er niet echt van gecharmeerd. Ik zat me tot halverwege het boek af te vragen wat ik nou eigenlijk zat te lezen en het werd me niet duidelijk. De personages hielpen ook niet echt, want ik vond Arthur een beetje vervelend pretentieus mannetje. Ik heb nooit iets van Siebelink gelezen en dat zal denk ik ook niet helpen. Nee, deze hoeft voor mij niet.

Jas van belofte

Jan Siebelink, Jas van belofte. Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek, 2019.
ISBN 978-90-5965-467-9

Een maand Nederlands lezen

Het heeft wel wat, een maand volgens een thema lezen. Ik lees weinig Nederlands, dat komt ook omdat ik dol ben op fantasy, en daarin ben ik al lang geleden overgestapt naar Engels. Ik heb deze maand vijf Nederlandse boeken gelezen en besproken in dit artikel. Dat beviel me eigenlijk wel. Geen grote blogs, geen enorme verhalen, gewoon even kort melden wat ik ervan vond. Volgend jaar doe ik weer mee.

Theater in romans: De Lessen

De lessen

De 38-jarige Eleonora is actrice. En ze is lerares in levenskunst. Ze leert jonge mensen hoe ze zich moeten kleden, hoe ze een gesprek voeren, hoe ze naar kunst moeten kijken, hoe ze muziek, elegantie, goed eten moeten waarderen. Ze heeft drie jonge jongens als leerling gehad en dat contact werd nooit al te persoonlijk. De 18-jarige Chirù is een talentvolle conservatoriumstudent viool. Hij zuigt alles op wat Eleonora aan ervaring en kennis heeft, alles is nieuw voor hem. Chirù is ouder dan haar andere leerlingen waren. Hij lijkt op haar, dat is voor haar een reden om hem als leerling aan te nemen. Haar goede vriend Fabrizio vindt dat hij te oud is. Ze houdt van hem. “Ik had kunnen zeggen dat ik Chirù had gekozen omdat ik van hem hield, en dan was dat waar geweest: ik hield van hem vanaf het eerste moment dat ik hem had gezien op het balkonterras van het bastion; maar ik hield ook van het almachtige gevoel dat ik kreeg door het besef dat ik zo’n absolute invloed op hem uitoefende dat die geen enkele dwang nodig had.” (p. 110) De theaterconnectie is wel duidelijk in dit boek. Eleonora is actrice. In het boek wordt onder andere verteld over het stuk waarin ze speelt en de tournee die ze maakt. Ze verkeert in artistieke kringen waarover ook wordt verteld in het boek.

De lessen

Wat vond ik ervan?

Het boek is een mengeling van Chirú, de lessen die Eleonora hem geeft en haar verleden. Het boek speelt zich grotendeels af op Sardinië waar ze ook haar jeugd heeft doorgebracht en die jeugd is niet bepaald gemakkelijk geweest. Murgia schakelt heel makkelijk tussen de lessen en het verleden, het heeft allemaal verband. Maar dat maakt het af en toe ook moeilijk om te volgen. Wat heeft verband en wat niet? Ik zit niet voor niets tegen het schrijven van dit blog aan te hikken. Ik heb met tussenpozen behoorlijk lang over dit boek gedaan en het was me onduidelijk waar het heen zou gaan. Dat helpt ook niet. Het wordt me wel duidelijk aan het eind dat er een reden is waarom Chirú door Fabrizio te oud wordt geacht. Het is in een situatie als die van beide hoofdpersonen heel makkelijk om de gevoelens en emoties te ver te laten gaan. Het was een mooi boek, vooral interessant vanwege het verleden van Eleonora en de lessen die ze daaruit haalt.

De lessen, Michela Murgia ; vert. uit het Italiaans door Manon Smits. – Amsterdam: Wereldbibliotheek, 2018.
Vert. van: Chirú. Turijn: Einaudi Editore s.p.a., 2015.
ISBN 978-90-284-2694-8

Meer boeken waarin theater een rol speelt? Kijk op mijn boekenpagina.

Hans Boland en de kunst van het vertalen

In het afgelopen jaar heb ik Anna Karenina gelezen met een aantal andere mensen. Ik ben toen begonnen met de vertaling van Wils Huisman uit 1965, heb ook een Engelse vertaling van Richard Pevear en Larissa Volokhonsky gelezen en ben tenslotte overgestapt naar de vertaling van Hans Boland. En Hans Boland heeft over deze vertaling weer een boek geschreven.

Het vak van vertalen

Ik heb in mijn kennissenkring een vertaler zitten en weet dat het een vak is. Want vertalen heeft niet alleen te maken met woorden overzetten uit een andere taal, maar ook met interpretatie. Kan je met een vertaling uit bijvoorbeeld Engels zelf nog wel denken dat je het beter kan verzinnen, met een vertaling uit het Russisch heb ik echt wel die vertaling nodig. Ruim dertig jaar geleden heb ik tijdens mijn studie een jaar Russisch gehad. Ik ben nu nog in staat die vreemde letters te lezen, maar daar blijft het wel bij.

Waar gaat dit boek over?

Dit boek gaat over vertalen en ook over keuzes die je maakt terwijl je bezig bent met vertalen. En het gaat ook over Tolstoj, zijn boek Anna Karenina en de Russische samenleving van de negentiende eeuw. Dit werk maakt het allemaal veel duidelijker. Ik heb Anna behoorlijk aandachtig gelezen omdat ik ook bezig was met bloggen erover, maar ik heb toch dingen gemist als ik dit werkje lees. Wat me bijvoorbeeld nu hielp was de vergelijking tussen de karakters (pp. 44-49). Anna en Karenin: “Hoewel ze met elkaar getrouwd zijn en hun huwelijk alleszins leefbaar is, bruist Anna van leven en is Karenin niet meer dan een robot.” (p. 45) Anna en Dolly: “De vrouw als minnares tegenover de vrouw als moeder. Anna sprankelt en schittert. Dolly heeft iets muizigs en klaagt en tobt eeuwig.” (p. 46) Wat Boland over de plot vertelt, bewijst voor mij dat er erg veel pagina’s geschreven zijn over niets. “De verhaalstof van de roman is de facto gebaseerd op de geschiedenis van één ongelukkige en één gelukkige liefde, beschrijvingen van het plattelands- en van het stadsleven, uiteenzettingen en discussies over maatschappelijke en filosofische thema’s – het agrarische vraagstuk, het feminisme, de dood, de kunst – en een zee van socializing.” (p.50) En dat zijn overigens ook thema’s die ik terug zie keren bij Oorlog en Vrede.

hans boland

Boland en zijn vertaling

Wat Boland zegt “De woorden van een literaire tekst zijn veel meer dan woorden alleen.” (p. 16) Zijn standpunt voor de vertaling van Anna Karenina gaat over vrij vertalen. Hij wil zijn eigen taal in volledige vrijheid los laten op het origineel. En dan die tekst zo kneden tot origineel en vertaling elkaar zo volledig mogelijk dekken. Hij is van mening dat een goed boek in een slechte vertaling een slecht boek wordt. Daarom is deze roman die als de beste van de negentiende eeuw wordt beschouwd in Nederland nooit zo’n daverend succes geworden. Daarvoor zijn volgens Boland de vertalingen te houterig. De stijl moet overtuigend zijn. “Wat de schrijver heeft te zeggen blijft onverstaanbaar zolang er iets wringt tussen taal en betekenis.” (p. 76) En wat eigenlijk wel grappig was om te lezen: het hoofdstuk over Slabberdewaski, en daarmee wordt Tolstoj bedoeld. Want hij was als redacteur van zijn eigen boek een sloddervos. Personen die twee keer opduiken en twee verschillende namen hebben, mensen die ineens van beroep veranderen, fouten in tijden, en ga zo maar door. Al met al is het een heel interessant boek om te lezen als je voor lief neemt dat Boland het af en toe wel heel goed weet. Zeker na het lezen van Anna Karenina in de vertaling van Boland. Of zoals ik gedaan heb, Huisman, Pevear/Volokhonsky, Boland, want daardoor heb ik de nodige vergelijkingen kunnen maken in de versies.

Hij kan me de bout hachelen met zijn vorstendommetje: over Anna Karenina en de kunst van het vertalen / Hans Boland. – Amsterdam: Pegasus, 2017. – 127 p.
ISBN 978-90-6143-430-6

The Librarian van Larry Beinhart

Ik ben aan The Librarian van Larry Beinhart begonnen in het kader van de maand van het vergeten boek. Lees een boek uit je eigen boekenkast dat ooit met veel enthousiasme daar in is beland en nu dus eruit komt. Met dit boek moet ik echt goed nadenken hoe dat in mijn kast is beland, maar dat ligt denk ik aan het beroep van hoofdpersoon David Goldberg die bibliothecaris is bij een universiteit.

Het verhaal

Universiteitsbibliothecaris David Goldberg gaat werken voor miljonair Alan Carston Stowe. De bedoeling is dat David het archief van Stowe gaat bewerken voor het nageslacht. Onbedoeld raakt David in de problemen doordat rechtse politici ongerust zijn over wat David zou kunnen vinden. Stowe financiert veel van hun activiteiten. Ze zijn bang dat hun vuile trucjes om ervoor te zorgen dat de Republikeinse president Augustus Winthrop Scott voor een tweede termijn wordt herkozen, naar boven komen. Scott, zoon uit een rijk Republikeins gezin heeft alles in zijn leven in zijn schoot geworpen gekregen. Hij is uit Vietnam weg gebleven door zich aan te melden voor de National Guard in tegenstelling tot zijn democratische tegenstander Anne Lynn Murphy die als verpleegkundige in Vietnam is geweest. Goldberg rolt hier per ongeluk in, weet iets, maar eigenlijk ook niets, gaat eigenlijk pas onderzoeken als hij wordt achtervolgd door de boeven en komt dan dingen te weten. En daarbij speelt de bibliotheek van Stowe een grote rol: “He [Hoagland] suddenly understood, that’s what this business about the library and a librarian was for. Who would care about the Stowe Library or even the Collected Papers of Alan Carston Stowe unless he was the Man Who Stole the Presidency? Otherwise he was nothing, just another man who’d made lots and lots of money, not even the most money, in a time when lots of men had made lots and lots of money. For all the people who sucked up to him on a daily basis, there was hardly anybody who’d remember hij a year after he died.” (p. 185) Uiteindelijk draait het rommelen met de verkiezingen allemaal om de staat Idaho, de staat waar Murphy vandaan komt. Een kleine staat met weinig stemgerechtigden waar de opkomst onwaarschijnlijk hoog is en waar de meerderheid voor Murphy stemt. Waarop het toch gunstig wordt voor Murphy, denkt de onschuldige lezer met nog zo’n honderd pagina’s te gaan.

Mijn leeservaring

Kort gezegd: het grappigste boek dat ik dit jaar heb gelezen. Het gebeurde me regelmatig dat ik in lachen uitbarstte over iets dat in het boek werd beschreven. Maar eigenlijk is het ook het meest droevige boek dat ik heb gelezen. Al in de eerste paar hoofdstukken kreeg ik de indruk dat ik dit boek op dit moment live beleef. De overeenkomsten tussen dit boek en de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 zijn wel heel groot. Ook hier een wat twijfelachtige Republikeinse kandidaat met het verschil dat Scott voor zijn tweede termijn bezig is. Zijn tegenstander is een vrouw, Anne Lynn Murphy is een voormalig verpleegster en voormalig arts die het tegen Scott opneemt. En dan ben ik ook bang dat, hoewel hier en daar overdreven, de niets ontziende moeite om de macht te veroveren redelijk waar wordt beschreven. Beinhart is goed in het beschrijven van personages met al hun merkwaardige karaktereigenschappen. Uiteindelijk is het een verhaal over helden, maar het kan ook over cynisme gaan, of over de heel kleine reden in een ver verleden waarom iemand iets zou doen. Het is een veel omvattend boek, met veel personages die ogenschijnlijk weinig met het verhaal te maken hebben, maar dat valt dan weer tegen. En waarom de ik-vorm in het boek? Het boek moet een schrijver hebben en David Goldberg geeft de reden waarom hij het boek ‘geschreven’ heeft: “And for myself. This time, this time, I was not just the keeper of the flame.” (p. 432)

Larry Beinhart

Larry Beinhart is het meest bekend als de schrijver van American Hero dat verfilmd is als Wag the Dog.

The Librarian / Larry Beinhart. – New York : Nation Books, 2004. – 432 p.
ISBN 1-56025-636-2

Anna Boom van Judith Koelemeijer #wijlezenannaboom

Een nieuwe leesactie en ditmaal met Anna Boom van Judith Koelemeijer. Van #wijlezenanna door naar #wijlezenannaboom. Een aantal andere boekenbloggers hebben dit boek ook gelezen en hebben erover geblogd, zie AntoinetteJannie, KarinLalagèSue en Sandra.

Anna Boom

In de zomer van 1942 stapt de tweeëntwintigjarige Anna Boom op de trein naar Boedapest. Ze wil weg, naar Géza, de veel oudere Hongaarse man op wie ze verliefd is. Tot dan toe leefde Anna met haar moeder in buitenlandse pensions, in een geïsoleerde wereld. Nu breekt ze eruit, ook al is het oorlog en is haar Hongaar al jaren getrouwd. De reis markeert het begin van een uitzonderlijk leven. In Boedapest komt Anna via een vriendin in aanraking met de Zweedse diplomaat Raoul Wallenberg en helpt hem met zijn activiteiten. Na de oorlog besluit Anna alles te vergeten. Ze reist een Franse ambassadeur achterna naar Praag, vertrekt met de boot naar Bombay om met een Zwitserse ingenieur te trouwen en komt op haar achtenveertigste uiteindelijk thuis bij een Hollandse KLM-baas in Estoril. Judith Koelemeijer reconstrueerde het levensverhaal van Anna Boom aan de hand van interviews, brieven, foto’s en historisch onderzoek.

De inhoud

Anna BoomOp 24 juni 1920 wordt Anna Boom geboren, haar moeder is dan 42. Haar ziekelijke vader overlijdt in november 1920. Anna en haar moeder leven in pensions en hotels in het buitenland. Het levensonderhoud wordt betaald van de erfenis. In 1941 verhuizen ze vanuit Boedapest naar Nederland, vanwege de Devisensperre. In 1942 gaat ze terug naar Boedapest, ze wil naar Géza, haar Hongaarse liefde. Haar moeder doet ook pogingen naar Hongarije te komen, maar dat mislukt. Hongarije heeft een grote Joodse gemeenschap die pas laat vervolgd wordt. Hongarije wordt pas in maart 1944 bezet door de Duitsers. Anna lijkt de oorlog niet bewust te beleven. Ze gaat werken voor Raoul Wallenberg en helpt joden met beschermingspassen en voedsel. Ze wordt gearresteerd en weet door brutaliteit haar leven te redden. “Wanneer Anna, toen ze al veel ouder was, terugdacht aan de laatste, chaotische oorlogsmaanden in Boedapest, leek het alsof er een acute mist opkwam in haar hoofd. Er doemden alleen flarden van verhalen op, zelden kreeg ze haar herinneringen scherp. Ze had na de oorlog een ‘rolgordijn’ neergelaten – alsof het mogelijk was met één enkel armgebaar alle herinneringen voorgoed in een donkere kamer weg te stoppen.” (p.84)

De mannen in haar leven

Tijdens de oorlog heeft ze een relatie met Géza, maar dat verwatert nadat ze zwanger wordt en een abortus ondergaat. Ook heeft ze iets met Otto Gratz, een aan opium verslaafde arts. In 1946, nog steeds in Boedapest, ontmoet ze Robert Faure, een Franse diplomaat. “Ze viel op zijn positie, zijn macht, zijn kennis; naast hem leek het of ze er zelf ineens ook meer toe deed.” (p. 129) Met zijn auto reist ze heel Europa door. “Toch was het vreemd. Hoewel ze steeds het avontuur zocht, had ze vaak het gevoel dat ze innerlijk niets meemaakte. Het was allemaal leuk en gezellig wat ze deed. Maar het drong niet echt tot haar door; het raakte haar niet.” (p. 147) In 1951 gaat ze skiën en tijdens die skitrip ontmoet ze Harry Keller, een Zwitserse ingenieur. Er waren al trouwplannen maar ze verbreekt de verloving met Faure. Ze vlucht in een huwelijk met Harry, of ze die werkelijk lief heeft weet ze niet. Ze woont met hem in een Zwitserse kolonie in Perambur, in India. Het is ronduit saai voor haar. In het voorjaar van 1957 gaan ze terug naar Europa en Anna ontmoet Jan van Oldenborgh, hij werkt bij de KLM. Ze krijgen een verhouding. Pas in 1967 heeft ze de moed Harry te verlaten. In 1968 trouwt ze met Jan. Ze gaan in Portugal wonen. Jan overlijdt in 1999, Anna is in 2017 overleden. Ik ben hier niet echt tevreden over het verhaal. Het is wat vaag allemaal. Er komt niet echt uit waarom ze met Faure wil trouwen en vervolgens vlucht in een huwelijk met Harry. En ze is gelukkig met Jan, maar waarom? Geen idee.

Haar verhaal

Ze vertelt Jan van haar oorlogsavonturen, ze heeft brieven en getuigenissen van mensen die ze heeft geholpen. Zelf is ze het eigenlijk grotendeels vergeten. En hij hoort de verklaring voor een terugkerende droom van haar, waarin ze om een revolver gilt. Ze blijkt een Russische soldaat te hebben gedood, die een meisje verkrachtte. Begin jaren negentig komt ze in het nieuws met haar verhaal, onder andere in een talkshow met Karel van de Graaf. In 1995 wordt ze geëerd voor haar werk tijdens de oorlog. In 1999 overlijdt Jan. Ze reist veel, en ontmoet de dochter van Géza die ze ook vertelt dat zij een verhouding had met haar vader. Het boek is in 2008 gepubliceerd.

Leeservaring

Ik had veel van dit boek verwacht gezien het levensverhaal van deze dame, want dat leek me echt wel de moeite waard. Haar verhaal tijdens de oorlog is zeker interessant om te lezen. Ze heeft zeker wel wat meegemaakt, maar haar leven na de oorlog is naar mijn idee niet echt interessant. Ook krijg ik niet echt een beeld van de vrouw Anna, ze blijft abstract. Het raakt me niet, het komt niet bij me binnen. De vrouw Anna blijft ver me van me af staan en komt niet dichterbij. Wellicht was een andere opzet beter geweest, want nu lees je het als een roman, in plaats van een biografie. De schrijfstijl van Judith Koelemeijer helpt voor mij ook niet echt. Het viel dus eigenlijk een beetje tegen en kreeg van mij drie sterren op Goodreads.

Over Judith Koelemeijer

Judith Koelemeijer debuteerde in 2001 met Het zwijgen van Maria Zachea, waarmee ze haar naam als schrijver van literaire non-fictie vestigde. In 2008 verscheen Anna Boom, dat boek is ook in het Duits vertaald.

Anna Boom / Judith Koelemeijer. – Amsterdam: Uitgeverij Atlas, 2008.
ISBN 978-90-5807-321-1

Ik lees Oorlog en vrede, jij ook?

Na het lezen van Anna Karenina, was ik eigenlijk toch wel benieuwd naar het andere meesterwerk van Leo Tolstoj, namelijk Oorlog en Vrede. En ik was ook benieuwd of andere mensen nog zo’n Russische klassieker zouden willen lezen en dacht dus aan een leesactie.

De inhoud

oorlog en vredeHet verhaal draait om de adellijke families Bezoechov, Bolkonski en Rostov en beschrijft het leven van deze families tegen de achtergrond van de oorlogen tegen Frankrijk, eerst onder aanvoering van tsaar Alexander I, later onder aanvoering van maarschalk Michail Koetoezov en zijn generaals Michail Barclay de Tolly en Pjotr Bagration. Het gaat hier om oorlogen die in 1805 en 1812 zijn gevoerd. Het verhaal wisselt beschrijvingen van het leven bij de adellijke families thuis af met uitvoerige beschrijvingen van de veldslagen. De hoofdpersonen zijn graaf Andrej Bolkonski, een officier in het Russische leger. Pierre Bezoechov is een feestbeest en de bastaardzoon van een schatrijke graaf. Natasja Rostova is een jong meisje uit een verarmde familie. Zij verlooft zich met Bolkonski maar wordt verleid door Anatole Koeragin en beëindigt de verloving met Andrej.

Mijn versie

Ik heb nu een Nederlandse vertaling in huis die ik van de bibliotheek heb geleend, een vertaling van Yolanda Bloemen en Marja Wiebes die door Van Oorschot is uitgegeven in de Russische bibliotheek in 2006. Ondertussen heb ik ook de Engelse editie in de vertaling van Richard Pevear en Larissa Volokhonsky. Voor wie denkt, goh, die namen zijn bekend, dat klopt, want ze hebben ook Anna Karenina vertaald.

Leesschema

Het boek is verdeeld in vier delen en heeft twee epilogen. Bij Anna hielden we een schema aan van ongeveer 150 pagina’s per tien dagen. Oorlog en vrede is verdeeld in vier delen die elk rond de 400 pagina’s tellen, behalve het vierde deel, maar samen met de twee epilogen is dat ook ongeveer 400 pagina’s. Ik ben van plan erover te bloggen. Het lijkt me het handigste als er geblogd wordt per deel, maar dan is het ook handig om mensen wat meer tijd te geven. Ook gaf iemand aan wel mee te willen doen, maar niet meteen tijd te hebben. Daarom heb ik het volgende schema bedacht:
15 december: deel 1
29 december: deel 2
12 januari: deel 3
26 januari: deel 4 en epilogen
Voor mij werkt dit, Anna heb ik ook tussendoor gelezen. Als het te optimistisch is kunnen we het aanpassen. Maar de interactie over zo’n boek lijkt me heel leuk, en natuurlijk de onderlinge aanmoedigingen. Een hashtag is makkelijk, namelijk #wijlezenoorlogenvrede. Ik lees Oorlog en vrede, wie doet er mee?

Anna Karenina deel 7 en 8 #wijlezenanna

De laatste etappe van de leesactie #wijlezenanna. Deel 7 en 8 zijn vrij kort en komen daarom in één bespreking.

Deel 7: de Ljovins

De Ljovins zijn neergestreken in Moskou om te wachten op de bevalling van Kitty. Het is aanpassen voor Ljovin want in Moskou heeft hij weinig te doen. Hij mengt zich volop in het adellijk leven en ontmoet Vronski. Ook gaat hij op bezoek bij Anna die al drie maanden in Moskou is en het huis niet uitkomt. Hij is enorm onder de indruk van Anna en dat is tegen het zere been van Kitty die haar een walgelijke vrouw vindt. Het ligt in de natuur van Anna. “Onbewust had ze zich met Ljovin net zo gedragen als ze dat de laatste tijd in haar omgang met jonge mannen gewend was geraakt: ze had de hele avond al het mogelijke gedaan om een vonk van liefde in hem te ontsteken en wist dat ze daarin was geslaagd, voor zover dat mogelijk was met een getrouwde en integere man, en dan nog wel in de loop van één avond.” (p. 870) Maar de natuur gaat ook gewoon door en de baby van Kitty wordt geboren. Die arme Ljovin loopt helemaal hulpeloos hierbij rond. Het werk wordt aan de dames overgelaten.

Anna en Vronski

Oblonski gaat op bezoek bij Karenin om hem on steun te vragen want hij wil een baan. Hij zit bijna aan de grond, zijn financiële problemen zijn groot. Maar ook wil hij nogmaals pleiten voor een scheiding voor zijn zuster, zodat ze gelukkig kan worden. Na consultatie van zijn helderziende Jules Landau weigert Karenin. Het wordt moeilijker en moeilijker voor Anna en Vronski om samen te leven. Anna wil terug naar het platteland, maar dat lukt niet meteen voor Vronski. Ze krijgen weer ruzie, Anna zwelgt in zelfmedelijden en ziet maar één oplossing: sterven. “De schaamte en schande van Karenin, en van Serjozja, en van mezelf, die al het andere in de schaduw stelt: het zal allemaal ophouden te bestaan. En als ik doodga zal ook hij berouw hebben, hij zal met me begaan zijn, van me houden, lijden.” (p. 920) En dat gevoel van de dood wordt een obsessie. Ik denk dat haar gebruik van opium ook niet echt helpt. Zelfs met de geringe kennis die ik van dit verhaal had voor het lezen van het boek, wist ik dat Anna tenslotte overlijdt omdat ze zich onder een trein gooit. En dan is dit een wrang stukje voorkennis.

Deel 8

Heel eerlijk: ik vond het niet het meest interessante deel. In het vorige deel is het leven van Anna tot een einde gekomen. Nu wordt er een eind gebreid aan alle verhaallijnen. Ik heb me wel zitten afvragen over welke oorlog we het hadden in dit deel, maar dat is de Russisch-Turkse oorlog geweest die in 1877 begon en in 1878 eindigde met de vrede van San Stefano. Vronski vond ik hier eigenlijk nog het meest interessant van alle personages in dit deel. Zijn terugblik over Anna geeft eigenlijk wel de essentie weer. “Hij probeerde zich haar te herinneren zoals ze de eerste keer, op een ander station, was geweest, vol mysterie, charmant, liefhebbend, met de belofte van een geluk waarnaar ze verlangde én dat ze weg wilde schenken, en zo anders dan de wrede, wraakzuchtige vrouw die hem was bijgebleven van de laatste minuten met haar.” (p. 965) Het gaat om het verhaal van de liefde en wat er allemaal in de weg kan komen.

Vertalingsdingetjes

Dan kom je woorden tegen en denk je, hoe komt meneer Boland erop? Kijk bijvoorbeeld hoe Jules Landau wordt aangeduid, de helderziende die Karenin van advies voorziet. Boland vertaalt het als Fransoos, hetgeen ik meer als een scheldwoord zie, terwijl de Engelse editie het bij Frenchman houdt. Huismans zegt Fransman (deel 7, hoofdstuk 21). In het volgende hoofdstuk vinden we Landau weer met zijn “mooie, onnozele dan wel lepe ogen” (p. 910). Huismans houdt het op “mooie, naïeve of schurkachtige – […] ogen” (p. 847). De Engelse editie zegt “Landau’s beautyful eyes – naive or sly”. Ik ben me ervan bewust dat dit ook een kwestie van interpretatie kan zijn. In Van Dale vindt je bij “sly” ook leep als vertaling. Maar bij “leep” wat ik dan weer meer als een populaire uitdrukking zie, vind je “loos, slim” als betekenis. Hoe dan ook, Landau wordt als bedrieger gezien.

Mijn conclusie

Als leesactie vond ik dit erg leuk: verschillende boekenbloggers die met zijn allen een boek lezen en dat bespreken. Je ziet dat al die mensen verschillende dingen opvallen en daarover schrijven. Het boek zelf vond ik hier en daar toch wel wat langdradig, zeker deel 3. Bloggen over elk deel was lastig, bleek bij deel 3, ik was op vakantie, het lukte niet, en deel 3 en 4 heb ik toen samengevoegd. Dat bleek voor meer bloggers zo te zijn, want van de vijftien van het begin zijn er geloof ik vijf overgebleven. Bloggen over zo’n dik boek in etappes: het blijkt moeilijk te zijn zonder spoilers. Voordeel: ruimte voor mooie citaten en vergelijkingen tussen vertalingen, want ik had op een gegeven moment twee Nederlandse vertalingen en één Engelse vertalingen. Neemt niet wel dat ik achteraf wel enigszins jaloers ben op de mensen die ervoor kozen het bij één bespreking te houden, zoals Niek. En 1000 plus pagina’s? Aan het eind is het toch heel veel.

Mijn besprekingen van dit boek zijn te vinden onder één tag op mijn blog: Anna Karenina.

Anna Karenina deel 6 #wijlezenanna

Dit is alweer deel 6 van de Anna Karenina leesactie. Ik heb deel 6 in de editie van Hans Boland gelezen en ik moet zeggen, dat was een prettige ervaring. Wel heb ik af en toe zitten bladeren in de Huismans editie en in de Engelse editie, al was het maar om de verschillen in de vertalingen te bekijken.

De zomer

Deel 6 begint met een typische zomer op een Russisch landgoed, namelijk dat van Ljovin en Kitty. Dolly en de kinderen zijn er, de moeder van Kitty en Koznysjev, de halfbroer van Ljovin. Ook de vriendin van Kitty, Varinka, is aanwezig. Een nieuwe gast, Vasinka Veslovski zorgt voor jaloezie bij Ljovin, hij is er van overtuigd dat de man achter Kitty aanzit. Na wat strubbelingen, onder andere het onhandig gedrag van Vasinka bij een jachtpartij, wordt hij eruit gezet.
Koznysjev en Varinka vinden elkaar aardig, dat is wel duidelijk, maar tot een huwelijksaanzoek komt het niet. En dit is ook de enige gelegenheid dat deze twee bij elkaar worden geplaatst. Was er verder geen ruimte meer in het verhaal? En het is zo’n prachtige beschrijving van Varinka “die juist op dat moment in haar gele kleedje met de mand vol paddestoelen aan haar arm bijna zwevend voor een oude berkenstam langs liep, tot één wondermooi schilderij vervloeiend met de achtergrond van akkerland vol rijpende haver, badend in de schuine zonnestralen, tot aan de horizon, waar het oude woud versmolt met de diepblauwe lucht?” (p. 699-700).

Anna

Dolly maakt een uitstapje naar Anna die samen met Vronski en hun dochter op het landgoed van Vronski wonen. Anna lijkt volmaakt gelukkig. Het verschil tussen beide vrouwen, Anna die zich drie keer per dag kan verkleden, Dolly die haar eigen kleding repareert, is groot. Vronski begint tegen Dolly over de scheiding waar Karenin nog niet mee heeft ingestemd en vraagt Dolly Anna over te halen een brief te schrijven naar Karenin. Maar Anna wil zich niet vernederen. Het gaat om stand. In Petersburg werd ze niet goed behandeld, ze ziet dat niet goed komen. Dolly vraagt Anna te begrijpen waarom Vronski de scheiding wil, vanwege hun dochter die hij wil erkennen en vanwege kinderen die nog komen. En hier zit iets in de vertaling, want Anna zegt dat er geen andere kinderen komen en waarom wordt niet genoemd, maar evenmin in de andere twee versies. Volgens Boland is abortus uitgesloten (p. 786). En dan is er nog het probleem van Serjozja en Vronski. “Het zijn de enige twee schepsels waarvan ik hou, en ze sluiten elkaar uit. Ik kan ze niet samenbrengen, al is dat wat ik nodig heb. Verder niets. En als het niet lukt, dan maakt de rest niet meer uit. Helemaal niets. Op een gegeven moment komt er een eind aan, hoe dan ook.” (p. 791) Ondertussen kan Vronski gaan en staan waar hij wil, zij niet. Dat maakt het leven moeilijker voor hen, omdat Anna afhankelijk van hem is en het zorgt voor strubbelingen en ruzies. Meer en meer komt het voor dat Vronski met een koude blik naar Anna kijkt en ze is bang dat hun liefde verdwijnt. Uiteindelijk zorgt de verslechterde relatie tussen hen er indirect voor dat Anna een brief aan haar man schrijft en ze naar Moskou verhuizen.

Mijn besprekingen van dit boek zijn te vinden onder één tag op mijn blog: Anna Karenina.